×

Yoors


Inloggen
×

Yoors











De rare kwast (Deel 15).

De rare kwast (Deel 15).


De rare Kwast (Deel 1)

Wil je graag bij het begin beginnen?

Armada en Elize stelden iedereen gerust en legde uit dat hoewel de draak weg was en er hulp was gekomen voorlopig iedereen in de grot zou blijven! Hij hielp de Magiër overeind en hielp hem naar een plek waar twee herten vol overgave een rustplaats voor hem aan het maken waren met wat hooi en takken. De Magiër liet zich daar op die mooie plek zaken en liet weten even te moeten rusten. Niet snel daarna zakte hij weg in een diepe slaap.

Armada kwam naast hem op de rotsblok zitten en zei: “Ik wil naar buiten als er hulp is wil ik niet dat ze in ons bos alleen rondlopen, wil je me alstublieft helpen?” Hij bedacht zich geen moment en stond op en antwoordde: ”Kom dan gaan we samen!” Ook Elize sloot zich bij hen aan en de oudste eenhoorn en een groot wit hert! Zo stapten ze samen uit de grot en liepen richting het bos. Verslagen en ook boos door de verwoesting die ze zagen, liepen ze zwijgend verder!

Bij het meertje zagen ze hen staan en hij stapte voor Armada en Elize die beide geflankeerd werden door het hert en de eenhoorn. Het was heel indrukwekkend wat ze voor zich zagen. Er stond namelijk een sneeuwwitte gigantische draak aan de rand van het meer en een centaur die hij tot nu toe alleen kende als een mythisch wezen uit de Griekse mythologie. Naast hen stonden 6 kleine wezentjes met lange smalle ledematen en kleine neusjes en grote ogen. Ze leken geen oren te hebben! 

Toen ze het vijftal zagen maakte de rest plaats voor de draak die diep vooroverboog en sprak: “Mijn naam is Percival en ik wil allereerst mijn diepe verontwaardiging en spijt uitspreken over de verwoesting en de angst en onrust die mijn landgenoot Jabor heeft veroorzaakt. Neemt u alstublieft mijn excuses aan en gelooft u mij als ik u zeg dat zijn gedrag ongehoord is en hij zijn straf niet zal ontlopen. Wij willen heel graag helpen de schade die hij heeft aangericht zo snel mogelijk te herstellen!”

Iedereen zweeg en het was het grote witte hert dat als eerst sprak: “Neemt u ons onze voorzichtigheid en wantrouwen niet kwalijk, we zijn blij dat u Jabor mee terug heeft genomen naar u land en vinden het zeer fijn te horen dat hij zijn straf niet zal ontlopen daar hij veel verdriet en schade heeft aangericht. En we willen graag met u samen werken om de schade te herstellen!” Mijn naam is White en dit is Armada en Elize, de eenhoorn luistert naar de naam Sparks en de mens is nog niet zolang bij ons.

Potverdorrie dacht hij een naam, hij haatte zijn naam. Zijn naam was voor hem verbonden met zoveel ellende en weinig goede herinneringen. Als heel lang was hij oom of man en later buurman of rare kwast geweest. Zelfs op brieven liet hij met opzet zijn voorletter weg en adresseerde met Dr Janssen. Ik ben Janssen en Janssen zei hij ook wel eens voor de grap want hij voelde zich zo, zijn echte persoon en die die hij voor de buitenwereld speelde. De laatste jaren was hij steeds meer zichzelf geworden maar had zich ook steeds meer van andere mensen terug getrokken. Alleen zijn was prima. Zo voelde hij niet meer als hij hier was. Hier voelde hij weer als zichzelf! Hier voelde hij zich weer waardevol samen met anderen.

Hij schrok uit zijn overpeinzing, nu stond hij hier met een draak en een centaur en een eenhoorn en geweldige mensen en stond te piekeren over zijn naam. Tot zijn schrik zag hij dat de neus van de draak nog maar enkele centimeters van zijn gezicht vandaan was en hij voelde dan ook de zachte warme wind uit diens neusgaten komen toen hij sprak: Jouw oude naam voldoet niet meer, je hebt een nieuwe nodig. Vanaf dit moment zul je door het leven gaan als Ronan. In onze wereld betekent Ronan “Berg van kracht” zo gaan we je noemen! Hij stond een beetje onhandig aan zijn hemd te plukken, hoe kon de draak dat nu weten. Of had hij soms hardop gedacht?

"En nu Ronan moet ik aan de slag met jullie toestemming". De draak knikte en Ronan en de andere vier knikte terug! Ronan hij heette Ronan een naam met kracht en hij dacht dat hij zijn geluk niet op kon. Maar het werd nog beter! De draak die was opgestegen en door het luchtruim boven hun berg gleed verspreidde met iedere slag van zijn vleugels een soort van witte glinsterend poeder, het vulde de lucht en bedekte de berg met een dunne witte laag. Waar minuten geleden nog verschroeide aarde en afgebrande bomen hadden gestaan zagen ze nu voor hun ogen een groene laag ontstaan door het wit heen. Kleine plantjes ontkiemden en binnen enkele minuten was van de zwarte chaos op de berg niets meer te zien.

Ronan zag vanaf de berg enkele draken opstijgen en met de witte draak hun ronde draaien boven de berg en hoewel zij niet met poeder konden strooien voelde je hoe ze elkaar met kracht en energie voedde. Die stroomde terug naar de berg en de berg ontwikkelde zich voor hun ogen! Binnen enkele uren was de berg weer geheeld misschien zo goed als van te voren en misschien zelfs nog wel veel beter!

De draak keerde terug en ondertussen had Elize de anderen uit de grot gehaald om te laten zien wat hun bezoekers hadden gedaan met de berg. Iedereen was blij en opgewonden en dankbaar voor de hulp. Vol ongeloof werd er naar de berg gekeken en er steeg een applaus op en geroep uit dankbaarheid van hen die daartoe in staat waren!

Er werd drank en voedsel voorbereid en er werd samen een maaltijd genuttigd. Er werd druk gepraat en ook de Magiër was weer fit en nam de leiding van de gesprekken samen met Ronan over van de dames die bedachten dat het tijd was om voor de gewonden te gaan zorgen! Maar de draak sprak voordat ze konden gaan! “We zijn nog niet klaar dames, ook het bos willen en kunnen we niet zo achterlaten. Sta ons toe jullie nogmaals te helpen vrienden!”

Veel leesplezier en tot een volgende blog!