Het leed dat kinderporno heet... (10) Z

Het leed dat kinderporno heet... (10)

Dat simpele alledaagse dingen grote problemen kunnen opleveren in het dagelijks leven, heb ik al het een en ander over geschreven. Toch zou het goed zijn als de zorgsector meer zou leren over getraumatiseerde patiënten, en dan heb ik het echt over de hele sector. Huisartsen, tandartsen, ziekenhuizen etc. De cijfers liegen er niet om, zij moeten wel dagelijks te maken krijgen met mensen die een trauma hebben. Ik denk serieus dat er veel winst te behalen is.


Enkele jaren geleden werd ik voor het eerst in mijn leven gepland geopereerd. Ik wilde dat dus even goed gaan regelen. Had in die tijd namelijk al door dat ik weliswaar op moeilijke momenten niets kon voelen, maar dat dit er later dan dubbel en dwars uit kwam. Dan staken gevoelens van frustratie en agressie de kop op en ik kwam erachter dat dit een machteloos gevoel was, dat ik op het 'moment supreme' verdrong. Misschien moest ik daar wat mee. Dat 'moment supreme' zorgvuldig aanpakken. Omdat we immers in het 'nu' zijn en mijn hele systeem wellicht zou denken weer in de overleefstand te moeten gaan, maar wie weet kon ik het leren dat dit nu echt niet meer nodig was. En zo probeerde ik vol goede moed dit in goede banen te leiden, hoewel ik nog steeds best gebukt ging onder schuldgevoel. Ik moest het aangeven van mijn grenzen dus echt uit mijn tenen halen.


Op naar het ziekenhuis dus, ik had een afspraak met de chirurg en de anesthesist. De laatste keer dat ik in een ziekenhuis was, ben ik halsoverkop op de vlucht geslagen. Toen de chirurg me doorstuurde naar de afdeling patiëntenfotografie. Ik had daar nog nooit van gehoord en snapte niet helemaal wat ik daar nou moest doen. Dus toen ik me er nietsvermoedend meldde en ze me vertelden dat ik zonder kleding zou worden gefotografeerd, raakte ik volledig in paniek. Logisch, als je een groot deel van je leven naakt bent gefotografeerd en gefilmd. Maar zo kon ik niet eens denken. Ik kon helemaal niet meer denken. Behalve dat ik de uitgang zocht. Ze zagen, en die mensen waren echt heel aardig, dat ik schrok en wilden me nog geruststellen door me te laten zien hoe het zou gaan. Maar toen ik om de hoek keek en de fotografiestudio zag, met van die lampen er boven en een soort van podium waar ik zou moeten staan, heb ik me omgedraaid en ben weggerend. Een week later belde ik met knikkende knieën alle vervolgafspraken af.


Ik zou nu wel even goed aangeven waar ik last van had, was mijn idee. Dus ik noemde even bij de chirurg tussen neus en lippen door dat ik getraumatiseerd ben en dat ze misschien met een paar zaken een beetje rekening konden houden. Ik vond dat toen nog echt heel erg moeilijk om aan te geven. De anesthesist, daarvan had ik al meteen door dat hij niet echt luisterde naar wat ik wilde zeggen. Hij was er ook zelf niet die dag, dat zou een collega zijn. De therapeut die ik destijds had belde nog met wat tips voor de mensen die me zouden opereren. Maar toen ik me die ochtend meldde, wist ik direct: niemand weet het. Ik gaf me gewonnen: laat maar. Ik zet mijn verstand wel op nul.


Na een hele dag wachten, er was wat vertraging, was het mijn beurt. Er was haast, ik was inmiddels de laatste van de dag. Waarschijnlijk wilde iedereen op tijd naar huis, dus toen ik de operatiekamer werd ingereden werden mijn armen alvast vastgebonden voor ik onder zeil was. Dat doen ze altijd, hoorde ik later, maar ze wachten daar normaal mee tot je onder narcose bent. Nu zat iedereen tegelijk aan me te trekken. Ik werd vastgebonden, allemaal hoofden boven me, niemand die iets tegen MIJ zei over wat ze aan het doen waren en wat er ging gebeuren. Dat had ik namelijk explicitiet gevraagd, of ze me ter plekke gewoon even konden vertellen wat ze precies deden. Kortom: ik was in blinde paniek toen ik de narcose in ging. En zo werd ik dus ook weer wakker.


Het was zelfs zo erg dat mijn hele lijf in een soort van verkramping zat, dat ik niet naar huis kon, omdat ik niet meer kon plassen. Mijn lijf had zich zo schrap gezet, het kon niet meer loslaten. En niemand snapte dat. Er was zelfs irritatie bij het personeel en ik durfde natuurlijk helemaal niks meer aan te geven. Dus er zou wel even een katheter worden ingebracht, en toen drie verpleegkundigen dat niet lukte, mijn lijf hield het gewoon tegen, werd ik naar een poli gebracht waar het feitelijk met geweld wel lukte, mijn blaas weer leeg was en ik naar huis kon. Voor hen was de missie geslaagd. Ik heb hier maanden last van gehad.


Dat het ook anders kan bewijst mijn huisarts. En het is zo simpel eigenlijk.


Toen ik mijn huisarts leerde kennen wist ze niks van me. En ik vertelde ook niet waarom ik opzag tegen een onderzoek dat veel vrouwen sowieso al vervelend vinden. Maar, ze vroeg ernaar. Of ik toevallig nare ervaringen had. Dat was al een verschil. Iemand die mij iets vraagt. Toen het zover was, ging ik liggen, verstand op nul. Doe maar wat er gebeuren moet dan is het zo snel mogelijk voorbij. Niets aan de hand, zou je denken. Maar mijn huisarts viel dat op wat ik nog niet eens doorhad bij mezelf en zei daar later over: ik zag je gewoon vertrekken uit je hoofd. Dus zij benoemde dat op dat moment, vroeg wat er gebeurde en of ze even met me moest blijven praten. Ja. Graag. Echt, ik kon wel janken. Niet om het onderzoek, maar dat iemand vroeg naar hoe ik me voelde, iets wilde doen zodat het minder vervelend was.


En zo liet iemand me zien, dat ik in het 'nu' niet al mijn oude verdedigingsmechanismen uit de kast hoefde te trekken. En voor het eerst stond ik na iets wat ik heel erg vervelend vond, niet buiten met het gevoel dat ik het liefst alle auto's in die straat wilde bekrassen en twee lantaarnpalen omver wilde trappen vanwege enorme gevoelens van woede. Zo gaf iemand me het gevoel dat er rekening met me kan worden gehouden en hoe nodig dat is. Opluchting, dat het best meeviel.


Ik denk dat op dit vlak in de zorg nog heel veel te halen is.




Share
DM