×

Yoors


exit_to_app Inloggen

camera_alt
Afbeelding toevoegen
60
Mandala's tekenen afl. 6

Mandala's tekenen afl. 6


Zoals beloofd gaan we in deze aflevering aan de gang met kleuren. We beginnen met een stukje materiaalverkenning. Voor deze oefening heb ik kleurpotloden gebruikt. Mijn kleurpotloden zijn aquarelpotloden die ik droog gebruik. Goede kleurpotloden zijn duur en het is zaak er zorgvuldig mee om te gaan. Het is belangrijk de punten te beschermen. Zelf heb ik een etui waarin de potloden d.m.v. elastiek op zijn plaats gehouden worden. Wanneer je je potloden los in een doos hebt is het handig aan de kant waar de punten liggen een stuk vilt of schuimrubber te plakken. 


Vaak verdwijnt het grootste deel van een potlood in de prullenbak door het punten slijpen. Door verkeerd bewaren, laten vallen of teveel druk uitoefenen breken de punten en dan wordt er al gauw een halve centimeter afgeslepen om weer een punt te krijgen. Je werkt het zuinigst met je potloden wanneer je geen puntenslijper gebruikt, maar in plaats daarvan alleen het hout wegsnijdt met een scherp mesje. Dat vergt wel wat handigheid maar is zeker de moeite waard om te leren.
Bij het mandala inkleuren hebben we zelden een punt nodig, het kan zelfs heel vervelend zijn omdat die harde lijnen geeft en sneller brokkelt. Slijp dus alleen een echte punt als je die nodig hebt. Je kunt ook een stukje niet te grof schuurpapier bij je kleurpotloden bewaren en dat gebruiken om een scherpe punt te maken aan stiften die nog lang genoeg zijn.  Haal je potlood na het slijpen even over een stukje keukenpapier om eventuele korreltjes of scherpe randjes te verwijderen. Wen je aan om tijdens het kleuren je potlood regelmatig te draaien zodat de punt gelijkmatig afslijt.

De eerste oefening doen we met één kleur op restjes papier, bijvoorbeeld gebruikte enveloppen.  Ga met het potlood in een heen en weer gaande beweging over het papier zonder veel druk uit te oefenen.  Doe hetzelfde ernaast met iets meer druk. Je zult zien dat je door meerdere keren zachtjes over dezelfde plaats te gaan dezelfde kleurintensiteit kunt bereiken als met veel druk, maar het resultaat veel gelijkmatiger en streeplozer wordt. 

Bij het tweede deel van bovenstaande afbeelding zijn de kleuren in verschillende richtingen over elkaar gezet. Bekijk het resultaat, wat zijn de verschillen, wat vind ik lekker werken. Dat kan trouwens per soort kleurpotloden verschillen. Je kunt dan ook het best potloden van dezelfde soort gebruiken. Merkverschil hoeft geen probleem te zijn. Ik gebruik aquarel kleurpotloden van de merken Caran d'Ache, Talens en Bruynzeel door elkaar.

Bij de tweede oefening gaan we kleuren over elkaar gebruiken en bekijken wat voor verschillen dat op kan leveren. Bij de bovenste drie rijen is links eerst geel aangebracht, Daarna is daar een kleur half overheen gezet met rechts een deel waar geen geel onder zit. Over het rechterdeel van die kleuren is dan weer geel gezet. Je zult merken dat het duidelijk verschil maakt welke kleur je eerst opzet.

Het witte potlood wordt door de meeste mensen niet of nauwelijks gebruikt en al zeker niet op wit papier. Toch kun je daar veel mee doen. In de tweede rij zijn drie kleuren groen gebruikt. Een hele baan lichtgroen, dan middengroen over 2/3 van de baan en over de helft daarvan dan links donkergroen. Het onderste gedeelte is in zijn geheel met een wit potlood bewerkt.  De kleuren worden daardoor veel egaler met elkaar gemengd en het geeft een glanseffect.

In de onderste rij is onder het bovenste gedeelte eerst een laag wit aangebracht. Het is duidelijk te zien dat de daarna aangebracht kleuren zich meer met elkaar mengen dan in het onderste gedeelte. 

De volgende oefeningen kun je doen op (kopieën van) de oefeningen die je al gedaan hebt. Bij kopieën kun je geen lijnen meer weghalen, maar dat is voor het oefenen niet zo belangrijk.

Voor deze oefening heb ik 4 gelijke gedeelten van een basistekening gebruikt.

We beginnen met blauw en groen. In A is het vlak met de lichtste kleur en lichte druk egaal ingekleurd. In B is extra kleur aangebracht door een tweede laag met dezelfde kleur. In C is een gedeelte met de middelste kleur bedekt en in D met de donkerste kleur.

Bij het gele gedeelte is de werkwijze iets anders In A is het hele vlak eerst met lichtgeel ingekleurd en daarna een gedeelte met een iets donkerder geel. In B is daar oranje aan toegevoegd en in C rood. In D is het hele vlak nogmaals met de lichtste kleur geel bewerkt waardoor alle kleuren in elkaar overvloeien.

In de vlakken 1,2,3,4, is steeds een dunne, egale laag geel aangebracht. Daarna is vanuit het smalste gedeelte steeds een andere kleur gebruikt, blauw, groen, rood en bruin.  Daar waar je de kleur het intenst wil hebben kleur je meer lagen over elkaar (en drukt eventueel iets harder. Ook hier kun je eventueel nog een keer met wit of de lichtste kleur over de hele vorm gaan om de kleuren meer te mengen. Begin in het lichtste gedeelte en werk naar het donker toe.  Omdat de punt van je kleurpotlood een deel van de donkere kleur opneemt moet je voor je aan het volgende figuur begint de punt even afvegen aan een stukje keukenrol of iets dergelijks.

In de volgende aflevering gaan we weer met kleur werken, maar dan in een ontwerp met rechte lijnen.


 




Ingrid Tips en meer
Hele goede kleurtips!
25-01-2017 06:58
25-01-2017 06:58 • Reageer