Achter de deur van Door

Achter de deur van Door


settings
  • Instellingen
  • Positie

    Automatische scrolling

Achter de deur van Door

Bozig en met priemende ogen zit ze voor me. Al jaren heeft ze last van de bovenburen en wij doen er maar niks aan. Nou, dan gaat ze naar de gemeente, want die weten er wel raad mee! Ze kijkt uitdagend en laat ter illustratie een aantal uitgeknipte krantenartikelen zien, waarin de gemeente Rotterdam forse en weinig genuanceerde uitspraken doet over de bestrijding van overlast. Dat kan de gemeente erg goed, dat moet ik ze nageven. Uiteraard levert dat een ‘u draait dus wij vragen’ reactie op bij de lezers.

Met dat wijf
“Dat lijkt mij een bijzonder goed idee. Als de gemeente dit wél kan oplossen, dan graag!” zeg ik opgewekt. Maar ik vermeld erbij dat ik verwacht dat de gemeente haar weer terugverwijst, omdat ze van ons een woning huurt. En willen wij maatregelen kunnen treffen tegen overlast, dan moet wel duidelijk aantoonbaar zijn dat hier echt sprake van is. Aangezien zij de enige is die klaagt en de betreffende buren ontkennen, wordt het een heel lastig verhaal. Maar zou het niet een idee zijn om eens met de buren in gesprek te gaan? Ze kijkt me aan of ik niet goed bij mijn hoofd ben. “Met dat wijf??” Ik knik. Ja, met dat wijf.

De bovenbuurvrouw vertelt
De bovenbuurvrouw is door ziekte bedlegerig en woont samen met haar zoon, die inmiddels net volwassen is. Onder het laminaat ligt een goed isolerende ondervloer. Ze geeft aan dat haar onderbuurvrouw altijd heel boos kijkt en verder niets zegt. Sinds zij er wonen, klaagt ze over hen omdat ze geluidsoverlast zouden veroorzaken. Dat is niet waar! Gek wordt ze ervan!

De klagende onderbuurvrouw vertelt…
Van haar hoor ik dat de bovenbuurvrouw altijd erg lelijk naar haar kijkt en haar vervolgens negeert. Ook dat ze liegt dat ze barst over dat ze ziek is en haar zoon veel weg is en o zo rustig. Het is écht die zoon! Zodra hij thuiskomt, begint de ellende. Dat gebonk alsof hij met een bal stuitert en ook steeds wat laat vallen. Gek wordt ze ervan!

Maar volgens de informatie die ik van zijn moeder heb, is de jongen veel weg voor studie en werk. Verder is het een rustig type die, als hij thuis is, meestal achter zijn computer zit om te gamen en zeker niet met een bal stuitert.

“Weinig thuis? Rustig? Allemaal leugens!” blaft ze. “Dat wijf liegt dat ze scheelziet! En u gelooft dat allemaal?” Meewarig kijkt ze me aan. Ik laat me ook maar van alles wijsmaken.

Naaste buurvrouw
Ze moppert en scheldt nog een tijdje door en gaandeweg wordt mij helder dat ze al jaren de zorg draagt voor haar naaste buurvrouw Hannie, tevens haar beste vriendin, die ernstig ziek is. Dat lijkt mij toch een beter onderwerp van gesprek. Ik hoor dat ze elke dag samen koffiedrinken en in betere tijden 1x per week, om en om, bij elkaar aten. Ook gingen ze heel regelmatig samen op pad; boodschappen doen, een blokje om, een dagje uit of met vakantie. Dat is, behalve de dagelijkse koffie, in de loop der tijd allemaal weggevallen. Nog even en Hannie valt zelf ook weg.

“Hannie zei een paar weken gelede tegen me: Doortje meid, dit ken zo niet langer, ik gaat naar een verpleegtehuis. Ik hep an de huisdokter gevraagd om het voor mijn te regele. Het wordt veels te zwaar, Door. Tis geen doen meer voor jouw, wijfie.”

We Dooren wat heen en weer
Hoor ik het goed? Is haar naam Door? Ja dat klopt, maar eigenlijk heet ze Theodora. Wat toevallig, zo heet ik ook en ik word ook Door genoemd. “Gaat weg! 2 Doortjes bij mekander, dat mot goed kenne kome!” Ze klaart plotseling op en gaat verder met haar verhaal. We Dooren ondertussen wat heen en weer en noemen elkaar na een half uur geen u en mevrouw meer, maar wijfie, meissie, lieverd en schat. Als ze een week later aan de balie wat af komt geven voor Doortje, snapt niemand aanvankelijk wie ze bedoeld. Doortje? Hier werkt geen Doortje. Jawel, Doortje Voetstuk! Op de afgegeven bruine envelop staat in ouderwets schuin handschrift: Voor Doortje, van Doortje. Als ik haar opbel om te bedanken zeg ik: “Hallo Door, met Door!” Dat vindt ze prachtig.

 

Deel 2

Haar stem breekt
Haar buuf is terminaal door een enge leveraandoening en ziet zo geel als een kanarie met een buik zo dik alsof ze 6 maanden zwanger is. Door heeft haar al een paar keer in comateuze toestand aangetroffen, waarna ze in allerijl 112 moest bellen teneinde haar door de ambulance af te laten voeren naar het ziekenhuis. Maar er kan een keer een moment komen dat ze te laat is… Haar stem breekt, ze slaat de rimpelige handen voor haar inmiddels vochtige ogen en schudt woest met haar hoofd, alsof ze het beeld dat ze voor zich ziet van zich af wil schudden. Ik haal een glaasje water maar dat blieft ze niet, ze wil koffie. Met alles erop en eraan.

Stront aan de knikker
Elke ochtend gaat ze met kloppend hart, dat mag ik gerust weten, kijken of de gordijnen open zijn. Als die dicht zijn, dan weet ze het wel; dan is er stront aan de knikker. Soms ook letterlijk doordat Hannie tijdens haar bewustzijnsverlies de boel heeft laten lopen. Door gaat dan redderen om haar toch nog een beetje ordentelijk in het ziekenhuis te krijgen. En de buurvrouw is nogal aan de maat “ze hep een beetje jou postuur” dus dan weet ik het wel. Hannie heeft, naast een drugsverslaafde nazaat van middelbare leeftijd, wat familie in de provincie maar die laten niet zo veel van zich horen en nog minder van zich zien. Dat komt mede doordat ze ook op leeftijd zijn.

Ze mot toch onder de grond?
Ik vraag het toch: “Weet je ook of er wat geregeld is voor de begrafenis?” Door vindt het geen rare vraag en vertelt dat de uitvaartpolis van Hannie, met alle andere belangrijke papieren, in een rood mapje in het bovenste laadje, links van het eikenhouten dressoir ligt. Nee, daar hoef ik me geen zorgen om te maken.

Ik zegt het toch: “Als ze plots overlijdt en je haar vindt, dan moet je niet zelf de begrafenisondernemer bellen, hoor!” Door kijkt me verbaasd aan “Oh nee? Waarom niet? Ze mot toch onder de grond? We kenne haar toch niet zo late legge?” Nee dat kan ook niet, maar degene die belt met de vraag om de uitvaart te regelen, krijgt ook de rekening. Dus dat moet ze echt de nabestaanden laten doen, want stel je voor dat de polis niet kostendekkend is. “Gaat weg! Teringjantje!” Door schudt verschrikt haar grijze hoofd. Het is goed dat ze het weet, want natuurlijk had ze “die doodgravert” gebeld.

Helemaal allenig
Door heeft zelf jaren geleden haar nalatenschap bij een notaris geregeld. Ze heeft niet veel familie en met wat er nog is, heeft ze lang geleden al gebroken. Nee, ze gaat me niet vertellen waarom. Ze zegt er 1 ding over: het waren allemaal klaplopers en uitvreters! Ze kijkt me aan met een blik van: en nou jij! Ik knik maar eens begrijpend. Het vermoeden rijst dat er misbruik is gemaakt van Door haar goede, zorgzame hart. En misschien wel van veel meer, want van mannen moet ze niets hebben.

Ze is nooit gehuwd geweest en ze heeft ook geen kinderen. “Ik staat er helemaal allenig voor, Door.” Na de huishoudschool heeft ze zich haar hele arbeidzame leven, zo’n 50 jaar, het schompes gewerkt in de schoonmaak. “Weet ik hoe ze dat nu noemen?” Ik weet het niet. “Tegenswoordig hep dat een sjieke naam: interieurverzorregster! La me nie lache! Tis vies en het mot schoon…. klaarrrrr!” schampert ze. Niet begrijpend schudt ze het oude hoofd over zoveel mooipraterij. Ze is niet van de mooie woorden, ze is meer van de goede daden. Voor Door geen geneuzel over kernwaarden, maar doen wat je hart je ingeeft en daarbij je gezonde verstand gebruiken.

Een tompoessie
Hannie wordt opgenomen in een verpleegtehuis in een aangrenzende gemeente en Door tuft er om de dag heen met haar blauwe Suzuki Alto. Van de bakker neemt ze dan wat lekkers mee voor bij de koffie “een tompoessie of zo” want Hannie is gek op zoet. Maar dat bezoek valt haar zwaar, want Hannie kan het niet wennen in “dat gesticht”, heeft heimwee en doet niet veel anders dan jammeren en huilen. Het is zo hartverscheurend dat Door van ellende met haar meehuilt. “Het is daar ook vreselijk! Die kamer is zo verschrikkelijk klein, het is net een bezemkast. Het personeel is wel lief, dat dan weer wel, maar dat komp omdat ze Gereformeerd zijn” aldus Door.

Zorg je ook een beetje voor jezelf?
Ze fluistert met natte ogen: “Tis zonde dat ik het zegt, maar ik hoop dat het niet lang meer duurt.” Nu houd ik het zelf ook niet meer droog. “Ik hoop het ook Door, voor haar én voor jou.” Want haar haar is veel te lang en ze wordt zo mager dat haar spijkerbroek van haar bijna 80-jarige kont zakt. Zorg je ook een beetje voor jezelf? Maar daar heeft ze geen tijd voor. “En je moet naar de kapper, want je loopt glad voor gek met die kuif!” Ze kijkt gemaakt beledigd en riposteert: “Krijg jij effe gauw de pest, jij!” Maar ze kan toch weer een beetje lachen.

“Ik ben zo moei”
Als ik haar twee weken later weer zie, heeft ze de barbier bezocht. “Nou kan ik weer met je voor de dag komen, Door!” prijs ik haar. Ze lacht. Maar niet lang. Hannie’s familie laat niks van zich horen, maar de huur moet worden opgezegd en de woning leeggehaald. De nakomeling van Hannie, die het al decennia druk heeft met het gebruik van geestverruimende middelen, haalt alleen datgene weg wat te verhandelen is. Door moet verder alles alleen opknappen. Ze zucht als ik haar zie: “Doortje meissie, ik ken het niet meer wijffie…ik ben zo moei. Ken jij mijn nou niet hellepe?” De tranen rollen over haar wangen.

Zo is het beleid
“Wij kunnen het wel laten doen, maar dan krijgt Hannie wél de rekening” moet ik helaas vertellen. Door wordt wit om haar neus en wil weten wat dat dan kost. “Dat ken ze helegaar niet betale! Ze hep enkelt AOW!” Nu zou ik heel graag zeggen dat het natuurlijk maar een grapje was, maar dat is het helaas niet. Zo is het beleid. “Dan mag Hannie het natuurlijk wel in termijnen doen, elke maand 50 euro of zo. Kan dat wel?” stel ik voor. Onderwijl voel ik me heel ongemakkelijk, omdat we Hannie op haar sterfbed opzadelen met een schuld. En als er iets is waar mensen zoals Door en Hannie een hekel aan hebben, is het aan schulden. “Dat redt ze nooit! Dan mot ze nog zeker 3 jaar blijve leve!” gilt Door ontsteld. Dan buigt ze zich voorover en vraagt zacht: “En wat gebeurt er dan as Hannie de pijp uitgaat?” Ze lijkt, verantwoordelijk als ze zich voelt, bang dat we dan voor de centen bij haar gaan aankloppen. Ik buig me naar haar toe en fluister: “Als Hannie gaat hemelen, boeken we de hele handel gewoon helemaal af!”

Opgelucht haalt Door adem. Echt? Echt! Zeker weten? Zeker weten! Hand erop? Hand erop. “Dag Door!” zwaai ik. “Dag wijfie, dag meissie, dag lieverd, dag schat!” wuift Door.

Een paar maanden later komt Door langs om mij te vertellen dat Hannie daags ervoor, kort na het nuttigen van een gevulde koek, is ingeslapen. “Nee, an die koek ken het niet hebbe gelege, die was vers!”



Beoordeel

Reviews en Reacties:

5.0 / 5 (2 reviews)
expand_more
Verberg reacties
achter echt iedere deur heb je wel geheimen denk ik en ieder huisje draagt zijn kruisje toch
| 09:42 |
Zeker weten, Johan. En achter vrijwel alle deuren schuilt een verhaal.
En soms hoor ik dat en raakt het mij zo dat ik het opschrijf.
| 09:59 |
ja zo gaat dat he
| 10:03 |
Dat heb je prachtig geschreven!
| 13:52 |
Dankjewel!
| 07:33 |

private lease goedkoop
private lease goedkoop
Fun & Entertainment
prEiffeltoren
prEiffeltoren
Fashion & Lifestyle
Onderzoeken
Food & Drinks
Mosselen sofrito
Mosselen sofrito
Gezondheid & Geest
Vegan haren wassen
Vegan haren wassen
 
×

Yoors


exit_to_app Inloggen