Serene verlichting


Lees eerst deze:

Theo zat genietend achter het raam op de bank. Zijn benen languit, zijn voeten op de salontafel. Hij had een kaasplankje voor zich, een schaaltje met pinda's en een groot glas schuimend bier. Hij grinnikte even, José had hem expliciet laten weten dat zij vandaag geen hondengedoetjes wou hebben. Zij kon niet mekkeren dat hij geen gehoor had gegeven aan haar verzoek. Een geit was geen rashond.

Theo zag zijn vrouw zitten in hun tuin, supergalant, met een penseel in de hand, slechts gekleed in een fleurig niemendalletje. Zo prachtig onoplettend. Zo niet bewust van het naderend onheil.

Een schril gilletje. Ze greep nog naar de groene steeltjes, maar het was te laat. Haar met zorg gefabriceerde bikinibovenstukje was in één hap naar de bloemenhemel geholpen. Ze poogde nog haar borsten te bedekken met een uitgerolde kassarol, maar toen de geit ook nog eens haar slipje begon op te peuzelen, was het drama compleet.   


Bijna in haar poedelnakie wierp ze een kritische blik op het schildersdoek. Het trok werkelijk nergens op. Gefrustreerd schopte ze het potje met penselen om, ze gaf een slinger aan een dopper met water. Deze bevrijding had ze niet voor ogen gehad. Haar ontplooiing was finaal op een mislukking uitgelopen.

Na het margrietendebacle sloeg José een andere weg in.  

Ze rende en rende, totaal in de war, totaal ongecontroleerd, ze rende de krul én de kleur uit haar haren, ze holde zo hard dat de blusher van haar wangen, de rode lak van haar nagels afbladderde en al haar make-up in het niets oploste. Uitgeput doolde ze door  tot de avond inviel. 

Toen drong het besef door. Ze zou pas één met de natuur zijn als ze puur was en bleef. Bevrijding kwam pas tot stand als ze het in heel haar wezen toe zou laten. Tonen, klanken en serene noten drongen zich aan haar op. Een hele bijpassende songtekst ontsproot zich in haar brein. Ze omarmde haar nieuwe verlichting met een diepe zucht.  José was opnieuw geboren.