×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors










Een geheimzinnig zakhorloge (2)

Een geheimzinnig zakhorloge (2)


Het eerste deel gemist? Begin dan hier met lezen.

Er is iets vreemds met het zakhorloge

Een onbeschrijfelijk gevoel van paniek maakt zich van mij meester en ik voel dat ik iets moet doen. Maar wat? Ik wil opstaan maar ik kan me met geen mogelijkheid bewegen. Het paniekgevoel neemt verder toe. Ik wil schreeuwen, maar er komt geen geluid over mijn lippen. Dan hoor ik in de verte mijn naam roepen: 'Dewaputra..... Dewaputra ....'. Ik voel hoe er aan mijn arm wordt geschud en doe mijn ogen open.

"Is alles in orde Dewaputra ?", vraagt Ana naast me met een bezorgd gezicht.

"Ja, ehh..... nee, ik had geloof ik een nachtmerrie, Ana", antwoord ik met een plakkende tong in mijn droge mond. "Het was heel surrealistisch en angstaanjagend. Alles was zoals nu maar ik was veranderd en jij was verdwenen en er zat een man in de coupé met een kapot geslagen oog dat bloedde. Hij vertelde me dat je er vandoor was met een Vietnamees of zo. En ik..... mijn gezicht.... afschuwelijk!".

Ik kijk in het weerspiegelende glas van het coupéraam en betast mijn gezicht. Gaaf zoals het was gelukkig. Op het smalle rode tafeltje onder het raam ligt het mysterieuze zakhorloge. "Er was nog meer, maar dat kan ik me niet meer herinneren". 

"Gelukkig was het maar een droom, schatje", zegt Ana en ze legt haar hoofd op mijn schouder.

Ik sla mijn arm om Ana heen en druk haar even liefdevol tegen me aan. Dan pak ik het horloge van het tafeltje om het nader te bekijken. Het voelt koel en zwaar aan op de palm van mijn hand. Het deksel van het horloge lijkt van zilver te zijn en toont de afbeelding van een uil welke me vaag bekend voor komt. Dan schiet het me te binnen: het is de uil van Minerva, het symbool van de Illuminatie!

Buiten is het inmiddels al weer licht geworden en de trein rijdt nu een tunnel in die parallel aan de Britannia brug onder de Swellies door loopt, het deel van Straat van Menai dat het eiland Anglesey van het vasteland van Noord Wales scheidt. De Straat van Menai is niet zo breed, na een tiental seconden valt het daglicht weer in de coupé en bevinden we ons op Anglesey.

Terwijl de trein afremt, klik ik op een knopje aan de onderkant van het horloge. Het deksel klikt open en ik aanschouw een antiek uurwerk dat geheel in zilver is uitgevoerd. 

De wijzerplaat toont naast Romeinse cijfers een reeks vreemde tekens. Het valt me op dat het getal 4 niet als IV toont, maar als IIII. Aan de binnenkant van het deksel prijkt een symbool van de Illuminatie. Ik vraag me af wat de relatie is van de  Illuminatie met dit zakhorloge.

Aankomst in de Penhros Arms

Inmiddels hebben we het station van Llanfairpwll bereikt en met knarsende remmen komt de trein tot stilstand. Ik klap het horloge weer dicht en steek het in mijn zak, Even later lopen ik achter Ana over het perron naar de uitgang van het station. De lucht is koel, de hemel blauw en ik krijg trek in een lekker Engels ontbijt met veel koffie.

Op het kleine plein voor het station staan wat taxi's te wachten. Ik loop op de voorste taxi af en open de deur om Ana te laten instappen. Dan stap ik zelf in. Als we eenmaal zitten kijkt de taxichauffeur om en vraagt, "Ble rydych chi'n mynd?".

"Naar de 'Penrhos Arms'", antwoord ik. De 'Penrhos Arms' is een Bed & Breakfast met een uitstekende keuken, zo heb ik ooit eens ergens op het Internet gelezen.

De taxichauffeur haalt z'n schouders op en bromt wat onverstaanbaars, start de motor van zijn wagen en trekt dan op. Na 150 meter stopt de wagen weer en de chauffeur bromt: "Penrhos Arms".

De meter geeft 1 Pond en 20 pence aan. Ik betaal de chauffeur en geef hem een vette tip, wat zijn gezicht wat vrolijker stemt. Dan stappen Ana en ik uit en gaan de Penrhos Arms binnen. Er blijken maar twee kamers te zijn, beide gelegen op de eerste verdieping, waarvan er nog eentje vrij is. Ik boek de kamer voor drie nachten. Nadat ik me heb ingeschreven, zoeken we onze kamer op om ons eerst even wat op te frissen.

De kamer is ruim en sober ingericht. Een klein bureautje met een stoel, een grote eikenhouten kast en een zwaar, degelijk uitziend tweepersoonsbed. Op de grond ligt een dik, roodbruin tapijt en aan de muur hangt een replica van een schilderij van Nicolas Poussin, 'De herders van Arcadië'. Verbaasd blijf ik even naar het schilderij staan kijken.

De Latijnse titel van het schilderij luidt: "Et in Arcadia Ego", wat vertaald kan worden met "Zelfs in Arcadië, daar ben ik". Dat 'ik' wordt algemeen opgevat als 'de dood' en 'Arcadië' als een utopisch land.

In de Griekse oudheid waren Arcadiërs herders die op de Peloponnesus een landelijk leven leidden, ver van de steden aan de kust waar de meeste Grieken leefden. Arcadië  symboliseert zo een puur en idyllisch landelijk leven, ver van de steden.

Aan de andere kant, "Et in Arcadia Ego" is grammaticaal incorrect en dat is vreemd voor een erudiet persoon als Poussin. Daar moet hij een bedoeling mee hebben gehad. En als we de letters door elkaar husselen, dan krijg je "I! Tego arcana dei", wat "Verdwijn! Ik bewaar God's geheimen" betekent.... Zou daar een verband liggen met de Illuminatie? Poussin was in elk geval lid van de Illuminatie, als ik me goed herinner.

"Wat een vreemd toeval", schiet het door me heen terwijl ik aan de Uil van Minerva op het zakhorloge denk. En wat bedoelde die Mediterrane man met die 'hellehonden' die volgens hem achter het horloge aanzaten?

> lees verder in deel 3

© Dewaputra

 



expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts



expand_less

Volgers



expand_less

Collecties