Intermezzo


Volgens het Word document waarin ik de episodes van dit vervolgverhaal, dat ik samen met Hans van Gemert schrijf bijhoudt, is vandaag met de aflevering 'Zou dat het kamernummer zijn?' de 100.000 woorden gepasseerd. We zijn ermee begonnen vanaf de 140w uitdaging van september 2018, toen het verplichte woord 'herfststorm' was. Op dit moment loopt het vervolgverhaal dus al bijna 11 maanden. Vandaar even onderstaand intermezzo.

 

“Zeg Storm…”

“Wat mot je Polleman?”

“Wist je dat die twee kwibussen al honderdduizend woorden aan ons hebben besteed?”

“Bedoel je Gerrit en Lou? Dat zijn toch niet van die kletskousen?”

“Wel nee joh gek, ik bedoel die van Gemert en Dewaputra.”

“O die twee. Die raken volgens mijn nooit uitgeschreven over ons. Ze zijn al bezig sinds die verschrikkelijke herfststormen van vorig jaar september, weet je nog?”

“Nu je het zegt… ik was toen onderzoek aan het doen naar de mysterieuze verdwijning van zeemeeuwen en zeesterren van het strand bij strandpaviljoen de Zeester.”

“En die gingen bij die twee ouwetjes van pension de Zeester allemaal de pan in.”

“Vreemde lui.”

“En we blijven ze maar tegenkomen. Zelfs hier in Londen notabene.”

“Je kunt er dan ook ‘lappenpop’ op zeggen dat ze iets met die geheimzinnige koker te maken hebben.”


 

Bovenstaande lntermezzo  past ook in de 140 woorden schrijfuitdaging van juli van FrutselenindeMarge. In deze uitdaging dient een verhaal van precies 140 woorden te worden geschreven waarin het woord 'lappenpop' (al dan niet in delen) is verwerkt.