Neem een slokje water tante Sjaan


De Eurostar raast door het noordwestelijke Franse landschap richting Parijs. Cornelis en Sjaan en hun neef de ober zitten nog steeds in het barrijtuig.

“Ik ben blij dat we eindelijk door die enge tunnel heen zijn. M’n huig plakt gewoon aan m’n keel van de doodsangsten die ik heb moeten doorstaan.”

“Neem een slokje water tante Sjaan.”

“Dank je wel jongen. Geef me er dan ook maar een glaasje bier bij, om het water weg te spoelen. Hoe lang duurt het nog voor we in Parijs zijn?”

“Met een half uurtje arriveert de trein op station Gare du Nord. Vanaf daar nemen we een taxi naar Montmartre. Daar hebben ze leuke hotelletjes.”

“Ik zie me daar al zitten op een terrasje.”

“Met een fles champagne om het te vieren.”

“Wel ja, doe maar duur. Maar het natuurlijk wel feestelijk, champagne.”


© Dewaputra | afbeelding: commons.wikimedia.org

Bovenstaandende episode van het vervolgverhaal past in de 140 woorden schrijfuitdaging van augustus van FrutselenindeMarge. In deze uitdaging dient een verhaal van precies 140 woorden te worden geschreven waarin het woord 'waterfeest' (al dan niet in delen) is verwerkt.

Intussen bij de overige hoofdrolspelers:

"Ik ga eens een hartig woordje met die vent spreken" - bij onze drie politievrienden in het vliegtuig naar Parijs

"Dat is verdacht" - bij Gerrit en Lou, elders in de Eurostar

"Maar nee, zo'n hotel zijn we niet" - bij Sheila en John (Hans van Gemert)