Stel je voor dat het gaat lekken, dan verzuipen we


Dit ging hieraan vooraf:

"Gaat-ie onder het water door?"

“Hoe lang zijn we nou al onderweg?”

“[Ik kijk op mijn horloge] Iets meer dan een half uur tante Sjaan. De trein zal zo wel de kanaaltunnel induiken.”

“En dan gaat-ie onder het water door toch?”

“Inderdaad.”

“Ik vind het maar eng hoor. Stel je voor dat het gaat lekken, dan verzuipen we.”

“Maakt u zich maar geen zorgen hoor tante Sjaan. De tunnel ligt op meer dan 40 meter onder de zeebodem, dus daar is weinig kans op.”

“Toch zal ik me een stuk feestelijker voelen als we er weer uit zijn.”

“De tunnel is zo’n 50 km lang, dus met een half uurtje zijn we er doorheen. En dan nog een uurtje over land voor we in Parijs zijn.”

“Waren we er maar alvast. Dan trekken we een paar lekkere flessen Franse wijn open om het te vieren.”


© Dewaputra | afbeelding: nu.nl

Bovenstaandende episode van het vervolgverhaal past in de 140 woorden schrijfuitdaging van augustus van FrutselenindeMarge. In deze uitdaging dient een verhaal van precies 140 woorden te worden geschreven waarin het woord 'waterfeest' (al dan niet in delen) is verwerkt.

Intussen bij de overige hoofdrolspelers:

"Dat is verdacht" - bij Gerrit en Lou, elders in de Eurostar

"Dat is toch wel een risico" - bij onze drie politievrienden en ome John op Gatwick Airport (Hans van Gemert)

"Ik wil het niet weten" - bij Sheila en Mike in de autotrein (Hans van Gemert)