Ondertussen in de bus: "HET SPJT ME".


Al mijn collega’s kennen hem, ze noemen hem de schreeuwer. Of erger. En ze hebben hem liever niet in de bus. Deze jongeman maakt mijn collega’s onrustig, de passagiers ook. En heel eerlijk gezegd: ik word ook niet altijd even blij van deze passagier: ik ben een klein beetje bang voor hem.

 

Ik heb het over een jongeman, ik schat dat hij eind dertig is. Hij is vermoedelijk geestelijk beperkt, of heeft hersenletsel. Deze jongen gaat vaak met de bus, en maakt dan geluid. Vaak zit stoot hij een lang aanhoudende “a “ uit, vaak gepaard gaand met in zijn handen klappen. De jongen kijkt wat bozig, en als je niet op tijd vertrekt bij de beginhalte van de lijn laat hij je dat weten. Ik heb ervaring. Ik vertrok twee minuten te laat. Hij stond naast me, driftig op zijn horloge te wijzen, en geluid te maken. Ik wist niet hoe snel ik moest vertrekken.

 

Ik heb moeite met mensen die zich niet kunnen uiten, zolang ik met iemand kan communiceren, en ik de persoon begrijp is er niets aan de hand, maar zodra iemand geen woorden heeft, vind ik het lastig. Daar liep ik al tegenaan toen ik nog in de verpleging werkte, en daar loop ik nu met deze jongeman tegenaan. Het zegt iets over mij, ik weet het.

 

Gisteren stapte deze jongeman weer bij mij in de bus. Bij het instappen zei ik hem goedendag, en hij ging achterin de bus zitten, stil. Niets aan de hand. Onderweg ging het fout: ik reed een file in, en ineens hoorde ik de jongeman onrustig worden, hij begon weer zijn bekende “aaaa” uit te stoten, maar in plaats van in zijn handen te klappen begon hij hard tegen de ramen te bonken. Zo hard dat ik even bang was dat het raam zou breken. Dat gebeurde gelukkig niet. Ik keek in mijn spiegel en zag de onrust.

 

De onrust bleef, en mijn gedachte was: als hij maar achterin blijft! Dat gebeurde dus niet. Met wilde stappen kwam de jongeman naar voren, luid geluid makend, een boze uitstraling. Ik vreesde voor de veiligheid van de passagiers en mijzelf. Daar gaan we dacht ik even, zeker toen de jongeman naar mij toe kwam, en me iets wilde duidelijk maken. Het enige dat ik kon bedenken was rustig te vragen of hij nog even wilde gaan zitten, ik kan er niet door. Hij ging zitten, tien seconden en kwam weer terug, deze keer met zijn vuist bonkend op mijn betaaltafel. Hoe rustig ik ook probeerde te blijven, kalm voelde ik me niet. Integendeel!

 

De jongeman ging op mijn verzoek weer zitten, en kwam weer terug, stootte tegen mijn arm, maakte gebaren, maar ik begreep hem niet. Passagiers werden onrustig, één van hen wilde dat de jongeman ergens anders ging zitten, vooral niet naast hem…

 

En toen kwam hij weer naar me toe, met een mobiel in de hand, die hij, terwijl ik net weer reed, voor mijn gezicht hield. Ik duwde de mobiel weg, en zei dat hij even moest wachten. Een paar meter later kon ik stoppen bij een halte en keek op zijn mobiel. “HET SPJT ME”, stond er.

Mijn ogen vulden zich met tranen, mijn hart brak. Ik slikte een aantal keer heftig, de jongeman stond naast me, wilde me een hand geven. Hij had een vragende blik. Ik begreep hem….. Ik heb zijn hand gepakt en gezegd dat het goed was, vanuit de grond van mijn hart.

 

En hij ging zitten. Aan het eind van de rit kwam hij nog even naar mij toe, en gaf me weer een hand. Ik heb hem een fijne dag gewenst, en hij vertrok.

 

Ik had pauze en vertelde collega’s wat er gebeurt was. De reacties over deze jongen waren schokkend, wat een oordelen.

Ik was ineens moe, en intens verdrietig. Ik weet niet wat er met deze jongen aan de hand is, in hoeverre hij beperkt is, of waardoor hij niet kan praten, maar ik kan me zijn frustratie over het zich niet kunnen uiten zó goed voorstellen!

 

Ik ga hem vast weer zien in mijn bus, nu weet ik hoe ik met deze jongen kan communiceren, ik ben niet meer bang voor hem.  

 

Ik hoop zó dat meer mensen dat gaan zien! 

#hersenletsel #handicap #onbegrip #frustratie #ondertussenindebus #handineigenboezem #nobodyisperfect #busverhalen        

Wees ook welkom op Yoors!

Je kunt lid worden door op inloggen te klikken.