Een eindeloze reis naar ergens - Stap 173


Wat dreef u er toe lezer dit verhaal al 173 stappen lang te volgen? 

U ging mee op reis en waar hoopte u op? Vervulling, de hoop meer over u zelf te leren, mee te delen in de wijsheden die een omzwerving opleveren? 

En wat als dit verhaal plotsklaps eindigt? 

Voelt u zich dan beetgenomen of kunt nagenieten van een eindeloze reis, die gewoon ergens eindigde?

(leest u liever deel 1 eerst klik hier)

We zitten gezamenlijk op de kussens, maar niemand neemt het woord. Iedereen is overdonderd door de gebeurtenis waar we eigenlijk alleen van durfden te dromen. Kreytu bleef zijn hoofd schudden.

“We zijn er,” zucht ik. “Ik weet niet waarom we hier zijn en hoelang we mogen blijven. Mogelijkerwijs komen ze ons zo op de hoogte stellen van hun vergissing en worden we weer vriendelijk naar buiten begeleid. Maar momenteel zijn we binnen.” Die glimlach was nog steeds niet van mijn snufferd verwijderd, als een kind dat vol van ongeloof zijn eerste echte eigen boog aanneemt.

“De Sikh maakt dit soort vergissingen niet, reken er maar op dat we hier met een reden zijn. Maar we hoeven ons geen zorgen te maken. Het feit dat we toegelaten worden in het paleis betekent dat hij ons ontvang vanwege iets dat hem goed stemt. Mochten wij hem ook maar op één of andere manier niet bevallen zijn, waren we hooguit in een militair kwartier ondergebracht. Dan zou één van de generaals de zaak afhandelen. Dat wij hier binnen zijn betekent dat de Sikh persoonlijk iets met ons, of één van ons te stellen heeft.” antwoord Dadrie.

“Als hij maar weet dat Cabilah mijn vrouw is,” lacht Kreytu.

“Nee de Sikh is geen man om er meerdere vrouwen op na te houden, mogelijk laat hij af en toe een slavin of iets dergelijks op zijn kamer brengen, maar op mij maakt hij een te serieuze indruk. Daarnaast is het hem toegestaan zoveel vrouwen te hebben als hij wil en heeft hij er maar één. Maar zij rijdt niet met hem in het rijtuig, wat betekent dat hij haar minder acht dan zichzelf,” vervolgt Dadrie.

“Het moet iets anders zijn en ik ben toch heel nieuwsgierig waar wij hem mee zouden kunnen helpen, het is niet iets militairs, laat staan iets financieel. Nee alles wijst op een persoonlijke noot. Ik zie maar een mogelijkheid. Jij Numico, jij bent de reden. Je hebt ons meerdere malen gezegd dat jij met de Sikh zou spreken. Dat je hem gezien hebt, tegen hem probeerde te spreken en dat je het idee had dat hij jou zag. Dat klopt toch?” Numico knikt terwijl Dadrie verder gaat.

“Het lijkt misschien vreemd, maar wat als hij jou ook gezien heeft, als hij jouw wens hem te spreken voelt of diezelfde wens heeft. Viel het jullie ook op dat hij niet alleen langer keek, maar ook opgeschrikt leek door iets toen hij ons passeerde.' Ik knik beamend, dan richten alle ogen zich op Numico.

De jongen lijkt te blozen: “Ik denk dat er een behoorlijke hoeveelheid waarheid in je conclusie zit Dadrie. Hoe het precies zit weet ik ook niet, maar ik voelde iets van herkenning toen hij naar ons keek. Mogelijk van mezelf mogelijk van hem. Wat ik wel weet is dat ik deze man tot vandaag nog nooit in levende lijven heb gezien. Toch is mijn beschrijving van hem tot in de details correct. Tijdens die seconden vanmiddag voelde het zelfs of ik een bekende zag. Als ik dat voel en hem al zo vaak 'Gedroomd' heb, is er zeker een kans dat het wederzijds is. Dat gevoel heb ik al langer. Het lijkt me dan ook logisch om er voorlopig van uit te gaan dat dit de reden is voor onze aanwezigheid hier.”

Kreytu keek de jongen ongelovig aan; “Het spijt me wel hoor. Je ideeën die ik de afgelopen maanden gehoord heb zijn leuk en aardig, maar waarom zou de Sikh geïnteresseerd zijn in een bergjongen van amper 15 zomers. Het klinkt allemaal te vaag. Maar dan moet ik tegelijkertijd toegeven dat er de afgelopen tijd zoveel dingen zijn gebeurd, die ik niet geheel begrijp, dat ik zo langzamerhand begin te geloven dat het best zou kunnen.”

Numico moet lachen, “Het geeft niks Kreytu als ik in de spiegel kijk, dan denk ik ook wel eens wat moet een vorst als de Sikh met mij, een boerenzoon. Maar ik bezit iets wat hij wil. Iets waar hij zelf niet bij kan. Hij weet dat, de Sikh is een aparte man, maar hij is zeker niet dom. Hij is eenzaam en verkiest ook de eenzaamheid. Toch gebruikt hij zijn tijd niet slecht. Hij studeert, hij weet meer dan jij en ik over deze wereld, maar hij mist iets. Het geeft geen vervulling. Hij is leeg, net als dit paleis leeg is. Net als de stad leeg is.

Het ontbreekt hier aan invulling van en voor de ziel. De wens van uit het hart iets te ondernemen is hem al zo vroeg tijdig afgenomen dat hij niet weet van haar bestaan. Hij heeft altijd geheerst, is nooit bekritiseerd, nooit terechtgewezen, nooit onderwezen op een volwassen manier. Zijn onderwijs was het aandragen van kennis, reeds vervaardigt voor hen die leiding moeten geven. Gebracht op een wijze die geen ruimte liet voor eigen inbreng. Zij waren de wetten die hij diende te volgen, en hij volgde. De man is de leegte moe. Ik heb de onmogelijke lijkende taak zijn gevoel terug te geven.”

Ga naar deel 174 van dit online feuilleton. 

Het verhaal is gebaseerd op regressietherapie, fantasie en levensvragen voor meer achtergronden zie "Waarom ik mijn boek blog". 

De mijlpalen en het volgende deel vindt u onder de foto.

Voor Yoors leden, vindt een overzicht van alle delen tot nu toe hier.