Een eindeloze reis naar ergens - Stap 88


Bent u weleens teruggekeerd naar de plek de onheils lezer? Daar waar u alles verloren en achter gelaten heeft. Die meest duistere herinnernering aan een de plek die alles bepalend was voor uw verdere vorming.  Daar staat u oog dan opeens in de kern van al uw angsten en blijkt die rampspoed regio in realiteit enkel nog in de verste verte te lijken op de plaats die u een eeuwigheid gevreesd heeft

Allen waren wij onder de indruk van deze enorme ommekeer in de manier waarop wij Cabilah zagen. Waarschijnlijk hadden we allemaal de kracht in haar gevoeld, maar ik had hem nooit zo gezien. Haar vuur was opgelaaid, er was geen spoor meer van de tranen. Al vertelde haar ogen nog steeds het verhaal van een vrouw, die geen licht bestaan heeft gekend.

We vertelde wat we wisten over de mensen die dit symbool droegen en wat we van Kosa gehoord hadden. We waren nieuwsgierig naar mogelijke aanvullingen die Cabilah ons kon geven. Terwijl ik het papier ontvouw hoop ik dat zij deze tekst kan ontcijferen, maar ook zij staarde naar de raadselachtige tekens

“Ik weet bijna niks meer dan jullie. Ze kwamen 's nachts, maakte geen geluid tot dat ze het dorp bereikte. Ze joegen op alles wat bewoog. Ze branden alle hutten plat en spraken een taal die wij bijna niet verstonden. Het enige wat ik weet is dat ze uit het noorden kwamen en ze rijden op de meest schitterende paarden. Ze schreeuwen korte woorden naar elkaar, dan weet iedereen wat te doen. Ze werken samen als een machine, voor ze zich vergrijpen aan de vrouwen en de schatten roven van hen die iets van waarde bezitten. Dat gebeurt pas als alles brand en er niemand meer buiten hun greep is.”

Cabilah wijst ons op de resten van schuren en hekken die even buiten het dorp staan. Ze zijn niet verbrand, maar er was blijkbaar ook niemand meer die ze probeerde te onderhouden. Cabilah had die ochtend verteld dat ze bang was dat alle lijken nog in de straten zouden liggen. Precies zoals dat ze die nacht achter gelaten waren. Inmiddels zou het vlees weggevreten zijn en de gedroogde geraamtes zouden een macaber schouwspel bieden, zeker aan diegene die wisten hoe levendig dit dorp ooit geweest was.

Terwijl we het dorp binnen lopen, voorbereid op het ergste, voel ik me bekeken. Ik weet niet wie of waar vandaan. Maar bekeken word ik. Uit voorzorg neem ik mijn boog in de hand. Er is weinig over van wat ooit een welvarend dorp geweest moet zijn.

Hier en daar staan er nog wat palen overeind, waar resten zwartgeblakerd riet op rusten. Her en der liggen potten en houten gebruiksvoorwerpen. De straten zijn overwoekerd met onkruid.

Midden in het dorp, waar ooit een plein moet zijn geweest, staat een paal met iets eraan recht op. Daar aangekomen blijkt er aan de paal een huid genageld te zijn. Cabilah toont Retsj waar de hut van haar ouders heeft gestaan, terwijl Numico en ik de huid bekijken.

Als ik hem in mijn handen houdt besef ik me dat dit geen dieren huid is. Op de huid staat iets, het kan niet geschreven zijn als mijn vingers over de tekst gaan voel ik hoe kleine stukjes loslaten, het is verkoold.

“Deze huid is met een gloeiend voorwerp bewerkt toen hij nog rond een lichaam zat. Welke gekken zijn instaat tot dit soort verschrikkingen,” vraag ik?

“Ik heb wel een idee,” zegt Numico wijzend op het symbool achter de drie woorden die weer geschreven zijn in dat vreemde schrift.

Ga naar deel 89 van dit dagelijkse feuilleton. Het verhaal is gebasseerd op regressietherapie, fantasie en levensvragen. Voor het volgende deel klik hier. Voor een overzicht van alle delen tot nu toe klik hier.

help

Klik hieronder voor uw mijlpalen:


Beloon de maker en jezelf

Word Yoors lid