×

Yoors


Inloggen
×

Yoors














#

0 volgers
notifications_noneadd
Perial: Gevangene van een Duivels Dilemma - Deel 11

Perial: Gevangene van een Duivels Dilemma - Deel 11


(Eindelijk ontvang ik de beloning voor de eeuwen van afwachten. Zijn aanwezigheid zal ik oproepen. De tijd is daar om Hem uit te dagen. De confrontatie is onvermijdelijk, zijn glorie al te vervaagd om wederom opgepoetst te worden. De volgende fase in de menselijke ontwikkeling zal gestart worden. Zodat het mensdom kan groeien tot mens(wijs)heid. Een eenheid gebaseerd op steun aan je medemens, maar tevens zullen velen creperen om uiteindelijk te sterven. Uit respect voor zijn omgeving  zal de mens zijn eigen populatie doen krimpen. Geen plaats meer voor "Zijn" goeiige geiten wollen sokken geneuzel.)

Beginnen bij deel één klik hier

Eeuwen de tijd gehad Hem te bestuderen. Zijn gangen heb ik op aarde al uitgeplozen om tot de schamele ontdekking te komen dat Hij niet is wat de hoge religieuze heren beweren. Uit al de te lezen acties ontdekte ik alleen straf en  wreedheden, nergens spaart hij een mens die ´verkeerde´ keuzes maakte. Zelfs zij die de goede keus maakten werden opgeofferd. Zo zouden zij eerder tot hem keren. Helaas de paradijselijke rust van de dood was daar. Hij was nergens te vinden.

De ‘hemel’ is een pracht plaats, geopend voor alle zielen die de goedkeuring der blanke engelen dragen. Nee zij is  slechts de rust plaats waar zielen een tussenstation hebben voor zij weer deel mogen nemen aan het oneindige. 

Deze zogenaamde intellectuele dieren weten zelf niet wat er allemaal in hun hoofd omgaat. Minimaal gebruik makend van de capaciteit die hen geschonken is. Nog minder wordt zij  aangespoord door haar maker. Dit terwijl mijn kinderen gemiddeld dubbele capaciteit gebruiken  in vergelijking met zijn kroost. Ze zijn gedreven te leren,  te streven. Zoals ooit een apenras het licht zag door zijn zaad, zo misbruik ik zijn nazaten om een zwakke creatie te versterken.  

"Jahweh ik daag je uit. Je rol is uitgespeeld je bent een vergeten attractie. Een onherkenbaar boegbeeld van een spookschip. Je dwaalt al eeuwen op uitgeputte zee van zielen." Daar waar de wervelwind zich tot nu toe manifesteerde ontstaat een schim. Een oude man, grijs, in lang wit gewaad komt rustig dichterbij. Damien, mijn enige nog levende zoon, omarm je vader.

Vader! Ja onze vader die in de hemel zijt. Mijn vader was een hond, mijn moeder een hoer, herken uw schepping en aanschouw. De ruimte wordt gevuld door ons beide energieveld, ik voel het mijne nog steeds uitbreiden. De kracht van miljoenen vult mijn wezen. Nu reizen ook mijn handen. Miljarden bliksems schieten heen en weer boven mijn hoofd. De kracht die ik ontvang van zoveel verloren zielen neemt bezit van me. Een euforisch gevoel, meester over leven, dood, tijd, ruimte, plaats en uitkomst.

Ik richt mijn handpalmen geladen met het vertrouwen van miljarden op het centrum van zijn aanwezigheid.  Hij wankelt letterlijk nu de aarde hem de rug toekeert, maar dat was dan ook gelijk het meest spectaculaire aan deze vijandige overname. 

Zijn energie veld, even uit elkaar gereten door het verlies van vertrouwen, groeit. De oude man wordt vele malen groter. Zijn aura een goudkleurige wolk, die achterliggende beelden verhult. Mijn machtige blauwe veld ontmoet het zijne en houdt stand. Totdat ik merk dat mijn energie in de verdrukking komt. Met maximale inspanning haal ik nog een keer uit.

Het helpt niks. Hij omvat mij geheel. Een onbevattelijk energie massa sluit zich om mijn aanwezigheid inclusief de honderdduizenden zielen die mij vergezellen. Het is alsof mijn hersens gaan exploderen, brandend, vlammend zoutzuur vreet zich door mijn geheugen. Scheurende pijn een kernsplijting in het diepste van mijn zijn. Gedwongen los te laten wat mij bovennatuurlijk maakt, sterker dan ooit tevoren nemen de oerinstincten ’t over. Onbewuste alleswetende krachten besloten onder een diepe, inmiddels opengebroken, laag ontwikkeling. Er vloeit een stroom van herkenning door me heen zilver grijs als kwik. Verstikkend een toch vervullend alsof de basis van bestaan in mij is ontstaan.

De kracht ongekend, ik steek m'n arm uit naar hem, om de macht op te zuigen, een ongekende eenwording. Ik zie werelden mij onbekend en kan ze in tegenovergestelde richting laten draaien, ik voel de aanwezigheid van het totaal en ben volledig verbonden in hun zijn, hun zien, hun pijn. Aanschouw verleden en heden in een oogwenk en ben bewust van alle aanwezigheid realiseer ik dat we één zijn. Ik ben ook hem en wij is ‘God’.

 Geslaagd waar een engel faalde, een voormalig mens op de meest onmogelijke positie? Gelijk vervuld het antwoord mij. Daar waar zelfs een engel faalt en enkel een mens slaagt moet de plaats eerder door een mens vervuld zijn. 

Next Step >>

Binnenkort het laatste deel

<< Previous Step

<<  Begin vanaf deel 1