×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors










De wonderballetjes (13): Een dreigende maaltijd

De wonderballetjes (13): Een dreigende maaltijd


Jochem en Anne zitten boordevol met vragen, maar er is iets in de sfeer in de kamer dat het spreken belemmert. Afgezien van alledaagse en praktische opmerkingen als ‘Geef me die schaal eens aan’, ‘Wie heeft de suiker en de melk’, of een plichtmatig ‘Lekker hoor’ blijft de conversatie achterwege. De rij donker geklede mannen die met brillen met donkere glazen strak naar iedereen lijken te staren voegen iets sinisters toe aan de sfeer. Er hangt spanning en dreiging in de lucht en iedereen werpt regelmatig steelse blikken op de man aan het hoofdeinde van de tafel. Jochem ziet het. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje, denkt hij. Niemand lijkt te weten wat er komt, waarom ze hier zitten, wat van hen verwacht wordt. Hij legt zijn hand op die van Anne. Als ze elkaar aankijken ziet hij in haar ogen de ongerustheid. ‘Het komt goed’, zegt hij zacht. Anne knikt. Het is fijn dat ze samen zijn, zodat ze steun hebben aan elkaar.

Langzaam beginnen de bewegingen aan tafel stil te vallen. De schalen met broodjes zijn grotendeels leeg, er worden geen nieuwe broodjes meer gepakt. De kopjes en glazen zijn inmiddels ook leeg en het personeel dat met de dranken rondging heeft het vertrek verlaten. Er komen geen nieuwe drankjes meer. Niemand van de mensen rond de tafel lijkt een initiatief te willen nemen. Iedereen wacht af op de dingen die gaan gebeuren, op de onthullingen waar iedereen op zit te wachten. De stilte maakt dat alle ogen op Jansen worden gericht, die klaarblijkelijk overduidelijk geniet van zijn machtspositie.

De deur gaat open en  de twee personeelsleden komen opnieuw de ruimte binnen. In een snel tempo worden geroutineerd de tafels leeg geruimd. Het valt Jochem op hoe professioneel dat allemaal gaat. Hij beseft dat er een flinke organisatie achter Jansen staat, en dat er een flinke som geld gemoeid moet zijn bij, wat het dan ook mag zijn. Al dat personeel, die auto’s, deze enorme en bovendien strak beveiligde villa.

Jansen speelt ogenschijnlijk gedachteloos met een pen. Als het bediende personeel weer is verdwenen legt  hij de pen langzaam en zorgvuldig terug op het tafelblad en kijkt met een vaag glimlachje traag de kring rond. Dan gaat hij staan, en kijkt nogmaals iedereen aan.

‘Zo beste vrienden’,  begint hij met een rustige en zachte stem. Hij laat met opzet een kleine pauze vallen, ‘Jullie zullen ongetwijfeld allerlei vragen willen stellen, maar voorlopig heb ik’, de lichte nadruk op het woord ik kan niemand ontgaan, ‘het woord. Ik heb jullie bij elkaar gebracht met een reden. Jullie zijn speciaal, jullie hebben iets bijzonders. Ik heb jullie medewerking nodig voor een grote, geheime operatie. ’ En weer pauzeert hij even, terwijl hij de kring nogmaals rondkijkt.


(c) 2017, Hans van Gemert

Afbeelding: pixabay


De wonderballetjes - index

Haal deze tekst weg en vul hier je tekst in.



expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts



expand_less

Volgers



expand_less

Collecties