Gewoon koffie


Ik heb even zin in een lekkere kop koffie, dus ik stap vol verwachting en met goede moed het koffie-café binnen. Aan de toonbank staat een vriendelijk koffiemeisje op mijn bestelling te wachten. Ik wijs de gewenste koffiemaat aan en geef aan dat ik er gewone koffie in wil.

‘Gaat u maar zitten, meneer,’ zegt het koffiemeisje, ‘uw bestelling wordt zo gebracht.’

Dat is mooi, dus ik zoek een tafeltje uit bij het raam. Ik hoef niet lang te wachten. Ik heb me nauwelijks geïnstalleerd, of de koffie wordt al door een vriendelijke jongeman op tafel gezet. Het zijn allemaal vriendelijke mensen hier.

‘Alstublieft,’ zegt hij.

'Lekker, dank je wel!'

Dampend en geurend staat de kop op tafel. Dat ruikt prima. Een kleine versnapering wordt, compleet met koffielepeltje en servet, op tafel naast de mok gelegd. Als ik de verpakking ervan openmaak, blijkt dat ik een balletje van chocola heb gekregen. Ook al lekker. Er staat op tafel al een andere mok, geheel gevuld met suikerzakjes en melkkuipjes. Alle ingrediënten die nodig zijn om te koffie naar wens aan te kleden. Ik heb een flinke mok koffie gekregen, aan één suikerzakje heb ik vast niet genoeg.

Ik kijk om me heen. Het is een grappig café, dat het midden houdt tussen café, huiskamer, kantine en studiezaal. In het midden van de ruimte staat een grote, lange houten tafel, in gezellig donker hout uitgevoerd. Er liggen diverse tijdschriften en kranten, zodat de bezoekers aan deze tafel zich niet hoeven te vervelen. Onderdelen van dit leesvoer hebben zich ook verspreid over andere tafels, waar ze aandachtig bekeken worden. Het geeft de ruimte op de een of andere manier extra gezelligheid. De grote tafel is een populaire pleisterplaats, er zitten al verschillende mensen om heen. Jammer, maar ik heb gelukkig een ander tafeltje gevonden.

Aan de muur hangen stemmige koffie-sfeer-foto’s, in zwart-wit uitgevoerd. Het zijn moderne foto’s in een nostalgisch jasje van vroeger. Tussen de koffiefoto’s zijn handig sfeerfoto’s van de stad ingevoegd.

De ruimte is gezellig gevuld. Aan één tafel zitten een oudere heer en dame met een rode kinderwagen. Het is vandaag vast hun opa- en omadag. Aan weer een andere tafel leest een kalende man aandachtig de krant. Om de hoek, waar een zithoek met gemakkelijke, luie stoelen te vinden is, zitten ook mensen. Ik hoor ze, maar zie ze niet. Wat vandaag het meest opvalt, is het aantal jonge mensen. Waarschijnlijk studenten, die met opengeklapte laptops aandachtig zitten te tikken, of met elkaar in overleg zijn. Aan de flarden gesprek die door de ruimte zweven, maak ik op, dat ze met juridische zaken bezig zijn. Aan één scherm heb je duidelijk niet genoeg, dus wordt regelmatig een tweede, kleiner, naast de laptop gelegen schermpje geraadpleegd. Telefoons horen tegenwoordig nu eenmaal tot de onmisbare standaarduitrusting.

Een van de studenten klapt de laptop dicht en staat op. De laptop laat hij, met al zijn spullen, liggen, en zelf stapt hij naar buiten. Hij moet blijkbaar even toegeven aan zijn rookverslaving, maar via het raam waakt hij over zijn spullen. Het duurt niet lang, na een paar minuten stapt hij weer binnen, klapt zijn laptop weer open en gaat verder waar hij gebleven was.

Er klinkt vlotte muziek uit de luidsprekers, hoewel de klanken door de geanimeerde gesprekken zo nu en dan helemaal op de achtergrond raken. Nu golft de muziek al kabbelend soms even over en door de gesprekken heen.

Ik voeg de inhoud van een melkkuipje aan mijn koffie toe. Lichte wolken kolken door het zwartbruine mengsel, brengen er licht in. Het wolkje verspreidt zich, de kleur wordt weer egaler. Ik roer in mijn koffie. Je ziet de koffie cirkeltjes draaien. In het midden wat langzamer, aan de buitenrand draait een groepje koffiebelletjes wat enthousiaster zijn rondje. Als je wat sneller roert, komt de buitenrand wat naar boven, in het midden ontstaat een kuiltje, het lijkt wel een soort draaikolkje. Grappig. Als je ophoudt met roeren, komt alles weer snel gelijk en draaien de koffiebelletjes weer hun rondjes. Niet te lang, de belletjes komen tot rust.

Ik besluit dat het tijd wordt. Ik proef een slokje van mijn koffie. Nog maar wat van dat tweede suikerzakje erbij.


(c)2014-2018 Hans van Gemert

Afbeelding: Pixabay