Ik krijg er de kriebels van


'Attentie, attentie', klinkt het uit de treinspeakers, 'over enkele ogenblikken bereikt deze trein het eindpunt van deze lijn: station Gare du Nord in Parijs. Vergeet u uw bagage niet. We maken u erop attent dat op het station zakkenrollers actief kunnen zijn, let u daarom goed op!'

'Nou lekker dan,' meent Gerrit, 'Het is maar goed dat wijzelf zo'n brave, oppassende burgers zijn!'

'Zeg dat wel. Laten we goed op onze stenen passen, en vooral uitkijken dat we dat zeester-clubje niet de hele tijd tegen het lijf lopen. Ik krijg er toch de kriebels van!'

De trein stopt, de passagiers stappen uit. Hoewel het station overdekt is, is de koude wind van de opgestoken herfststorm goed voelbaar.

'Wat doen we eerst? Zullen we eerst maar eens een hapje gaan eten?'

'Nou, ik heb eigenlijk wel trek, na dat verschrikkelijke treinvoedsel.'


(c)2019 Hans van Gemert

Eigen afbeelding


Deze aflevering van het vervolgverhaal past in de 140-woorden-uitdaging van FrutselenindeMarge. Omdat er voor de lopende maand (nog) geen nieuw woord is vallen we even terug op het woord waarmee het lopende vervolgverhaal precies één jaar geleden begon: herfststorm.