Wintersport, dat is toch skiën?


Wat gebeurde er hiervoor

De eerste aflevering van deze reeks

Een last minute vakantie naar de wintersport, en morgen al vertrekken. Tante Coby moet het eventjes verwerken. Aan de ene kant is het gratis, een belangrijk argument om alle bezwaren razendsnel te laten vallen. Aan de andere kant, er moet een hoop worden voorbereid, geregeld en ingepakt.

'Zeg Frits,' aarzelt ze, 'die sneeuw, is dat niet steenkoud?'

Oom Frits knikt. 'We moeten dus warme jassen, dassen en handschoenen mee.'

'En wintersport, dat is toch skiën?'

Oom Frits knikt opnieuw.

'Dat heb ik nog nooit gedaan. Jij wel soms?'

 'Ik ook niet,' geeft oom Frits toe, 'Maar dat is helemaal niet moeilijk hoor. Zelfs kinderen kunnen het. Je hoeft alleen maar rechtop te blijven staan, je glijdt vanzelf naar beneden.'

'Maar we hebben helemaal geen ski's!'

'Er zal toch wel iemand van de familie zijn die van die dingen rijk is?'

 

Het komende uur zit oom Frits aan de telefoon. Het blijkt niet zo eenvoudig te zijn om ski's te vinden. De meeste wintersportliefhebbers uit de familie hebben ofwel geen eigen ski's ofwel ze blijken deze zelf plotseling nodig te hebben nadat oom Frits heeft gezegd waarom hij er naar vraagt. Maar uiteindelijk komt hij uit bij achterneef Harrie, die nog wat exemplaren heeft staan.  Niet helemaal nieuw, had Harrie gezegd, en dat was wel waar. Kenners zouden het gehad hebben over exemplaren uit de steentijd, maar hoe belangrijk kan de leeftijd van die dingen voor een beginnend expert als oom Frits nou helemaal zijn. Vol trots rijdt oom eventjes later met de geleende buit huiswaarts. Omdat de lengtes van de ski's niet helemaal overeenkomen met de lengte van de auto piepen een viertal lange latten uit het raampje naar buiten. 

 

Bovenstaande dubbele episode uit het leven van oom Frits en tante Coby bevat 280 woorden en twee keer 'steenrijk' (in delen), en past derhalve in: