×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors










'Nobby' - Deel 45.

'Nobby' - Deel 45.


‘We hadden aan één kamer toch genoeg, Willem?’ Maar Willem antwoordde echter niet.

‘Willem!’

‘Wat zei je, meis?’ reageerde Willem nu wel. Hij was geconcentreerd zijn spullen aan het uitpakken uit de tas. Dat deed hij met de grootste zorg.

‘Waarom twee kamers?’ vroeg Deirdre.

‘Daarom,’ was het korte antwoord van Willem.

‘Dat kost toch onnodig veel geld?’

‘Weet ik, meis. Maar maak je om geld geen zorgen, dat is het enige, waar ik genoeg van heb. En aan die pijn in mijn benen, daar heb ik ook schoon genoeg van.’

‘Of wil je niet met mij op een kamer?’ vroeg Deirdre weer.

‘Meis, ik ken je eigenlijk maar amper. Ik vind het te veel ver gaan om met z’n tweeën op een kamer te liggen.’

‘Waarom pak je eigenlijk alles uit?’ vroeg Deirdre.

‘Waarom, daarom,’ was het antwoord van Willem, ‘jij stelt een hoop vragen. Laat me nu maar bezig, voel ik me beter bij.’

‘Sorry.’

‘Geeft niet, meis,’ antwoordde Willem. Hij draaide zich om en zag Deirdre in zijn deuropening staan. Ze droeg een oud T-shirt en daaronder een duidelijk versleten joggingbroek. Bij aankomst in het hotel had Willem er al op aangedrongen om twee kamers te nemen. Daar was hij vastberaden in. Willem was van mening, dat wijlen zijn vrouw meekeek.

‘Maar ik schaam me nergens voor, hoor,’ zei Deirdre.

‘Nee, maar ik wel,’ antwoordde Willem weer, terwijl hij zijn lege tas op de grond gooide.

‘Heb je die dinges al gebeld?’ vroeg Willem.

‘Ik heb hem een sms gestuurd,’ antwoordde Deirdre.

‘En?’

‘Nou gewoon, tot morgen.’

‘Om hoe laat? Waar? Hoe? Weet je dat ook?’

‘Komt wel goed, Willem.’

‘Komt wel goed, Willem,’ herhaalde Willem met een diepe zucht, ‘alles komt goed…’

‘Zo is dat,’ zei Deirdre, ‘slaap lekker, tot morgen.’

‘Ja. Tot morgen,’ mopperde Willem. Deirdre sloot de deur van Willems kamer. Willem ging op het randje van het bed zitten. Hij keek de kamer rond. Vergeeld behangpapier, domme schilderijtjes die met schroeven aan de muur zijn bevestigd.

‘Alsof je die zou willen jatten,’ mopperde Willem. Uit zijn portemonnee haalde hij een oude foto tevoorschijn. Het was een foto van zijn vrouw.

‘Tja, Marie,’ fluisterde hij, ‘waar is je ouwe gekke Willem nu weer allemaal mee bezig, hé? Maar je kent me hé, als ik mensen kan helpen…’ Hij stond op en pakte de fles jenever, die hij in de hotellobby had gekocht. Hij opende de fles en nam een kleine slok. Het goedje liet een branderig gevoel achter in de keel. Willem schudde een keer met zijn hoofd, alsof het branderige gevoel daarmee over zou gaan. Langzaam maakte hij de knoopjes los van zijn blouse en trok deze uit. Zorgvuldig hing Willem deze over een stoel heen. Hij keek naar het bed, alwaar de foto van Marie lag.

‘Schat, ik neem nog een paar slokken, goed? Slaap ik altijd zo lekker op.’ Hij nam inderdaad nog een slok van zijn fles. Daarna deed hij zijn broek open en ging weer op het bed zitten om zo gemakkelijker zijn broek uit te krijgen. Die hing hij vervolgens ook over de stoel. Willem bedacht zich, dat de gordijnen nog open stonden. Hij liep naar het raam en keek naar buiten. Er was niet veel te zien op straat. Hij hoorde een zachte aanhoudende dreun, die afkomstig was van een cafeetje in de buurt. Het zag er gezellig uit, daar. Hij pakte er weer zijn fles bij en nam een slok.

‘Proost!’ mompelde Willem en hij hield daarbij de fles omhoog, wijzend in de richting van het café. Elke keer dat daar de deur open ging, was de dreun wat beter te horen. Het deed Willem denken aan zijn goeie ouwe tijd, toen hij nog cafeetjes bezocht. The Beatles, The Stones, dat was pas muziek! Daar kunnen ze tegenwoordig nog een puntje aan zuigen! Met een glimlach nam hij nog een paar slokken van zijn fles. Willem voelde zich al aardig licht worden in zijn hoofd. Hij besefte dan ook, dat het maar beter was om te gaan liggen in zijn bed. Willem zette de fles weg op het nachtkastje en liep vervolgens weer terug naar het raam. Hij keek nog een keer uit het raam en zag aan de overkant een opvallende grote zwarte auto staan. Er leek niemand in te zitten. Willem sloeg de gordijnen dicht en liep naar zijn bed. Wacht eens even, dacht Willem, die auto, dat leek dat ding wel…

‘Ja, tuurlijk, het zal wel,’ mopperde Willem, ‘ik mot echt eens ophouden met die rotzooi.’ Hij doelde daarbij naar zijn fles jenever. Willem ging in bed liggen en sloeg de zware lakens over zich heen. Het duurde niet lang, of de oude man lag al snel in een diepe slaap.

Voor vervolg klik hier





expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts



expand_less

Volgers



expand_less

Collecties