×

Yoors


Inloggen
×

Yoors











Wanneer zelfs je ouders je niet begrijpen

Wanneer zelfs je ouders je niet begrijpen


De relatie tussen mij en mijn ouders is nooit echt goed geweest. Het is ook niet helemaal slecht. Het is gewoon waanzinnig ingewikkeld.

Over twee maanden word ik 25. Ik woon nog thuis, school heb ik nog niet afgemaakt. Een baan nemen is simpelweg op dit moment niet mogelijk, omdat ik het door mijn angststoornis altijd wel weer om zeep weet te helpen. En ondertussen wordt de situatie er thuis niet bepaald beter op.

Mijn ouders zijn gescheiden toen ik een jaar of twee was. Sindsdien heb ik mijn vader niet of nauwelijks meer gezien en dat is prima. In zijn plaats is er mijn stiefvader, die ik beschouw als mijn eigen vader. Tot zo ver alles prima. Na de scheiding ging mijn moeder door een zware periode. Telkens opnieuw kreeg ik van iedereen te horen dat ik maar lief moest zijn voor haar. Niet teveel aandacht moest vragen, moest doen wat ze zei, en ga zo maar door. En dat is precies wat ik deed. Ik was extreem lief, extreem braaf. Probeerde haar niet teveel lastig te vallen met mijn eigen problemen en eigenlijk ben ik dat altijd blijven doen, ook toen het weer beter met haar ging.

Toen ik eenmaal op de middelbare school zat, begon er van alles te veranderen. Ik werd veel gepest, durfde nauwelijks naar school. Mijn cijfers kelderden dramatisch. Daarnaast kwam ik ook in de puberteit en begon me steeds meer af te zetten tegen de schattige, roze kleding waarvan mijn moeder wilde dat ik het droeg. In plaats daarvan verdiepte ik me in metal, rock en punk. Alles moest zwart zijn. Ik wilde mijn haar in gekke kleuren verven, maar mijn nieuwe stijl werd door mijn ouders hard afgekeurd. 'Waarom kan je er nou niet leuk bijlopen zoals andere meiden?' was een vraag die me vaak gesteld werd. Ik kan me nog elke keer herinneren dat mijn stiefvader me een gestoordeling noemde en de walgende blik in zijn ogen wanneer hij naar me keek. Hier reageerde ik altijd op door deels kwaad, deels verdrietig te worden. Op school werd ik belachelijk gemaakt om wie ik was en thuis even goed. Ik begon me op te sluiten op mijn kamer, om ruzies te voorkomen. Maar die ruzies kwamen toch.

Ik probeerde elke week in het huishouden te helpen door schoon te maken. Het was niet iets wat ik leuk vond om te doen, maar als ik het niet deed kwamen er enorme ruzies van. Dus ik boende de keuken en de woonkamer, stofzuigde en dweilde, ruimde de vaatwasmachine in en uit en maakte de lunch voor mijn zusje en stiefvader voor de volgende dag. Als ik dat dan deed na een schooldag, keek ik extra uit naar een paar vrije uurtjes in de avond en hoopte ik zo dat mijn moeder voor de verandering eens blij zou zijn. Rond een uur of zes hoorde ik haar thuis komen, geïrriteerd na een dag werken, en vertelde ik wat er allemaal in huis gebeurd was.
'Hmm, en heb je ook deze richel meegenomen?' vroeg ze dan terwijl ze met haar vinger over het onderste stukje van een kast gleed.
'Eh, die ben ik vergeten,' antwoordde ik angstig. En daarna begon dan een nieuwe ruzie. Ik was te lui om uit mijn ogen te kijken, ondankbaar omdat ik gratis in huis mocht wonen, onhandelbaar. Of ze misschien maar moest kijken of ik uit huis geplaatst kon worden? Daarna begon het volgende gedeelte van de ruzie: nu moest ze zelf nog gaan schoonmaken en ze had al zo hard gewerkt. Vloekend en tierend vulde ze een emmer met sop en begon alles opnieuw schoon te maken. Mijn moeder heeft de vreselijke gewoonte om hardop te praten wanneer ze schoonmaakt. Wanneer ik naar boven vluchtte, schreeuwde ze eens in de zoveel tijd nieuwe verwensingen.
'Je wordt godverdomme bedankt!'
'Ik zal er voor zorgen dat je zusje nooit wordt zoals jij!'
'Ik heb alleen maar ellende van je!'

Soms voegde ze er nog een rijtje aan toe:
'Moet je kijken hoe je eruit ziet!'
'Opa zou zich omdraaien in z'n graf als hij je nu kon zien!'
'Je bent alleen maar jaloers op me omdat mannen wel naar mij kijken en niet naar jou!'

In diezelfde tijd raakte ik verslaafd aan automutilatie en het was niet ongebruikelijk dat, wanneer ze zo tekeer ging, ik op mijn kamer mezelf zat te snijden.

Begrijp me niet verkeerd, ik bedoel niet te zeggen dat mijn ouders niet van me houden of dat zij verantwoordelijk zijn voor mijn angststoornis. Maar -net zoals met school- is het wel één van de vele omstandigheden geweest. We kunnen het ook waanzinnig leuk hebben als gezin, maar praten met ze doe ik niet meer. Toen ik 17 was en zelfmoord overwoog, zei ik het niet. Ik heb meerdere malen veel paracetamol ingenomen, met het idee dat ik nooit meer wakker zou worden, maar het gebeurde toch. Ook daar weten ze niets van.

Eind vorig jaar begon mijn moeder aan een zoveelste schreeuwpartij. Dat ik nog steeds mijn diploma niet had, nog steeds geen baan. Te lui was om te werken. Egoïstisch was en nooit naar mezelf kon kijken. Alleen maar wilde profiteren van mijn hardwerkende ouders. En ik brak gewoon. Ik begon te schreeuwen dat ik constant bang was voor alles, dat ik me zorgen maak over alles. Dat ik sneed in mijn puberteit. Dat naar buiten gaan en een baan nemen me zoveel angst bezorgde. Mijn moeder was heel lang stil en moedigde me toen aan om naar een psycholoog te gaan. Dat heb ik gedaan en inmiddels zijn ze bezig om me te plaatsen in een behandelingstraject. Voor ongeveer een maand heb ik rust gehad, maar inmiddels is het weer begonnen thuis. De constante ruzies. De verwijten.
'Ga nou solliciteren!'
'Je zit te liegen over school, je had allang klaar moeten zijn!'
Kennelijk dachten mijn ouders dat het met drie bezoeken aan de psycholoog wel over zou zijn, maar dat is het niet. En het stomme is dat mijn ouders mijn angsten alleen maar erger maken.

Terwijl ik dit typ, ligt er weer een lijst aan klusjes op me te wachten. Vanavond wacht er weer ruzie. En ik zit als bevroren op mijn stoel en probeer te bedenken hoe ik het ze ooit duidelijk ga maken dat ik het allemaal goed bedoel en dat altijd al gedaan heb. Dat ik niet lui ben. Maar elke keer eindigt het in ellende. Alles wat ik doe vatten ze verkeerd op, elke stap die ik zet is nooit ver genoeg. Het zou voor iedereen beter zijn als ik uit huis ging, maar hoe? Ik kan nog niet werken zolang ik mijn angst niet onder controle heb, maar zoals ik thuis woon zal het ook nooit beter worden. Ik zit vast in een cirkel en soms ben ik bang er nooit meer uit te komen.