×

Yoors


exit_to_app Inloggen

camera_alt
Afbeelding toevoegen
60
Poison - Hoofdstuk 17

Poison - Hoofdstuk 17


Hoofdstuk 17: Een nieuw plan.

Kian en Dylan rennen allebei naar mij toe. Ze houden allebei vanuit andere kanten de brief vast. Ik haal diep adem en ik lees voor wat er op de brief staat.

Reve,

Het spijt mij dat het zo allemaal gegaan is. Ik wil met je praten. Met jou alleen en zonder alle spionnen. Vanavond in mijn huis. En ik weet wat jij nu denkt. Ik ga je niet ontvoeren of wat anders als je dat denkt. Ik verwacht dat je komt. Tot vanavond,

Clay.

Ik schrik. ‘Ik zal nooit met hem willen praten’. Zeg ik. ‘Pas als hij zegt dat hij het Poison weg haalt bij mij’. Zeg ik. Kian pakt mij beet. ‘Reve, ik heb een idee’. Zegt hij. ‘Je gaat gewoon op gesprek en kijkt wat hij precies van je wil’. Zegt Kian. Ik schud mijn hoofd. ‘Ben je gek’! ‘Wat als hij mij nog erger Poisoned maakt’! Zeg ik. Hij schudt zijn hoofd.

‘Laat mij nou even uitpraten’. Zegt hij. Ik kijk hem aan. ‘Wanneer je denkt dat het fout gaat roep je ons want wij staan allemaal op verschillende plekken rond het huis’. Zegt Kian. Ik glimlach. ‘Als Clay echt met mij wil praten dan moet het wel zo’. Zeg ik. Dylan lacht. ‘Eindelijk weer wat actie’. Zegt hij. Ik schudt mijn hoofd. ‘Wat is er’? Vraagt Dylan. Ik haal diep adem. ‘Ik ben echt doodsbang voor Clay’. Zeg ik. ‘Ik weet echt niet of ik wel moet gaan eigenlijk’. Zeg ik en ik ga op het bureau stoel zitten van mijn vader. ‘Wat vinden jullie wat ik moet doen’? Vraag ik aan mijn broers.

Kian loopt naar mij toe en buigt voorover. ‘Zusje, ik vind dat je gewoon naar Clay moet gaan en ons laat bespioneren’. Zegt Kian. Ik kijk Dylan aan. ‘Wat vind jij’? Vraag ik. Hij knikt. ‘Ik denk dat ik het wel met je broer Kian eens ben’. Zegt hij. Ik knik. ‘Ik vraag anders wel aan Elijah wat hij ervan vind’. Zeg ik. Ik prop het briefje in mijn zak. Ik sta op en ik loop de trap af naar beneden.

Beneden trek ik mijn schoenen aan en als ik de deur al open doe zie ik hem al voor de deur staan. ‘Elijah’. Zeg ik blij. ‘Wat doe jij nou hier’? Vraag ik. Hij glimlacht. ‘Ik wilde graag naar jou gaan, Reve’. ‘Ik ben je vriendje, weet je nog’? Vraagt hij. Ik lach. ‘Natuurlijk weet ik dat wel’. Zeg ik. ‘Gaan we een stukje lopen of blijven we binnen? Vraag ik. Elijah slaat een arm om mij heen.

‘Ik stel voor om een stukje te lopen’. Zegt hij. Ik knik. ‘Dan pak ik even snel mijn sleutels’. Zeg ik en ik loop weg van Elijah. Ik pak snel mijn sleutels uit het bakje en ik loop weer naar Elijah toe. Hij slaat opnieuw een arm om mij heen en we lopen richting een bos en praten. ‘Je kijkt zo bezorgd’. Zegt Elijah tegen mij. ‘Gaat alles wel goed met je of heb je mij nodig’? Vraagt hij. Ik knik.

‘Ik heb inderdaad de raadt van mijn vriendje nodig’. Zeg ik. Hij lacht. ‘Maar wat is er aan de hand’? Vraagt hij ineens serieus. Ik haal het briefje uit mijn zak. Het is nog helemaal opgepropt. Ik begin al te trillen als ik denk aan dat dit de brief van Clay is. Elijah pakt mijn hand vast. ‘Je bent echt al helemaal aan het trillen’. ‘Ik begin mij echt zorgen om je te maken’. Zegt hij. Ik stop met lopen.

‘Laten wij maar even zitten’. Zegt hij. Ik knik. Ik geef hem de brief van Clay. Hij leest het snel. Hij schrikt. Dat zie ik in zijn angstige ogen. Hij gooit de brief naast hem weg. Ik voel de tranen in mijn ogen. ‘Elijah’. Zeg ik zachtjes. Hij kijkt mij aan als er een traan over mijn wang loopt. Ik zet mijn handen voor mijn ogen en ik buig naar voor. Naar de grond.

Elijah slaat zijn armen om mij heen. ‘Wees niet bang’. ‘Ik zal je nooit laten gaan’. ‘Weet je nog wat ik tegen je zij toen bij die inbraak bij hem in het huis’? Vraagt hij. Ik kijk hem aan. Ik heb echt het gevoel dat er allemaal mascara over mijn gezicht loopt. Ik knik. ‘Ik zal je altijd beschermen’. Zegt Elijah. Hij geeft mij een kus op mijn wang.

Dan kijkt hij mij aan en buigt naar voor. Ik schud mijn hoofd. Ik krabbel naar achter. ‘Elijah nee’. Zeg ik. ‘Ik wil niet dat jij ook Poisoned word’. Zeg ik. Elijah zucht. ‘Reve alsjeblieft, dat is toch mijn fout als dat gebeurt’. Zegt hij. Ik knik. ‘Ik kan het gewoon niet’. Zeg ik. Ik sta op en ik wil net weg rennen maar iemand pakt mij weer vast. Ik draai mij om met de tranen in mijn ogen. Elijah heeft mijn pols vast.

‘Reve, blijf alsjeblieft hier’. ‘Ik zal niks meer doen oké’? Vraagt hij. Ik knik. ‘Goed dan’. Zeg ik. ‘Ik ben gewoon bang en anders door dat Poison’. Zeg ik. ‘Het spijt mij voor alles wat ik gedaan heb’. Zeg ik. Hij schudt zijn hoofd. ‘Reve ben je gek’. Zegt hij. ‘Je bent het liefste, leukste, schattigste, aardigste, mooiste meisje ooit’. Zegt hij.

‘Ik ben al lang blij dat ik jou heb leren kennen’. Zegt hij en haalt mij voorzichtig weer omlaag. ‘Ik bedenk wel iets waardoor je niet door Clay ontvoerd word’. Zegt hij. Ik voel dat ik rood word. ‘Meen je dat al echt allemaal’? Vraag ik. Hij knikt. ‘Dat vond ik allemaal al vanaf het moment dat ik je zag’. Zegt hij. ‘Ik beloof je dat ik je nooit zal laten gaan’. Zegt hij. Hij legt mij tegen hem aan.

‘Wil je naar mijn huis gaan’? Vraagt hij. Ik knik. ‘Dat is goed’. Zeg ik. Hij staat op en steekt zijn hand naar mij uit. Ik pak zijn hand en hij trekt mij overeind. We lopen naar de straat dichtbij het bos. ‘Woon jij hier ver weg’? Vraag ik. Hij schudt zijn hoofd. ‘Helemaal niet zelfs’. Zegt hij en hij stopt voor een wit huis.

Het valt mij nu pas op dat ik nog nooit bij hem thuis ben geweest. ‘Zijn je ouders thuis’? Vraag ik aan hem. Hij schudt zijn hoofd. ‘Mijn ouders zijn altijd werken dus ze hebben ook nooit door dat ik een spion ben’. Zegt hij. Ik lach. ‘Dat is wel handig’. Zeg ik.

Hij kijkt mij aan. ‘Je bent echt doodsbang voor die Clay hé’? Vraagt hij. Ik knik. ‘Ik wil alleen maar overleven’. Zeg ik.