×

Yoors


exit_to_app Inloggen

camera_alt
Afbeelding toevoegen
60
Poison - Hoofdstuk 42

Poison - Hoofdstuk 42


Hoofdstuk 42: Illusie of waarheid?

Ik sta eindelijk bij het begin van het bos. Je kan het beter het plekje van mij en Elijah noemen. Ik zie al dat het donker word. Ik voel mij er steeds minder prettig bij. Ik kijk naar de bomen maar het lijkt allemaal alleen maar erger te worden. Ik voel pijn in mijn polsen. Ineens hoor ik een hard geschreeuw. Het komt mij bekend voor. Veel te bekend als ik eerlijk ben. Ik weet ook gelijk van wie die schreeuw is. Ik schrik mij helemaal kapot als ik zijn naam in mijn hoofd krijg. ‘Dylan’! Roep ik zo hard mogelijk.

‘Nee’! Ik wist het! Ik had bij Dylan moeten blijven. Ik voel het gewoon. Dylan is in gevaar. ‘Laat mij niet achter’! Hoor ik door mijn hoofd spoken. Het lijkt alsof Dylan dat zegt. Maar ik weet steeds niet of het wel waar is. ‘Waar is Dylan’! Hoor ik Elijah roepen. ‘Dylan’! Roep ik hard door het bos. Mijn zicht word paars. Alle bomen, het gras, de lucht.

Alles word paars. ‘Neem mij met je mee’. Zegt de stem van Kian terwijl ik mezelf op mijn knieën laat zakken. Ik hoor overal om mij heen de echo’s van alles wat er gezegt word. ‘Ik wil met je mee’! Hoor ik Callum roepen. Ik zet mijn handen tegen mijn oren. ‘Help mij dan toch’! Roept de stem van Dylan opnieuw.

‘Reve’? ‘Reve’? ‘Luister nou eens naar mij’! Roept Elijah bang en verdrietig. ‘Het Poison kan zich gemakkelijk verspreiden, wist je dat al Reve’? Vraagt Clay met zijn gemene irritante stem. Overal hoor ik de echo’s van alle stemmen. De stemmen van mijn vrienden. De stemmen van mijn broers. De stem van Clay. ‘Wij zullen je nooit meer zien, Reve’. Zegt mijn moeder terwijl ze een grijns op haar gezicht heeft. Ik gil. Ik gil harder en harder. Ik heb niet het gevoel dat ik alleen ben. Ik hoor één stem in mijn hoofd.

Mijn eigen stem. Moet ik daar naar luisteren? Alles wat je hoort is maar een illusie. Dylan vraagt niet om je hulp maar hij kan wel echt in gevaar zijn. Ik haal voorzichtig mijn handen van mijn oren weg. ‘Dylan vraagt niet om mijn hulp maar hij kan wel echt in gevaar zijn’. Herhaal ik. ‘Ik kan je helpen’! Zegt de stem van Maya.

Ik knijp mijn ogen stevig dicht. Ik schud zachtjes mijn hoofd heen en weer. ‘Reve, concentreer je nou eens’. Zeg ik zachtjes. ‘Alles is maar een illusie, het is niet echt’. ‘Je kan het aan’. ‘Ga naar huis’. Zeg ik steeds tegen mezelf terwijl ik in mijn hoofd alle stemmen hoor van iedereen die mijn hulp nodig heeft of in gevaar is. ‘Wacht nou eens op mij’!

‘Alsjeblieft, het is geen illusie, Dylan is in gevaar’! Roept Kian. Ik zie zijn gezicht in mijn gedachte. Of is het allemaal waar? Ik kijk naar de illusie Kian terwijl ik mezelf ontspan en mijn ogen open. Zelfs als ik mijn ogen open zie ik precies hetzelfde. Ik zie Kian voor mij. Hij glimlacht. ‘Het is goed, Reve’. Zegt hij. ‘Je moet Dylan redden’! ‘Hij is echt in gevaar’! Roept hij.

Ik sta duizelig op. Ik loop voorzichtig naar Kian toe. Hij glimlacht nog steeds maar steeds als ik dichterbij kom kan ik door hem heen kijken. Ik kan de bomen achter Kian zien. Dat hoort niet. Dat kan niet. Ik steek mijn hand naar Kian uit. Hij verdwijnt in de lucht. Ik voel een traan in mijn ooghoek opkomen.

Kian is weg. Het was wel een illusie. Ik loop verder door het bos als ik geluiden achter mij hoor. Ik sluit mijn ogen en ik zie mezelf in het bos met drie illusie Clay’s die steeds groter worden. Ik open mijn ogen van de schrik en ik draai mij om. Ik zie de Clay illusies zoals in mijn gedachte. Mijn gedachte is niet waar. ‘Clay zal je blijven volgen waar je ook bent’. Zegt mijn stem in mijn hoofd.

Ineens zie ik blauwe lucht voor mij. Ik gil kort. Ik zie Elijah verschijnen. ‘Je kan alleen het een uitweg vinden als je het duister en illusies laat verdwijnen’. Zegt Elijah met echo’s in zijn stem. Ik sluit mijn ogen en ik haal heel diep adem. Elijah heeft gelijk. Ik kan mijn uitweg alleen vinden als ik alle duister en illusies laat verdwijnen. Ik open mijn ogen en ik draai mij om. Ik loop heel rustig naar de uitgang van het bos.

Mijn hartslag begint te dalen steeds elke seconde iets meer. Terwijl ik terug loop word mijn hoofd vol gestopt met alle illusies die ik eerder zag. Met alle stemmen in mijn hoofd die ik altijd hoor. ‘Help mij’! ‘Neem mij met je mee’! ‘Alsjeblieft luister naar mij’! ‘Waar is Dylan’!? ‘Laat mij niet achter, Reve’! ‘Wacht nou eens op mij’! ‘Clay zal je volgen’. Ik loop gewoon door.

Ik laat alle duister en illusies om mij heen verdwijnen. Ik kan het aan. Ik kan naar huis zonder angst mee te nemen. Ik sluit mijn ogen en ik laat mijn gedachte de weg lijden. Ik wist dat alles een illusie was en dat ik het niet kan vertrouwen. Illusies kunnen bedrieglijk zijn maar als het om een weg naar huis gaat heb ik vertrouwen in die bedrieglijkheid.