Lentekriebels in Venetië


Wat er vooraf ging:

Of begin hier:

De derde dag heeft het gezelschap zich koest gehouden in het park naast het hotel waar ze op het dak sliepen. Karel merkte op: “Wat een verschil met het San Marcoplein zeg! Wat zullen we morgen gaan doen?” Belinda stelde voor om een gondeltocht te gaan maken. Dat zagen ze alle vier wel zitten. Zo gezegd zo gedaan. Eva had lentekriebels en zei: “Oooooh wat romantisch is dit toch” en spreidde haar vleugels zoals Kate Winslet in Titanic deed. Daarbij sloeg ze per ongeluk Koen van boord! En hij kan niet zwemmen... “ROEKOE!” riep Eva (wat “HELP” betekent). Karel sprong meteen in het water. Binnen no-time had hij Koen – helaas buiten bewustzijn – op het droge. Karel ging voorzichtig op de rug van Koen zitten en duwde met zijn pootjes er op. Koen spuugde water uit en kwam weer bij positieven.


Belinda –ook bevangen van lentekriebels- zei: “Oh Karel, je bent een held!”
“Zo is dat!” beaamde Koen. “Dank je wel kerel!” “Zoiets zou jij ook voor mij doen.” antwoordde Karel bescheiden. “Laten we teruggaan naar het park, waar we gisteren zo genoten. Dan kunnen jullie even bijkomen van de schrik.” Maar ze waren verdwaald. En door het water was Koen’s vleugel, die toch al zeer deed van twee dagen ervoor, vleugellam. Eva bleef bij hem tot de vleugel was opgedroogd. Karel keek alvast in de lucht waar ze zaten en vloog even later met Belinda terug naar het hotel. Ze waren ook wel toe aan even met z’n tweetjes zijn…
Uren later kwamen Koen en Eva aan. “Waar bleven jullie? We werden ongerust.” vroegen de andere twee. “We zijn te voet gekomen.” “Dat kan niet, dat is veel te ver.”

“Okee dan, we ontdekten een romantisch plekje, bij een heleboel lentebloemen.” “Waar is dat?” “Dat verklappen we aan niemand. Het is een plekje waar we even alleen konden zijn...” “Goh, jullie ook al last van kriebels?” “Last? Heerlijk juist. Genieten van elkaar.” “Dat is waar. Wij hebben ook genoten, hè schat?” knippert Belinda met haar oogjes naar haar Karel, die blosjes op zijn wangen krijgt. “Wat. Jij? Verlegen?” grapt Koen waardoor de rode kleur toeneemt. Om de boel af te leiden stelt Karel voor om een hapje eten te gaan zoeken. Bij een eetkraam aan een haven, knoeiden mensen friet met mayonaise en kibbeling. En daar pikten de vier natuurlijk een graantje van mee. Plots bleef een patat bij Eva in de keel steken. Koen aarzelde geen moment en sprong bovenop haar rug. Het stukje schoot er gelukkig meteen uit!

Bovenstaand verhaal bevat 3x 140 woorden vanwege deze uitdaging:

en past ook bij deze uitdaging:

en hier volgt het slot:

Header van Kurt Monauni op Pixabay