Isabelle, een mooie blonde meid van negentien jaar oud zette zich op aanwijzingen van de schilder, in haar blootje, op een bevallige wijze op het krukje neer. Het was de eerste maal dat ze echt naakt poseerde. Ze had wel eens een #naaktfoto van haar fraaie lichaam gemaakt met de webcam, maar ze had die foto nooit echt op internet gedeeld. Als eerstejaars medisch studente kon ze de tachtig euro die ze er mee kon verdienen goed gebruiken. Isabelle wist van zichzelf dat ze er goed uitzag. Ze had een prachtig slank figuur met stevige ronde billen, mooie puntige borsten en schitterend blond haar dat als een waterval over haar schouders en rug viel. Over mannelijke aandacht had ze absoluut niet te klagen. Want ze was zogezegd, een begeerlijk hapje. Althans..., in mannenogen. Ze schoof wat op het krukje heen en weer om de juiste houding aan te nemen. Het viel overigens nog niet mee om de houding aan te nemen die de schilder beoogde. ‘Je hoofd iets oprichten,’ riep de schilder van achter zijn schildersezel. Omdat ze dat niet precies naar zijn wens deed, liep hij op haar toe om haar iets te helpen. Hij pakte haar rechter arm en tilde die wat op. 'Ik wil meer borst zien, schatje. Je hebt fraaie tieten, dus niet je arm er weer voor gaan houden.’ Hij liep naar zijn ezel terug en keek naar haar van over de rand van het doek heen. Maar de schilder was nog steeds niet tevreden met haar houding. Hij liep weer naar haar toe om haar houding nog wat meer te corrigeren. ‘Zo ja…, je hoofd iets omhoog houden en je rechterarm iets naar voren houden ter hoogte van je schoot,’ zei de schilder. ‘Goed zo…, deze houding precies zo blijven vasthouden!’ De schilder liep opnieuw terug naar zijn schildersezel. Hij pakte een zacht potlood en zette enkele dunne lijnen op het doek, terwijl hij met toegeknepen ogen over de rand van het doek naar zijn model keek die bibberend van spanning en kou, voor hem, op het kleine lage krukje op grond zat.

‘Stil zitten schatje, anders wordt het niks,’ riep de man enigszins geïrriteerd uit terwijl hij met professionele nonchalance en vaardigheid zijn penseel even over het doek liet glijden.

‘Ik heb het verdomme hartstikke koud,’ zei Isabelle. ‘Had je het hier niet wat warmer kunnen stoken? Ik heb nu moeite om mijn lichaam trillingvrij te houden.’ De schilder zei niets, maar glimlachte alleen een beetje.

‘Daar moet je met poseren voor mij maar aan wennen, schatje . Stoken kost geld en geld geef ik liever aan andere zaken uit.’ Na een goed anderhalf uur mocht de kleumende Isabelle zich van haar krukje verwijderen en zich gaan aankleden.

‘Mag ik er al iets van zien,' vroeg de naakte Isabelle terwijl ze op de schilter toeliep. 'Ik ben werkelijk heel nieuwsgierig hoe je me op het doek neerzet.’

‘Nee! Niets daarvan, schatje.’ Als het helemaal klaar is, dan mag je het zien en je commentaar leveren, niet eerder. Isabelle droop teleurgesteld af en kleedde zich weer aan. De schilder kneep een tube verf leeg op zijn pallet en smeerde een deel ervan met een schildersmes op het doek, waarna hij met een soort schuursponsje de verf weg begon te vegen.

‘Helemaal goed, een mooi contrast. Ik denk dat ik ook nog wat bruin toevoeg,’ zei de schilder tegen Isabelle, die hem vriendelijk groette en met een klap, de klemmende oude houtendeur van het atelier achter zich dicht gooide. Al lopende op weg naar haar studentenkamer in Amsterdam belde ze met haar mobieltje haar moeder op, met de mededeling dat ze model had gezeten om zich naakt te laten schilderen.

'Ach schat, dat meen je toch niet serieus?'

‘Jawel hoor. Ik denk dat het heel mooi wordt, mam! De kunstenaar is, Jacob Van Dam. Een bekende Amsterdamse schilder en hij staat als heel bekwaam bekend. Als het helemaal af is gaan we het een keer samen bekijken. Dat beloof ik je!’

Twee weken later was het schilderij af en mocht Isabelle het als eerste komen bekijken. Eigenlijk zou haar moeder ook meekomen, maar die had andere afspraken op de dag der waarheid, althans dat beweerde ze aan de telefoon. Isabelle was wat opgelaten toen ze weer bij de schilder in zijn atelier haar opwachting maakte. ‘Mag ik het nu zien,’ vroeg ze met een van spanning trillende stem. ‘Ik ben zo benieuwd hoe je mij op het doek hebt geportretteerd.’

‘Ja, natuurlijk mag je het zien. Maar je kunt het beste twee meter van het doek af gaan staan om het beeld op je in te laten werken.’ Ze deed een paar stappen naar voren en bleef enkele meters van het op de schildersezel staande doek stilstaan, waarna haar spanning en nieuwsgierigheid, gelijk werden gedempt door de aanblik van het voor haar op de ezel staande doek. Ze sloeg van schrik en verbijstering haar handen voor haar mond.

‘Nou, zeg eens eerlijk, hoe vind je het?’ vroeg de schilder, terwijl hij met een zekere trots nog een laatste hand legde aan een detail, door met een dunne penseel een klein zwart randje te accentueren.

Isabelle keek eerst in opperste verbazing naar het doek alvorens ze in een spontaan opkomende woede en ontsteltenis uitbarstte. ‘Ik ben eigenlijk ontzet en verbaasd. Ik, ik…, ik vind het werkelijk helemaal niets! Sterker nog,’ zei ze met een stem waarin haar opkomende woede doordrong. ‘ik vind het gewoon waardeloos,’ vervolgde de ontdane en boos wordende Isabelle. ‘Hoe durf je dit een portretschilderij te noemen. Dit ben ik toch helemaal niet. Er is werkelijk niets van mij herkenbaar. Het is gewoon knoeiwerk. Kinderlijk knoeiwerk van een zooi rottige lijnen die kriskras door elkaar over het doek lopen. Een kind van vier jaar, of zelfs een aap, zouden dit ook zo hebben gekliederd.’

‘Luister nu eens schatje,’ antwoordde de schilder op zalvende toon. ‘ik ben uiteindelijk een schilder die moderne kunst maakt. Ik schilder nu eenmaal niet figuratief. Dat heb ik je meteen medegedeeld toen we aan de sessie begonnen.’

‘Ach, man klets toch niet zo slap. Moest ik daarvoor, voor dit geknoei, in mijn blote kont komen poseren!? Met als resultaat; gewoon een massa lijnen en enkele verfklodders zonder herkenbaar figuur. Zonder hoofd, benen en voeten met een droefgeestige, akelige zwarte en bruine achtergrond.’

‘Jammer dat je dit zo ziet. Valt me wat van je tegen.’

‘Man hou toch op. Het is gewoon…, waardeloos knoeiwerk. Dit geklieder heeft helemaal niks met een portret te maken. Noch is er ook maar iets herkenbaar van mij als het model, dat als voorbeeld moest dienen …!’ De tranen schoten in haar ogen als gevolg van haar woede en ergernis. De schilder glimlachte slechts minzaam. Hij liet haar uitrazen en verdedigde daarna zijn creatie met de opmerking, dat mensen tegenwoordig het liefste abstracte kunst zien in plaats van figuratieve kunst. ‘Mensen moet je iets laten ontdekken in je werk, anders kun je beter een foto maken,’ aldus de schilder die intussen met een zelf verheerlijkende blik naar zijn strepen en verfklodders op het doek keek. Maar Isabelle zag dat duidelijk heel anders. Zij voelde zich zelfs vernederd. ‘Het is dat ik die paar rot euro’s nodig had, daarom heb ik geposeerd. Maar het is wel de laatste maal dat ik dit nogmaals zal gaan doen. Of ik moet helemaal financieel aan de grond zitten. Ik vind dit werk gewoon een belediging voor degene die heeft geposeerd. Dit is eigenlijk gewoon uiterst vernederend. Trouwens; dit had je ook kunnen maken zonder model lijkt mij zo, ook al ben ik geen schilder.’

Met die woorden draaide Isabelle zich woedend van het doek weg. Eigenlijk prima dat moeder geen tijd had gehad om met haar mee te gaan om naar het resultaat van haar poseren te kijken. Moeder had zich helemaal dood geschaamd, dacht ze! Woedend liep ze het atelier uit, schopte met haar voet de nog steeds klemmende zware rot-deur achter zich dicht en verdween vervolgens in de drukte van de stad. Een illusie armer en een paar euro en een ervaring rijker.

© Leonardo