Fictie schrijven


Sinds begin september plaats ik mijn vervolgverhaal over Leonie. Fictie. Dat schreef ik niet eerder. Of eigenlijk is dat niet helemaal waar. Vroeger, vanaf ongeveer mijn tiende jaar denk ik, schreef ik ook verhalen. Ik wilde dolgraag schrijfster worden. In Baarn, de plaats waar ik ben opgegroeid, zaten in die jaren heel vele uitgeverijen en daarvan had ik een lijst gemaakt. Grootse plannen had ik. Mijn doel was om een zo lang mogelijk verhaal te maken. Mijn record staat op ruim honderd pagina’s, kleine vierkante blaadjes die ik voltypte op mijn oude bakelieten schrijfmachine. Op de middelbare school waar ik op zat werden op vrijdagmiddag een soort workshops gehouden, zo zou je dat tegenwoordig noemen, en één ervan was boekbinden. Dus bond ik thuis mijn eigen boek in volgens de geleerde methode.

Het schrijven raakte in de vergetelheid, ik had er niet genoeg fantasie voor. Schrijven bleef ik leuk vinden, dagboeken vol heb ik geschreven in mijn puberteit en met vriendinnen in de vakanties. Zwangerschapsdagboeken heb ik bijgehouden en de vorderingen van mijn kinderen beschreef ik uitgebreid, inclusief leuke uitspraken die ze deden. Daarvoor had ik een kladblokje liggen om ze meteen op te schrijven, want dat soort dingen vergeet je heel snel.

En toen was daar twee jaar geleden Yoors. Ik waagde weer een poging om te schrijven, over van alles en nog wat, alleen geen fictie. Afgelopen zomer begonnen de ideeën daarvoor te ontstaan. Het leek me interessant om te bekijken of ik dat kon en wat het me zou brengen. Dit keer zou ik het serieus aanpakken. En dus bedacht ik Leonie, een vrouw die wel op mij lijkt. Ik besloot het verhaal te laten beginnen als ze haar appartementje kreeg tijdens haar scheiding. Bekend terrein. Been there, done that. Van mij is het al meer dan tien jaar geleden, maar het is een intensieve periode. Leonie heeft drie kinderen, net als ik, en af en toe verwerk ik wat eigenschappen van mijn kinderen in de kinderen van Leonie. Leonie heeft een broer en een jongere zus. De jongere zus heb ik ook. Een oudere broer heb ik altijd willen hebben. Dagmar, Leonie’s zus lijkt expres niet op mijn eigen zus en omdat ik op de één of andere manier altijd een soort interesse heb gehad in tienerzwangerschappen, heb ik dat Dagmar laten overkomen.

Alle personen heb ik van tevoren uitgedacht, leeftijden, namen, karaktereigenschappen, achtergronden. Van Leonie’s appartement heb ik vooraf een plattegrond getekend. Het moest allemaal zo echt mogelijk. De eerste delen schreef ik aan elkaar en knipte ik later in afleveringen, daarna ben ik per aflevering gaan schrijven. Soms schrijf ik een paar afleveringen achter elkaar en soms moet ik een tijdje nadenken wat er nu zal gebeuren en laat ik het een aantal dagen rusten. Ondertussen zit het wel in mijn hoofd. De personen lijken tot leven te komen en sturen het verhaal zelf. Soms zit ik te schrijven en staat er ineens iets op ‘papier’ dat ervoor zorgt dat het verhaal op dat punt een wat andere wending neemt. Soms zit ik in de auto en bedenk ik plotseling iets wat één van de personages in mijn verhaal gaat beleven. Of één van de lezers schrijft een opmerking onder het verhaal wat ervoor zorgt dat ik ergens op geattendeerd wordt of een idee krijg en dat in het verhaal verwerk.

Ik vind het heel erg leuk om te zien hoe dit zich ontwikkelt, hoe verrassend het soms kan zijn. Ik vind het ook juist leuk om zo’n zijstraatje in te gaan als zich dat voordoet. Bepaalde dingen heb ik zelf meegemaakt en dan is het makkelijk om het de personages op diezelfde manier te laten beleven, maar ik kies er ook wel voor om het juist op een andere manier te laten verlopen, om te zien wat er dan gebeurt. Met het schrijven van het verhaal loop ik ongeveer een maand voor op de delen die ik nu plaats. Dat is een rustig idee, er is geen druk om nieuwe afleveringen te schrijven. Ik heb er veel plezier in en ik denk dus dat jullie nog lang niet van Leonie af zijn!

#schrijfster #schrijver #Leonie #fictie #vervolgverhaal