×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors








Bloeddorst: Hoofdstuk 9 (Deel 1) (vampierenroman)


BEN JE JUIST MIDDEN HET VERHAAL HIER BINNEN GEKOMEN, GEEN PROBLEEM, HIER IS DE LINK NAAR HET BEGIN VAN DEZE VAMPIERENROMAN!!!

Dragosj had Julius en Diana geroepen na de komst van Mercedes. Hij had Pandora’s dochter uitgelegd dat dit twee van de meest betrouwbare mensen waren die hij kende. Zij moesten erbij zijn, wanneer zij uitlegde waarom ze contact had gezocht met de leider van de nachtwandelaars.

Diana, nog onder de indruk van het dramatische verhaal van Julius, had het enigszins moeilijk om in de ogen van Dragosj te kijken. Nadat Julius haar had verteld van de zinloze moord op zijn moeder door Dragosj, kon ze moeilijk haar onverstoorbaar evenwicht terugvinden. Alhoewel er in haar achterhoofd twijfels over de leiderscapaciteiten van Dragosj naar boven kwamen zweven, was ze op haar hoedde.

Ze bekeek de vreemde vrouw van op een veilige afstand. Haar zesde zintuig vertelde dat ze deze mooie vrouw met het kastanjebruine weelderige haar niet mocht onderschatten. Ze keek recht door de ogenschijnlijke nonchalance en ongeïnteresseerdheid waarmee Mercedes een appel aan het eten was. Het was een houding, een goed stukje acteerwerk. Ze voelde vijandelijke vibraties die van haar persoon uitstraalden.

Julius daarentegen had niets in de gaten. Hij beschouwde haar als een sterveling die een wit voetje wilde halen bij hen, in ruil voor wat dubieuze informatie. Hij was klaarblijkelijk verveeld met de situatie en had tijdens de laatste vijf minuten al drie keer op zijn uurwerk gekeken. Het duurde hem allemaal te lang en na zijn relaas gedaan te hebben aan Diana, had hij geen zin om Dragosj onder de ogen te komen.

De deur naar de ontvangstkamer werd opengedaan en Dragosj schreed binnen. Deze keer had hij zijn wandelstok niet bij. Beiden, Julius en Diana, hadden dit direct opgemerkt. Zijn flitsende ogen in zijn verweerd gezicht, getuigden van een zekere agitatie. Iets wat zij de laatste tijd niet meer hadden gemerkt. De informatie van de vrouw die zichtbaar genoot van haar appel, was blijkbaar niet van goede aard.

‘Diana, Julius, mag ik jullie voorstellen aan Mercedes, dochter van een heel oude vriendin. Ik weet niet of jullie al ooit hebben kennis gemaakt met iemand van haar soort, maar zij is een wolfheks. Uit de eerste bloedlijn, heel sterk en ervaren. Ze zou een geduchte vijand kunnen zijn, maar…’ Hier stopte de Graaf even terwijl hij Mercedes even met een fronsende voorhoofd aankeek. ‘Maar vandaag is ze gekomen in vrede. Behandel haar dan ook op deze wijze. Vanwege mijn vroegere vriendschap met haar moeder maar ook om hetgene ze ons komt vertellen. Mercedes?’

Het was duidelijk dat hij het woord gaf aan de vrouw die nu was rechtgestaan. Ze veegde haar vingers en mond af aan een modieuze zakdoek die ze uit haar vestje had gehaald. ‘Diana en Julius dus, Graaf Dragosj. Ik heb geen keuze om aan jullie deur te kloppen. Wees er zeker van dat ik dit anders niet zou doen. Vampiers zijn niet mijn maatjes.’

Bij deze benoeming siste Diana licht door haar tanden. Er was geen enkele nachtwandelaar die deze term graag hoorde en het leek erop dat Mercedes expres deze benaming had gebruikt. Omwille van de woorden van Dragosj besloot Diana haar nog niet te vermoorden, nog niet. Julius neep zijn ogen wat toe en was bewust van de vonken die tussen beide vrouwen heen en weer schoten, figuurlijk gesproken dan.

‘Ik ben inderdaad een wolfheks en ik ben er fier op. Ik ben geen creatuur van de nacht die me moet voeden met mensenbloed om te kunnen overleven.’

Dit was teveel voor Diana. ‘Je zal wel moeten inbinden, heksje, als je niet in een tiental stukken wilt buitengedragen worden als voedsel voor de honden.’ Haar ogen bliksemeden en vertelden dat dit geen bluf was.

Mercedes gromde, toonde haar tanden en schudde even met het haar. Haar voorhoofd werd geprononceerder en haar neus en mond werd met een onheilspellend gekraak de muil van een kastanje rode wolf. Ze liet de transformatie maar een halve minuut duren, maar haar punt was gemaakt. ‘Ik eet jullie als gewoonlijk als ontbijt en krijg meestal oprispingen, dus doe me een lol en heb wat respect voor wat ik ben en voor die hondjes. Ze zijn trouwens nog familie van mij in een ver verleden. Graaf?’ Ze keek Dragosj vragend aan die de hint begreep en ingreep.

‘Houd jullie kalm. Ik vermoed dat we ze wel aankunnen, maar niet met ons drieën. Laat ons luisteren wat ze ons te zeggen heeft, zonder dat een van ons het niet meer kan navertellen’

Beiden hadden haar snelle transformatie gezien in een bloeddorstige wolf, met scherpe tanden die schitterden in het speeksel die van de muil afdroop. Dit was geen gewone vrouw en zeker geen ordinaire wolf. De magie die rond haar dreef was bijna tastbaar.

‘Er is een oud Kwaad terug opgedoken. Het is oud omdat het reeds sinds mensenheugenis op deze wereld is.  Maar deze keer is het veel sterker dan voorheen. Voor zover mijn informatie juist is, heeft hij het deze keer speciaal voorzien op jullie wezens.’ Mercedes had terug vampiers willen zeggen, maar besloot om de gemoederen niet tot het uiterste te testen. Als ze een verbond wilde sluiten met deze bloedzuigers, zou ze diplomatischer moeten zijn, hoe veel moeite haar dit ook kostte.

‘We zijn op de hoogte van de laffe moorden van dit wezen. Hij heeft het inderdaad op ons voorzien.’ Julius had zich gemengd in het gesprek. Hij hield niet van honden of wolven in dit geval. Had ooit in zijn jeugd een beet gekregen van een hond waarmee hij aan het spelen was en vertrouwde sindsdien deze viervoeters niet meer. Heksen daarentegen vond hij interessant. Ze had iets gevaarlijks, iets mysterieus die in haar ogen schitterde en dat trok hem aan.

Diana was niet blind voor de blikken die haar vriend naar Mercedes wierp. Ze kende hem door en door en zag dat zijn interesse niet louter beroepsmatig was, als je dat dan ook zo zou kunnen formuleren. ‘Julius, houd je tong in je mond, straks hangt ze op je schoenen.’

Het was snauwend gezegd, maar de betovering was gebroken. Julius keek haar even aan zonder iets terug te zeggen. Hij slikte even en probeerde haar weerwoord te bieden maar bedacht zich. Hij zou toch aan het kortste eind trekken. Als Diana in een jaloerse bui was, kon je best maar inbinden.

‘Jullie hebben waarschijnlijk al gehoord van de doos van Pandora?’ Mercedes keek even naar haar drie toehoorders. Ze zag iedereen knikken. ‘Dit is geen sprookje zoals de meeste schepsels denken. Ik kan het weten, ik ben de dochter van Pandora.’

Zowel Julius als Diana keken vragend naar Dragosj die heel ernstig keek en knikte om dit te beamen. Verwonderd luisterden ze verder naar wat deze vrouw te vertellen had.

‘Wat niet zo bekend is echter is het volgende. Mijn moeder had twee dozen. Een die ze ongelukkig genoeg geopend heeft, met alle gevolgen van dien. Een tweede die ze angstvallig gesloten hield, wetende dat de schenker uiteindelijk geen goeds met deze geschenken meende. Het is een geheim dat mijn moeder mij heeft toevertrouwd en dat ik helaas nu moet onthullen. Wanneer deze doos ooit geopend word, dan zal de drager of de persoon die deze doos opent, alle krachten en plagen die opgesloten zaten in de eerste doos, bezitten. Niet alleen bezitten, maar ook kunnen gebruiken. Wapens die in de verkeerde handen, het einde van elk bestaan zou kunnen betekenen.’

Dragosj had zich ondertussen neergezet en keek bedenkelijk. Diana’s woeste blikken waren verdwenen en er verscheen een frons in haar voorhoofd. Julius, die vermoedde waar dit naartoe zou gaan, balde de vuisten, zodanig hard dan zijn knokkels er wit van werden.

‘Ik heb de laatste tijd dromen. Mensen noemden ze ooit visioenen. Ik kan jullie verzekeren dat wat ik zie in deze visioenen, meestal werkelijkheid wordt. De man die verantwoordelijk is voor jullie slachtoffers, want het is zeker een man, is op zoek naar deze doos. Ik heb toekomstbeelden gezien, die elke wreedheid in het niet doen verdwijnen, met wat deze kracht van plan is. Hij zal niet stoppen bij jullie nachtwezens, hij wil alle magische wezens de wereld uit en heerser worden van de gehele mensheid. Ooit komt hij ook voor mij en zelfs ik ben geen partij voor hem. Hij zou mij kraken als een lucifer. Daarom moeten we de handen in elkaar slaan en voor deze ene keer samen werken om dit Kwaad een halt toe te roepen.’

Julius had al niet veel kleur, nu was hij nog bleker geworden. ‘Dan bergen we die doos toch weg in de diepste kerker ter wereld en gieten er tien wagens beton op, of zoiets. Er moeten toch middelen zijn om hem de toegang tot die doos te ontzeggen, al is hij dan misschien sterker dan ons.’

‘Dat is het probleem niet, Julius.’ Mercedes hield even haar adem in, bevreesd voor wat ze moest zeggen.

‘Wat dan, zeg het ons, we vinden een oplossing, wat het ook mag zijn.’ Diana was onrustig en begreep niet goed wat het probleem van Mercedes uiteindelijk was.

‘We zouden er misschien wel iets kunnen op vinden. Ik bedoel om de doos te beschermen. Maar het ene en grote probleem is dat ik niet weet waar de doos is!’

  

………. wordt vervolgd

© Rudi J.P. Lejaeghere

Wil jij me volgen, geef een seintje, ik volg je dan ook!

Vind je dit artikel goed, deel dit via facebook, twitter of een andere sociale media site

Voor andere artikelen van dezelfde schrijver tik dan hier
Of volg deze link  https://yoo.rs/followingtags/rudi

Of wilt u iets weten over mij:  http://home.scarlet.be/~pieper/cvzevdag.htm
(oude website)

Wil je ook op Yoors bloggen en artikels schrijven? 

Meld je dan nu aan via de knop rechtsboven.

Bij Yoors wordt uw inbreng omgezet in opbrengst.

10.000 Yp is gelijk aan 10 Euro op je bankrekening

Bij aanmelden krijg je gratis 125Yp.

Nog enkele van de sites waar ik schrijf of geschreven heb:
http://lejaeghererudi.blogspot.be  
http://home.scarlet.be/~pieper  
http://rudilejaeghere.tumblr.com  
https://allpoetry.com/Rudi_Lejaeghere  
http://www.writerscafe.org/Rudi  
https://storywrite.com/Rudi_Lejaeghere  
https://www.wattpad.com/user/RudiLejaeghere 
http://www.movellas.com/user/rudi.j.p.lejaeghere




expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts