Requiem: Hoofdstuk 7

Requiem: Hoofdstuk 7


settings
  • Instellingen
  • Positie

    Automatische scrolling

Stephen duwde de sleutel 837 in de uitholling van de deurstijl van het appartement van Suzy Chang, draaide hem een kwart om en hield zijn oog voor de scanner terwijl hij zijn naam insprak. Even had hij nog gevreesd dat het appartementsgeheugen zijn persoonlijke toegangsinfo had gewist en hij tot zijn grote ergernis niet binnen zou geraken. Maar zijn vermoeden bleek ongegrond. Een bevrijdende klik van het slot bevestigde het tegendeel. Hij kon de sleutel een kwart verder omdraaien en de deur openen.

Een gevoel van weemoed overviel hem onverwacht en deed hem van ontroering slikken. Suzy keek hem vanaf de tegenover hem multifunctionele spiegel aan, glimlachte en zei: ‘Okairi Nasai! Welkom! Stephen, een ogenblik, ik ben op dit moment niet aanwezig. Er werd een bericht doorgezonden naar mijn mobieltje, maak het je gemakkelijk, ik ben er zo.’

Hij maakte een korte beweging over de ingebouwde sensor bij de ingang en het opgenomen beeld verdween en maakte plaats voor de gewone infoschermen. Hij zag het overzicht van de laatste nieuwsberichten, beurskoersen, camerabeelden van de gang en de kamers in het appartement.

Middenin in de uitgespaarde ruimte zag hij zijn eigen geschrokken spiegelbeeld. Waarom had het residentiebeheer deze gegevens niet uit het geheugen gewist? Suzy was er niet meer, ongevoelige incompetente….!

Kalm blijven, dacht hij een paar tellen later, terwijl hij alles rond hem goed in zich opnam. Hij mocht zich zo niet laten gaan, niemand was daar bij gebaat. Nou ja, misschien was het dan wel een blijk van ongevoeligheid vanwege de verantwoordelijke persoon die instond voor het mediasysteem in de residentie, maar anders was hij misschien nooit het appartement binnengeraakt.

De korte gang die rechts, zoals hij wist een ingebouwde vestibule verborg, was aan de ander kant behangen  met een aantal foto’s van Suzy en haar moeder. Er was er zelfs eentje uit lang vervlogen tijden waar ze met hun vieren op stonden. Stephen, Suzy, Kathy en zijn eigen vader Thomas March. Een feestje ter gelegenheid van een of andere promotie van zijn vader. Wat verder links van hem was de deur naar de badkamer en het toilet en even verder bevond zich naast het infoscherm, de ingang naar de leefruimte. Naarmate hij verder ging volgden de sensors in de vloer en plafond zijn bewegingen en werd de ruimte waar hij zich bevond met kunstig verborgen lichtbronnen bijgelicht. Een medley van zijn favoriete muziek werd gestart. Nee, met had duidelijk nog niet geknoeid met het appartementsgeheugen, dat bleek uit de geprogrammeerde verwelkoming van het appartement. Wellicht had de Veiligheidsdienst dit gevraagd, hopende dat ze er nog wat info kon uitdiepen die hen verder zou helpen in het onderzoek.

Stephen wist uit ervaring dat Suzy een gewoontedier was. Zij tekende steevast alle belangrijke data, afspraken of andere geheugensteuntjes aan op haar tabletcomputer. Wellicht had hij vandaag geluk en viel hem iets belangrijks recht in de handen. Stephen veronderstelde wel dat de Veiligheidsdienst alles had gekopieerd en de diverse intelligente geheugens in het appartement had gescreend en onderzocht. Alles kon een eventuele leidraad zijn naar de moordenaar. Dus wat de Veiligheidsdienst wist moest hij ook te weten komen… als men niets had gewist. Hij kende Suzy een stuk beter dan de mensen van de Veiligheidsdienst. Wat voor hen misschien onschuldig leek, kon voor hem heel wat meer betekenen.

Via de leefruimte kon je op het eind rechts naar een kleine keuken en aan de linkerkant bevond zich de deur naar de slaapkamer. Stephen zag direct haar tabletcomputer liggen op haar nachtkastje in de slaapkamer en nam hem mee naar de leefruimte. Daar zette hij zich op een van de zaisu, een soort kleine stoel zonder poten, die met het zitvlak rechtstreeks op de tatamimat van de leefruimte ruste. 

De tabletcomputer was beveiligd met vingerafdrukidentificatie. Dit probleem zal de Veiligheidsdienst wel op een macabere manier opgelost hebben, dacht hij grimmig. Stephen had zijn eigen toegang, net zoals Suzy die had op zijn tabletcomputer met de nodige beperkingen natuurlijk. Zijn persoonlijke vingerafdruk werd gescreend en hij kreeg toegang tot een aantal applicaties waaronder internet, mail en een aantal games die Suzy en hijzelf ook graag speelde in hun vrije tijd.

Hij opende de applicatie voor mail en zag de gewone berichten die zowel zij of hij naar elkaar hadden gestuurd. Het verbaasde hem dat er in 'Draft’ nog één bericht stond om te versturen. Stephen opende de mail en las:

 

Stephen,

 

Heb nieuwe game gedownload. Super, moet je zeker ook eens uitproberen, hierbij de link naar mijn applicatie en je inlogcode: Passage 6

 

Suzy

 

Passage 6? Het briefje dat hij in haar portefeuille had gevonden moest naar dit spel hebben verwezen. Misschien had ze die inlogcode opgeschreven toen ze een hint van een of andere vriend kreeg om het spel te downloaden. Nou ja, dat mysterie was dan ook opgelost. Stephen tikte op de link en opende een spel dat ‘Deeplands’ heette. Bij het lezen van de titel van de game gleed een koude rilling over zijn rug.

De bedoeling bleek zoveel mogelijk gevaarlijke en gruwelijke monsters uit de nagebootste onderwereld te doden om uiteindelijk uit te komen bij het middelpunt van die virtuele wereld. De opdracht van het spel was het schepsel te doden die heerste over de misvormde creaturen die je om de haverklap probeerden te vermoorden.

Was dit een misplaatste grap of was dit een verdoken verwijzing naar iets belangrijks? Er zat Stephen niets beters op dan het spel te spelen als hij een antwoord op deze vraag zou willen krijgen. Hij was er nauwelijks voor in de stemming. Maar iedere aanwijzing, al was die nog zo miniem, hij kon het niet nalaten die te onderzoeken. Zelf indien het niets uithaalde, misschien zou het hem toch een tijdje wat afleiding bezorgen. Even ontsnappen uit een wereld vol van sombere gedachten. Een manier om de beelden van de gruwelijke identificatie vroeger op de dag van zich af te spelen. Hij stond weer recht en deed zijn vest uit, nestelde zich - terwijl hij zijn gehavend been zoveel mogelijk probeerde te sparen - in een van de wat gemakkelijker zetels van het appartement en startte: ‘New game!’

  

 ……..

  

De man trok verwoed en angstig aan zijn de kettingen waarbij hij zijn reeds zwaar gehavende polsen nog meer verwondde. Ze waren ontveld en straaltjes bloed liepen langs zijn gestrekte armen naar beneden. Men kon de loop van het rode levensvocht volgen over zijn lichaam en benen naar een klein plasje dat aan zijn voeten lag. Een deel daarvan was al geronnen. Na korte tijd staakte hij vermoeid zijn nutteloze pogingen. De uitputting was te groot en hij liet zich moedeloos in zijn boeien hangen. De man kon amper op zijn benen staan die ook in kettingen waren gekluisterd.

Hij huilde snikkend, jammerend, smekend: ‘Alstublieft, ik heb geld,…ik…ik doe alles wat je wilt…genade…laat me vrij alstublieft…heb genade.’ De woorden kwamen er in horten en stoten uit, stokten bijna in het gesnik in zijn keel en de klanken van wanhoop die uit zijn mond kwamen werden luider naarmate de witte gedaante met het zwaard hem naderde.

De man  merkte niet dat de naderende beul in het witte  gewaad in de zijmuur op een knop duwde. Stil klonken de eerste tonen van klassieke muziek op de achtergrond die echter gauw aanzwollen en de gehele de ruimte op een angstaanjagende manier in een griezelige sfeer dompelden.

 

Tuba mirum spargens sonum
Per sepulcra regionum
Coget omnes ante thronum

 

De man met het zwaard wist wat de woorden betekenden. Wie hem het ooit had geleerd was hem een raadsel maar hij begreep wat er werd gezongen.

 

De wonderbaarlijke bazuin
Zal allen uit het dodenrijk
Tot voor de troon oproepen

 

Het slachtoffer hield even op met snikken, luisterde, de ogen in het gezicht uitpuilend van onbegrip en angst. Niettegenstaande hij de  muziek niet herkende, kwam razendsnel het moment van besef. De vertaling die zijn beul hem bijna in het gezicht spuwde terwijl hij voor hem heen en weer liep waren duidelijk.

 

Judex ergo cum sedebit
Quidquid latet apparebit
Nil inultum remanebit.

 

Is de Rechter dan gezeten
Zal alles, wat verborgen is, onthuld worden.
Niets zal ongewroken blijven!

 

De gekwelde man vermoedde dat dit zijn eigen doodlied was. Het laatste lied, een requiem. Een afscheidsgroet van de wereld aan hem en hij schreeuwde met alle kracht die nog in zijn gemartelde lichaam zat: ‘Nééééééén!’

 

……..

  

 Toen Stephen de besturing van het spel ‘Deeplands’ na een korte tutorial onder de knie had gekregen, begon hij geconcentreerd de nieuwe game te spelen. Met de gameviewer die eruitzag als een donkergetint duikbrilletje met elektroden die hij bevestigd had op zijn slapen en via de computerapplicatie van het spel dat draadloos met de tabletcomputer verbonden was, bewoog hij zich virtueel in het spel.

Via een doorzichtig scherm – een rechthoek gevuld met diverse mogelijke spelopties - kon hij de nodige instructies aanwijzen die hem door het spel leidde. Het was een action-adventure game die de hoofdpersoon langs moeilijke wegen naar zijn uiteindelijke doel zou moeten brengen. Stephen March had sinds zijn jeugd al verschillende soortgelijke spelletjes gespeeld. Niet dat hij er steengoed in was, maar hij kon zijn mannetje staan.

Met de jaren was zijn reactiesnelheid voor het deel actie in dit soort spelen eerder wat roestig geworden. Stephen hield nu meer van het adventure-deel van de game. Het zoeken naar oplossingen, de verdoken aanwijzingen vinden, dat vond hij leuker dan het neerknallen of neersteken van de virtuele tegenstanders. De ervaring ondergaan hoe het spel zich verder ontwikkelde door onderweg de nodige puzzels op te lossen dat was een kick op zich. Het was ook een test van het doorzicht en de  intelligentie van de speler. Door deze raadsels te ontsluieren en gesloten deuren te openen zouden die hem naar een nog gevaarlijker route leidden, maar misschien ook naar een spoor van Suzy’s moordenaar.

Hij had bij het opstarten de hoofdpersoon in Deeplands zijn eigen naam in het daartoe geëigende vakje ingegeven. Zodoende hoorde hij de eventuele aanwijzingen in de game alsof de personages direct tegen hem spraken. De graphics waren megacool. Door de grote resolutie en het 3D-effect merkte je bijna nauwelijks het verschil met de werkelijke wereld. Dat Stephen zijn eigen voornaam gebruikte in het spel, lag volgens hem voor de hand. Suzy kennende, als er een aanwijzing te vinden was, moest hij het zeker en vast op die manier spelen.

 Na het eerste level kreeg hij de beschikking over sterkere wapens. Daartegenover stond natuurlijk dat de uitdagingen gevaarlijker werden en de monsters groter en moeilijker waren om te verslaan. Langzamerhand kreeg hij het juiste ritme te pakken en werd Stephen terug  even de puberende tiener die zo in een spel kon opgaan dat hij zich van de buitenwereld afsloot. Hij  hoorde noch zag wat  er zich buiten het spel afspeelde. Toen na een aantal uur, met alle frustraties en missers die erbij hoorden - momenten waarop moest teruggegrepen worden naar vroeger gesavede games – kwam de virtuele Stephen plots voor een deur te staan waarop in grote letters ‘Furious’  op  stond geschreven.

Geschrokken pauzeerde hij, schudde verbaasd het hoofd om het woord dat hij las. Stephen veronderstelde dat Suzy hem hier duidelijk iets mee wilde vertellen. Dit was het. Suzy had hier een item laten installeren dat niet tot het originele spel behoorde. Furious was het koosnaampje die zij vroeger voor Stephen gebruikte omdat hij als puber nogal een opvliegend kereltje was.

Stephen stond voor een deur zonder sleutel. Een mechanische stem vroeg: ‘Wie ben je?’. Toen hij zijn naam opgaf en er niets gebeurde, probeerde hij gewoon aan te kloppen. Met evenveel succes bleef de deur voor hem gesloten. Met de naam Furious bleek hij evenmin succes te hebben. De deur bleef gesloten. Voor alle zekerheid savede hij het spel. Een simpele druk met zijn virtuele hand op de S van ‘Save’ rechtsonder in het doorzichtig kader die hij in zijn gameviewer zag, zorgde ervoor dat hij later naar dit punt van het spel terug kon gaan. Tenminste als hij te weten kwam hoe hij diedeur open kon krijgen.

© Rudi J.P. Lejaeghere


 



Beoordeel


Persoonlijk kanaal
Arbowetten bestonden toen nog niet
Gezondheid & Geest
mentale fysiotherapie
mentale fysiotherapie
Muziek, Kunst & Cultuur
Portret tekenen
 
×

Yoors


exit_to_app Inloggen