×

Yoors


exit_to_app Inloggen

camera_alt
Afbeelding toevoegen
60
De toren van de Hoge Elders (Deel 10) Het avontuur begint

De toren van de Hoge Elders (Deel 10) Het avontuur begint


Via een lange, maar steile stenen wenteltrap, bereiken ze na ongeveer een uur  voorzichtig afdalend het einde. Hoe vreemd ook zo diep onder de grond branden er fakkels. Gewone maar magische fakkels die toch ergens hun energie vandaan halen om eeuwig te kunnen blijven branden. Ze verlichten de grot totaal. Niets duid op aanwezigheid van iets of iemand. Toch heeft er iemand dit bedacht die tevens ook de vloer van hele mooi terracotta tegels heeft voorzien. Muurschilderingen van onbekende omvang. Een ieder stelt een heelal voor op eentje na. Die is door iets beschadigd en de persoon daarop is het gezicht niet meer te zien.

Quras en Rasdio lopen richting een fontein. Deze is al in geen eeuwen meer in gebruik.

'Ik kan mij niet herinneren dat wij dit gemaakt hebben Quras. Het zou er heel anders uit hebben gezien. Die fontein. Dat lijkt nergens op, zo lelijk.' Zegt Rasdio een beetje verward en voelt ook direct een hand op zijn schouder.

Het is de hand van Quras en hij zegt uit nieuwsgierigheid. 'Heb jij je wel eens afgevraagd wie bepaalde dingen gemaakt zou kunnen hebben Rasdio? Soms ontdek ik dingen die ook niet van mijn hand komen. En zeker ook niet van jou. Margonah heeft niet eens die energie om structuren te maken.'

Margonah antwoord een beetje verontwaardigd terug. 'Zeg hoor eens Quras, ik kan meer dan je denk hoor. En trouwens hoe kom jij hier eigenlijk?’

'Ja is al goed Margonah en op jou vraag te antwoorden, Het boek slurpte mij ook mee hier naar toe terwijl ik dat niet eens door had. Nu ben ik er dus ook bij.' Antwoord Quras terug.

Ondertussen is Gathar door de grot gaan lopen om te zien of er nog een andere uitgang is. De enige weg terug is de lange wenteltrap. Gathar bekijkt de trap nog eens en komt tot de conclusie; 'Als jullie nou eens een beetje ophielden met ruzie maken en deze trap komen bekijken? Hier klopt iets niet. Wij kwamen toch via deze trap naar beneden?'

Rasdio bekijkt ook de trap  en ziet hetzelfde. Verward staan ze naar boven te kijken en zien dat de trap is dicht gemetseld. Quras verwijt Gathar ervan dat alleen een Magiër dit zou kunnen doen. Maar met welke intentie? Gathar gaat direct in verweer en zegt dat hij niet eens op een andere wereld zijn Magie kan uit voeren. Als hij die Magie zou bezitten.

Gathar legt uit.

'Sinds mijn komst op Magicum heb ik nooit de Magie goed kunnen beoefenen. Ik kreeg het niet onder controle en dus heb ik het afgestaan. Eerlijk gezegd voelde ik me daar helemaal niet lekker onder toen ik de Magie bezat. Het deed rare dingen met mij. Ik kon wel heel goed structuren brengen in de samenleving bij alle Magiër. Later werd ik dus verkozen als zijnde woordvoerder.'

'Daar heb ik geen spijt van' ,zegt Quras verheugd, 'ik heb jou later ook de leiding gegeven toen ik... even weg moest..'

Quras hakkelt in zijn woorden. Alsof hij ergens van schuld bekend. Hij draait zich om en gaat met Margonah praten over van alles. Alsof er niets is gebeurt. Het blijft een aparte vogel die Quras. Intussen is Rasdio terug naar de fontein gelopen en bestudeerd deze met uiterste precisie. Dan ineens draait hij het watermondstuk, die de vorm heeft van een vogel, een kwart slag naar rechts. Direct volgt er een oorverdovende gekraak en het schuiven van zwaar gesteente over een stenenvloer. Er word een uitgang gemaakt vlak achter de fontein. Een tunnel volgt die gemaakt is van zwaar en zwart graniet.

'Laten we maar die tunnel volgen' ,zegt Rasdio blij, 'er is ook geen andere weg.'

Met zijn vieren lopen ze, een beetje voorzichtig en gespannen, door de tunnel. Aan het einde brand een fakkel die aangeeft dat de tunnel naar rechts gaat maar ook omlaag. Het licht van de fakkel verdwijnt en ze voelen dat zij op een schuine helling lopen die na een paar passen steeds schuiner word. Zodanig dat zij geen grip meer hebben en naar beneden glijden. De glij partij duurt maar kort en ze plonsen in een ondergrondse meer. Niemand is er blij mee maar de omgeving is adembenemend mooi. Een ondergrondse paradijs. Alles ziet er heerlijk fris uit met dat jonge groen van de gewassen. Watervallen op de achtergrond zijn duidelijk hoorbaar. Aan de overkant van het meer staat een houten huisje met een bijzondere boom ernaast. Voor het huisje zit een oude man. Hij is gekleed in het wit met een Chinese strohoed op zoals een Chinees.  Hij gebaart om dichterbij te komen. Ze proberen te zwemmen maar het meer word ineens zo smal als een beekje. Alsof er ingezoomd word.

‘Ach wat doe ik nu? ' zegt de oude man geschrokken, 'Laat ik zomaar het meer verdwijnen. Ach ik ben een beetje onhandig maar wel slim. Of was het nou..?.. Laat me raden, Hi, Hi, jullie willen de sleutel van het hok?'

De oude man laat een zilveren sleutel zien die ongeveer 25 centimeter lang is en een vorm van een slang heeft. Verbaasd staan ze de oude Chinese man aan te kijken. Wie is hij?

Hij staat op en vertelt. 'Mijn naam is Plendor de tovenaar. Of toch niet? Nee, ik ben het wel. Soms weet ik het niet meer. Ik word oud. Erg oud. De vraag blijft, Hi, Hi, ik had de vraag niet eens gesteld maar jullie heb ik hier laten komen voor de sleutel van de poort. Ik heb het weggehaald uit het dorp omdat er gevaar dreigt. Ik weet nog niet precies wat... Hi, Hi.'

Plendor word abrupt onderbroken door Quras. Hij zegt dat hij eerst rustig moet gaan zitten, adem halen en dan opnieuw praten. Verbaasd kijkt Plendor hem aan en maakt zijn verhaal af.

'In het dorp bij de poort zitten vreemde wezens die, als zij de sleutel in handen krijgen, de toren kunnen verwoesten met alle gevolgen van dien. Dat zou het einde betekenen. Jullie taak nu om de toren te beschermen.'

'Volgens Quras zitten er al wezens in de toren Plendor.' Zegt Margonah.

Plendor antwoord niet hierop en draait zich om. Als een oude man schuifelt hij naar zijn huisje en verdwijnt. Onbeantwoord blijven ze staan want ze hadden nog een vraag hoe zij hier uit komen. Het antwoord komt niet maar wel valt de hele mooie paradijs uiteen en staan ze buiten op het plein van het dorp met achter hun de spiegel. Zij kwamen daar doorheen blijkbaar. Ze lopen in een versnelde tempo naar de poort. Rasdio steekt de sleutel in het slot en draait naar rechts. De poort gaat open en een mooi geel bestraten weg gaat, in een mooie  vloeiende beweging, omhoog. Maar de rest ziet er niet helemaal jofel uit.






Copyrights Ted Krom 2017 ©