Die boswachter toch


De boswachter zag onderweg naar zijn toren
Dat een paddestoel niet uitzag naar behoren
Hij bekeek het ding vanaf de steel
“Nee, dat word niet meer veel”
Maar hij wou zich er niet meer aan storen


Boven op zijn plek
Dacht hij “Dat is toch gek
Daarnet was dat ding nog kapot
En nu, dat is best zot
Staat het niet eens meer op z’n plek”


Hoe had hij het nou
Rilde van de kou
Had een droge bek
Werd hij soms gek
Dat hij het checken wou


Buiten was het stil
Ontzettend kil
Eens nader gaan kijken
Het staat er nog, zal blijken
Misschien moet hij een bril


Jawel hoor, hij had niet goed gekeken
Zo is wel de bril nodig gebleken
Nu heeft hij er twee
Die neemt hij altijd mee
Anders begint zijn vrouw weer te preken

© 06-10-2018 Ingrid Ferwerda-Jacobs


Bron header foto

2 in 1

Bovenstaande tekst doet mee aan 2 uitdagingen en heeft rijmschema aabba