Het vergeten boek


“Ze zijn dus toch echt?!” “Dat zei ik je toch!”
“Wat moet dat daar?!” zei de bibliothecaris boos. “Ik was net van plan om het gebouw af te sluiten, hoor ik jullie stemmen! Bovendien mag je niet hardop praten in de bieb!”
“Sorry meneer…” De man bedaarde toen hij de lieve gezichten van de jongens zag. Het waren geen snotneuzen. “We waren de tijd vergeten,” begon Arnie. “Nou eigenlijk...” probeerde Luc. “Sssssjt!” onderbrak Arnie hem. “Is er iets dat ik moet weten?” vroeg de man. “Eh… nee.” zei Luc. De jongens stonden op en liepen heel snel weg. “Volgende keer zachtjes doen hoor!” riep de man hen na.

Op de grond lag een boek dat hij niet herkende. Het zag er oud uit. Hij raapte het op en toen begon het als vanzelf te bladeren. “Het raam staat vast open. Het kwam door een zucht wind.” dacht hij bij zichzelf. Maar toen hij opkeek om dat te checken, bleek het raam dicht te zijn.
De illustraties in het boek leken onwaarschijnlijk echt. Met name een gerimpelde hand. Deze kwam plots uit de bladzijde naar voren, pakte de man bij zijn stropdas en trok hem mee… het boek in.
Hij belandde in een prachtig bos. “Dit gebeurd niet echt!” hield de man zich groot, maar hij was stiekem een beetje bang. “Daar bent u eindelijk!” klonk een stem achter hem.
Hij draaide zich om maar zag niemand. “Nee, hier beneden!” Op kniehoogte stond een dwerg. “Kom binnen!” Op z’n knieën kroop de man een klein huisje in, waar nog meer dwergen zaten.
“Wij willen eens een hartig woordje met u praten.”

“Met mij?!” “Ja, met u. Hoe kan het dat u het boek “Sneeuwwitje en de zeven dwergen” niet kent?”
Er viel een stilte. “Sorry! Ik was het vergeten… want ik mocht het vroeger niet lezen van mijn ouders.”
Zeven dwergen keken elkaar aan en gingen een meter verderop fluisterend met elkaar in overleg.
Daarna sprak een van hen tot hem: “Okee, excuus aanvaard. We vinden het vreselijk dat u dit ontzegd is. Zoiets hoort elk kind te mogen lezen. Het gaat namelijk over ónze Sneeuwwitje!”
De man was met stomheid geslagen. “Jullie? Maar het is toch maar een sprookje?”
De dwerg keek streng over zijn bril naar de man. “O ja? En dit dan?” De man wou rechtop komen, stootte daarbij zijn hoofd en viel in slaap.

De volgende ochtend kwamen Luc en Arnie de bieb binnen gelopen en zagen daar de man op de grond liggen, met het boek in zijn hand. “Meneer? Gaat het?” Versuft keek de man om zich heen. “Zijn jullie nou nog hier?” “Nee, het is al ochtend meneer! Hoe vind u het boek? Heeft u ook kennis gemaakt met de dwergen?” De man keek om zich heen om zich ervan te verzekeren dat er geen andere mensen in de buurt waren. “Jazeker. Maar dit is ons geheim. Okee jongens?” “Afgesproken!” beaamden de twee.

Bovenstaand verhaal past in deze uitdaging:


En misschien ook wel een héél klein beetje in deze:

Afbeelding van Iván Tamás via Pixabay