Opgelost.


Op een bankje zitten Bart en zijn maat met elkaar te zwammen.
“Breek me de bek niet open.”
“Steek van wal, spuug je gal.”

“Er is geen ontkomen meer aan. Als Bert los gaat, zijn de rapen gaar.”
“Is het water naar de zee dragen?”
“Zoiets. Geen land mee te bezeilen. Niet voor rede vatbaar. Maar geen haan die er naar kraait.”

“Tja, de appel valt niet ver van de boom. Tis een aardje naar zijn vaartje...”
“Ja, dat is er met de paplepel ingegoten.”
“Klopt, hij heeft het niet van een vreemde.”

“Was die vader maar voor het zingen de kerk uit gegaan!”
“Maar dat is ook geen kat om met blote handen aan te pakken. Zijn moeder heeft ze wel alle zeven op een rijtje.”

Het onderwerp van gesprek stond te luistervinken en hield zich niet langer in.
“Jij hebt wel ballen hè. Zeg het eens rechtuit in mijn gezicht?”
Bart en Bert gingen bekvechten. Er was geen speld tussen te krijgen.
De maat kon nog nét voorkomen dat ze met elkaar op de vuist gingen.

“Gaan jullie mee, een pintje vatten?”
Daar hadden beiden wel oren naar!

Geschreven n.a.v. de:

Ook in dat kader geschreven:

 

Kom je ook meedoen?

Word Yoorslid.

Eigen foto.

 
More