Was ich noch zu sagen hätte, dauert eine Zigarette...


Heerlijk samen met mijn knappe vriend naar Oostenrijk, in hartje winter. Mijn grote liefde. De man van mijn leven. Mijn prins op het witte paard. Oh wat heeft hij mijn hart veroverd. En niet alleen vanwege zijn ‘good looks’. Hij is charmant, romantisch, grappig, luistert goed. Wat wil ik nog meer!

Midden in de nacht ontwaak ik in ons gehuurde vakantie-appartement. Wat is dat nu? Ik lig alleen in bed. Wat raar! Verward val ik toch weer in slaap. In de ochtend ligt hij toch naast me. Heb ik het dan maar gedroomd? Ik besluit er niet naar te vragen.

De eerste dag verloopt heerlijk. Het zonnetje schijnt, de lucht is blauw, er is volop sneeuw en geen lawinegevaar. We sjezen de zwarte piste af en dat gaat bijzonder goed. Zo eng is die nou ook weer niet. Maar ja, wij hebben dan ook al heel wat jaren ski-ervaring.

In de Après-skihut is het een drukte van belang. Er word gehost en de polonaise gedanst (Dat zijn dan weer die Hollanders.) en de nodige Flügel achterover geschud.
“Ik ben even een sigaretje roken.” zei hij. Zelf rook ik al jaren niet meer, dus bleef binnen. Dat hij geen jas aan trok was me ontschoten.
Dat hij lang wel erg lang weg bleef, voor één sigaret, viel me wel op.
Licht geïrriteerd vroeg ik: “Zo, een heel uur over één sigaret gedaan. Ik stond hier maar wat. Ken verder niemand!” “Ik raakte even in gesprek.” “Waarover?” Hij gaf er geen antwoord op en vroeg of ik nog wat wou drinken. “Nee, ik wil eigenlijk onderhand gaan slapen.”
“Ga maar vast!” we namen afscheid en ik ging alleen naar ons appartement.

Zo vergaat het mij ook de tweede avond. Weer gaat hij best lang een sigaret roken. In de gang naar het toilet kom ik hem tegen. Voor de spiegel staat een knappe blonde vrouw haar lippenstift bij te werken en haren te fatsoeneren. Ze trekt haar rokje recht en we glimlachen even naar elkaar.
Als ik weer vroeg naar bed wil, feest hij nog lekker even door. We zijn toch sámen op vakantie? Ik zou ook zijn meegegaan als hij op tijd in bed wou duiken. Dan bouwden we daar nog even ons eigen ‘feestje’, als je begrijpt wat ik bedoel. Hij geeft me niet eens een kus… dat vind ik afstandelijk.

Die nacht ontwaak ik uit een nare droom, waarin ik mijn been brak en vervroegd naar huis moest, terwijl hij vrolijk op vakantie bleef. Weer lag hij niet naast me! De klok gaf al haast vier uur aan… dan zijn de horeca ter plaatse allang gesloten…

… ik hoor geluiden. Er komt iemand aan! Snel kruip ik diep onder de dekens en hou me muisstil.
Hij kruipt ladderzat naast me en fluistert een andere naam…
Dan sla ik het dekbed open, doe het licht aan, spring op en vraag boos: “Wie is Marjan?”
En in zijn dronkenschap weet hij me doodleuk mede te delen: “Een lekkere stoot! En die kan lekker zoenen en… ” hij ging verder met dingen noemen die niet voor herhaling vatbaar zijn. “Ja! Hou maar op! Ik ga morgen naar huis!”

De grond zakt onder mijn voeten weg. Dat kán toch niet?? Mijn vlam? Ontrouw?
Waarom?
Terwijl ik mijn koffer inpak, lalt Roel nog een eind weg.
Ik wil niet horen wat hij nog meer te zeggen heeft, de lamzak! Hoe kón hij!
Dan herinner ik me de vrouw in het toilet. “Kommst Du, Marjan?” had haar vriendin gevraagd. Zíj was het dus! Hoe naïef kon ik zijn! Hij was too good to be true!

Flügel = Non-sponsored!

Met bovenstaand verzonnen verhaal, van exact 600 woorden, doe ik mee aan de:

Mooi liedje vind ik dit...

Gerelateerd: