Sinterklaas gaat ondergronds (2)

Achter een deur in de schuilkelder waarin Sinterklaas en de Pieten zijn gevlucht, bevindt zich een trap die naar een onderaards gangenstelsel leidt. Zijn Sint en de Pieten daar wel veilig?

 

Dit ging hieraan vooraf:

Aan de andere kant van de deur is het zo donker dat de Sleutelpiet er geen hand voor ogen kan zien. Op de tast gaat hij op zoek naar een lichtknopje.

“Is het daar nu ook al zo donker?” hoort hij de stem van Sinterklaas achter zich. “Kijk eens of je een lichtknopje kunt vinden, Sleutelpiet.”

“Daar ben ik al mee bezig, Sinterklaas.”

Gelukkig hoeft de Sleutelpiet niet lang te zoeken, want aan de wand vlak bij de deur voelt hij al een schakelaar.

“Ik geloof dat ik het lichtknopje al gevonden heb, Sinterklaas.”

De Sleutelpiet drukt op het knopje van de schakelaar en jawel, een lampje springt aan.

“Het is maar goed dat je in het donker niet rechtdoor bent gelopen, Sleutelpiet”, zegt Sinterklaas.

“Nou inderdaad, Sinterklaas. Want dan had u misschien wel een andere Sleutelpiet moeten zoeken.”

Voor hun neuzen loopt een lange trap naar beneden. Sinterklaas en de pieten kijken met een bedenkelijk gezicht de trap af. De trap lijkt een eindeloze lengte te hebben. Maar ze hebben geen keuze dus beginnen ze te lopen. Aan het einde van de trap blijkt zich een gangenstelsel te bevinden dat door een hele reeks peertjes die een spaarzaam, gelig licht verspreiden zwak verlicht wordt.

“Waar zijn we nu toch weer terecht gekomen?” vraagt Sinterklaas zich af. “Heeft iemand een idee waar we zijn?”

“Ik weet het”, roept een van de Schoorsteenpieten die vlak bij Sinterklaas staat. “Dit zijn de onderaardse gangen die van de schoorstenen op de industriegebieden naar de huizen van de kindertjes lopen.”

“Och ja, natuurlijk. Nou, jullie Schoorsteenpieten weten hier de weg, dus gaan jullie maar voorop. In ieder geval komen we zo ongezien door die, die... nou ja, je weet wel, bij het Pietenhuis. Er loopt toch zeker wel een gang naar het Pietenhuis, hoop ik?”

“Natuurlijk, Sinterklaas. Als we op ons gemakje lopen en alle gangen nog intact zijn en er onderweg niets bijzonders gebeurt, doen we er een kwartiertje over.”

“Als alle gangen nog intact zijn en er onderweg niets bijzonders gebeurt? Zijn die gangen wel te vertrouwen? Het klinkt allemaal niet erg veilig in mijn oren, Schoorsteenpiet.”

“Maakt u zich maar geen zorgen, Sinterklaas. Wij zorgen er wel voor dat u niets overkomt.”

“Welnu, op weg dan maar.”


© Dewaputra


Lees verder:

 

Bovenstaand avontuur van Sinterklaas en de Pieten past in de schrijfuitdaging van november 2019 van Hans van Gemert

en hij past ook nog eens in de schrijfuitdaging van september 2018 van diezelfde Hans van Gemert