Nu kan ik me wéér gaan verkleden


dit ging hieraan vooraf:

 

“[stampvoetend] Ze dóen het erom. Die idiote knuppels hebben gewoon honderden stenen op ons tafeltje gestort. Zoiets bedenk je toch niet. Maar ik laat me niet gek maken! En wat nog wel het ergste is, nu is dit jurkje ook nog eens naar de maan. Moet je zien, het zit onder de koffievlekken! Nu kan ik me wéér gaan verkleden [beent woedend weg naar haar kamer].”

“Zo, die is voorlopig wel even weg.”

“Ons tafeltje is ook weg. Dat heeft die lawine niet overleefd. Zullen we maar bij mijn vrienden uit de Pianobar aanschuiven? [knikt naar het tafeltje van Cornelis en Sjaan].”

“Goed idee.”

[Ome John en Mike lopen naar het tafeltje van Cornelis en Sjaan]

“Hallo, vinden jullie het goed als wij bij jullie aanschuiven?”

“Welja, kom er gezellig bij. We wilden net een lekkere flesje pastis gaan bestellen.”


© Dewaputra

Lees verder:

 

Bovenstaande episode van het vervolgverhaal past in de 140 woorden uitdaging van oktober van FrutselenindeMarge (zie hieronder), waarbij een verhaal van precies 140 woorden dient te worden geschreven dat het verplichte woord 'stapelbed' bevat (mag ook in delen). [ Klik voor meer informatie ]

Intussen bij de overige hoofdrolspelers: