Weggelopen (9)


Dit is een verhaal gestard door Ingrid in het kader van de schrijfuitdaging van maart 2018, waar steeds een ander  Yoorslid een vervolgdeel schrijft.

Ken je "Weggelopen" nog niet? Lees dan eerst de eerder geschreven 8 delen. Heel veel leesplezier.



"Leuk om je nu eindelijk écht te zien", denkt Job. Waarom zegt die agente dat en waarom kijkt zij hem met zo'n vreemde blik aan? Job zijn hersens werken op volle toeren, maar hij zegt niets. Nadia draait zich om en zwijgt ook. 

Job denkt aan wat opa zei: "Je ouders houden heel veel van je." Een rare manier om dat te laten zien. Is dagelijks een pak rammel krijgen hetzelfde als houden van? En dan zijn moeder, zij zei er nooit wat van. Kwam nooit voor hem op. Zij liet zijn vader gewoon zijn gang gaan.

Na het laatste pak slaag kon hij het niet langer meer verdragen, niets meer verdragen. De wrede uitdrukking op zijn vaders gezicht, de ongeïnteresseerde blik in zijn moeders ogen... 


En dan de juf. Waar kwam zij opeens vandaan? Waarom was zij niet op school? Had zij hem ook gezocht? Had zij soms op de radio over de brand gehoord? Was zij gaan kijken? Hoe wist de juf dat hij in het warenhuis was?

En opa? Hoe wist opa dat? En waarom was opa ineens verdwenen? Job kon zich niet herinneren hoe dat gebeurd was, ook niet dat hij de koffie écht had opgedronken en de moorkoppen had opgegeten. Hij dacht aan de krentenbollen die hij eerder had gekocht, had hij die wel opgegeten?Job wist het niet meer. Eigenlijk kon hij zich niets meer herinneren, zijn hoofd tolde. 


Het enige wat hij nog wist, was dat hij vanaf het moment dat hij vertrokken was alleen was geweest. Niemand had hem aangesproken of aandacht aan hem besteed. Hij had zich die nacht verstopt in het warenhuis, verstopt voor de camera’s. De bewegingsmelders hadden hem niet gezien. De volgende ochtend had hij de portemonnee gestolen uit de tas van de oude mevrouw. Niemand in de winkel had het gezien. Niemand alleen opa. En toen hij hem weer terug in de tas stopte zag ook niemand het.


Niemand had iets gezegd toen hij op die zachte bank ging zitten. Alleen juf zag hem. Juf die hem mee naar haar huis wilde nemen, die zei dat hij vanaf nu Peter van Dijk zou heten en daarbij moest gniffelen. Toen hij uit haar auto vluchtte had de beveiliger hem wél gelijk gezien. Hij had hem zelfs opgesloten. Had hij iets ergs gedaan?


De auto rijdt door de nacht. Job heeft geen idee hoe laat het is. Hij denkt aan opa en op het zelfde moment zit deze naast hem op de achterbank. Stilletjes kruipt Job tegen opa aan en valt in slaap.


Als Job wakker wordt is het stil en donker om hem heen. Hij ruikt een lekkere geur en dat geeft hem een rustgevend gevoel. Voor het eerst is hij niet bang meer. Hij rekt zich uit en gaat rechtop zitten. "Waar ben ik", denkt Job, " en waar is de auto? Is dit de veilige plek waar de agenten hem heen zouden brengen voor de nacht?"


Ineens hoort hij een stem zeggen: "Job, het is tijd om op weg te gaan!" Job kijkt verschrikt om zich heen, springt op en struikelt over een steen. Als hij die oppakt licht de steen op en leest hij de tekst:

Woorden

In een 

steen geschreven duren

Langer dan het leven

Ga!


Recht voor hem licht er een pad op. Langzaam, stapje voor stapje, met de steen in zijn linkerhand geklemd, loopt Job het pad af totdat hij bij een 7-sprong komt. Hoe moet hij nu verder, welke weg moet hij nemen? 

De steen licht weer op en nu staat er de tekst:

Keuzes

Gemaakt in

Een mensenleven zijn

Niet aan iedereen gegeven.

Kies!


Job kijkt om zich heen en vraagt zich af wat hij moet kiezen. Hij verstijft van angst als hij zijn ouders aan de ingang van een pad ziet staan. Wat doen zij daar? 

Dan ineens ziet hij de agenten staan op het pad daarnaast... ineens verschijnt ook de oude mevrouw, van wie hij de portemonnee stal, aan de ingang van het weggetje dáár weer naast. 

Tot zijn grote schrik ziet hij juf staan gniffelen aan de ingang van een ander pad, de beveiliger staat op het weggetje naast juf en knikt hem bemoedigend toe.

Waar Job ook kijkt, bij elke weg verschijnt iemand. Het kind uit het warenhuis is er ook ineens. Het zweeft wat boven de grond en lacht naar hem. 

Dan hoort hij opa’s geruststellende stem die zegt: "Je moet nu kiezen welke weg je gaat nemen Job". Job draait zich om en ziet opa aan het begin van de 7e weg staan. Hij slikt, de steen licht eventjes op in zijn hand. Welke weg moet hij nu kiezen?


-wordt vervolgd-

Weggelopen

Ingrid Tips en Meer

Weggelopen (deel 3)

Hans van Gemert

Weggelopen (7)

Judith Evelien