×

Yoors


exit_to_app Inloggen

camera_alt
Afbeelding toevoegen
Schrijvershotel #17: een bijzondere ontmoeting

Schrijvershotel #17: een bijzondere ontmoeting


Als ik mijn pen heb neergelegd blijf ik nog een poosje aangeslagen zitten. Haar trieste verhaal is verteld. Maar wat nu? Wie zal het lezen? Wat moet ik hiermee? Naar de politie stappen? Ze zien me aankomen. Zou er nog familie in leven zijn met wie ik dit kan delen? Wat is er met haar lichaam gebeurd? Is ze uiteindelijk teruggevonden?

Misschien moet ik in krantenarchieven duiken. Al ken ik niet eens haar naam. Maar wacht. Ik schuif het gastenboek naar me toe en blader net zo lang tot ik haar tegenkom. “Volgende bestemming: Marokko!” lees ik in een wat kinderlijk handschrift. En haar naam. Lize Groevers. Ik pak mijn telefoon en zoek op internet. Er worden geen resultaten gevonden.

Terwijl ik schreef is het ochtend geworden. Van slapen zal nu niets meer komen. Ik wrijf in mijn ogen, sta op en open de gordijnen. Een enkele wandelaar loopt langs de kust. En op een bankje verderop zit een vrouw van een jaar of zeventig. Ze kijkt me aan. Of verbeeld ik het me? Nee. Als ze mij ziet kijken staat ze op en loopt ze in de richting van mijn terras. Ze verontschuldigt zich in het Engels en vraagt of ze later deze ochtend even binnen zou mogen komen. Ze wil me graag uitleggen waarom ze hier is. Ik hoor aan haar accent dat ze uit Nederland komt. Snel kleed ik me aan. Ik nodig haar uit op mijn terras en luister verbaasd naar haar verhaal.

“Haar ouders hadden de overtuiging dat ze in Marokko een nieuw leven begonnen was,” vertelt ze. “Ik dacht dat eerst ook. Lize kon erg impulsief zijn en stond altijd open voor nieuwe experimenten. Maar toen we na een jaar nog niets gehoord hadden, wist ik zeker dat er iets gebeurd moest zijn. Ik kende haar. Ze zou ons nooit zo lang in onzekerheid hebben gelaten. We hadden dat jaar natuurlijk niet stil gezeten. Haar ouders zijn naar Spanje en Marokko gereisd en ik heb geprobeerd haar reis te reconstrueren. De laatste plek waar ze met zekerheid geweest was, was deze hotelkamer. De politie kon weinig voor ons betekenen. In Marokko was er geen enkel bewijs dat ze ooit het land was ingekomen en in Benidorm had men geen aanleiding om te vermoeden dat er iets met haar gebeurd was. Ook op Ibiza hebben we gezocht. We hebben advertenties in kranten geplaatst. Al het mogelijke gedaan om de waarheid te achterhalen.”

Ze zwijgt en neemt een slok van de koffie die ik net voor haar haalde.

“Ik denk dat het voor haar ouders te confronterend was om serieus rekening te houden met een misdrijf of een ongeluk. Ik denk dat zij hoopten dat ze ergens het geluk had gevonden. Nadat zij voor zichzelf besloten hadden dat Lize in Marokko was, stopten ze met zoeken. Ik ben op eigen houtje verder gegaan. Een jaar na haar verdwijning heb ik hier in het hotel geslapen. Het jaar daarna weer. Nooit in kamer 6. Ik ben er wel bijna elk jaar even binnen geweest. Dan zocht ik naar een aanwijzing. Ze was mijn beste vriendin. En dan te bedenken dat ze nog geleefd had als we volgens plan samen naar Ibiza gegaan waren. Ik ben zo boos op mezelf geweest. Als ik me niet zo compleet verloren had in die stomme zomerliefde, was het allemaal heel anders gelopen. Ik voel me nog steeds verantwoordelijk.”

Ik wil tegensputteren. Ze schudt haar hoofd.

“De oude eigenaren van het hotel zijn altijd heel behulpzaam geweest,” vertelt ze verder. “Ze had haar wekker op het nachtkastje laten staan. Die heb ik gekregen. Ik gebruik hem nog steeds. Dat ding is onverwoestbaar.” Ze lacht even.

“Een aantal jaar later ontmoette ik op Ibiza een Engelsman. Ik sprak met iedereen over Lize in de hoop ooit iemand te treffen die ze tijdens haar reis ontmoet had. Dat was natuurlijk zoeken naar een speld in een hooiberg. Maar deze man, Ian, dacht haar in de zomer van haar verdwijning gezien te hebben. Hij herkende haar van een foto die ik hem liet zien. Hij was 's ochtends met een Duitser en twee Franse meisjes vertrokken in de richting van Marokko. Er zou nog een derde meisje met hen meerijden. Maar zij was niet komen opdagen. Ze wisten niet hoe ze heette en ook niet waar ze overnacht had. Nu ik jouw verhaal gelezen heb, weet ik zeker dat dat meisje Lize was.”

Ze slaat mijn schrift nogmaals open. Bij de receptie gaan we straks kopieën maken. Ik zie een paar schrijvers naar het zwembad lopen en steek mijn hand op.

“Pas in 1988 kreeg ik meer duidelijkheid. Haar ouders waren toen al overleden. De oude hoteleigenaar belde me om te vertellen dat er menselijke resten gevonden waren bij de sloop van een bijgebouw van een hotel. In de zomer van 1967, toen Lize hier was, was dat hotel in aanbouw. Het was niet ver hier vandaan. Forensisch onderzoek was in die tijd nog niet zo ver als tegenwoordig. Ze hebben nooit kunnen vaststellen of het inderdaad om Lize ging. Maar ik wist zeker dat zij het was. Vanaf toen heb ik me duizenden malen de vraag gesteld: wat is er gebeurd?”

Ze strijkt met de achterkant van haar hand langs haar ogen.

“Vandaag is het vijftig jaar geleden dat ze verdween. Op 18 juli 1967 tekende ze het gastenboek. Dus in de nacht van 18 op 19 juli moet het gebeurd zijn. Het is wel erg bijzonder dat jij precies vijftig jaar na dato haar verhaal schreef.” Die link had ik nog niet gelegd.

“Ik had besloten het vandaag af te sluiten,” vervolgt ze. “Ik vond dat ik moest accepteren dat ik nooit zou ontdekken wat er gebeurd was. En nu is alles duidelijk.”

“Niet het complete verhaal,” zeg ik. “Wie haar gedood heeft weten we niet. Het was een rondreizende hippie uit een onbekend land. Groot, breed en sterk. Dat is alles.”

“Maar voor mij is het voldoende,” antwoordt Jola. “In mijn hart ben ik nog steeds een hippie. Ik geloof in karma. Hij zal zijn straf gekregen hebben.”

Pas aan het eind van de middag nemen we afscheid. Met een kopie van het verhaal op zak en de belofte dat we elkaar in Nederland nog eens zullen zien reist ze terug naar het vliegveld. Ik wandel langs de boulevard en vraag me af of mijn boek nu klaar is. Het voelt alsof ik er bijna ben. Maar nog niet helemaal.

<< vorige deel ---- volgende deel>>




Hans van Gemert
Weer een fantastisch deel!
20-07-2017 08:28
20-07-2017 08:28 • Reageer
Encaustichris
Dat noem ik een ware vriendin! Terugkeren naar waar je vriendin voor het laatst gezien is, jaar na jaar...
20-07-2017 08:02
20-07-2017 08:02 • 1 reactie • Reageer
Alzheimerblog
Nou! Ik denk niet dat ik dat had kunnen opbrengen.
20-07-2017 08:20
20-07-2017 08:20 • 1 reactie • Reageer