×

Yoors


exit_to_app Inloggen

camera_alt
Afbeelding toevoegen
60
Schrijvershotel #19: de pen van haar grootvader

Schrijvershotel #19: de pen van haar grootvader


Hij sloot de deur van kamer 6 achter zich en liep lusteloos naar het bed. Op dagen als deze voelde hij zich geen dag jonger dan zijn leeftijd. Negenenzeventig. Gezeten op de rand van het bed maakte hij zijn veters los. Hij schoof zijn schoenen aan de kant, zette zijn bril af en pakte tenslotte de foto van zijn nachtkastje. “Kon ik je nog maar één keer....” prevelde hij. “Was je nog maar.”

Liggend op bed sloot hij zijn ogen. Het fotolijstje hield hij in beide handen op zijn borst. Zo dicht mogelijk bij zijn hart.

Het geruis van de golven deed hem terugdenken aan die laatste keer dat ze samen de zee gezien hadden. September 1954. Ze was toen al ziek geweest. Hij had haar nog eenmaal mee willen nemen. Hij had de auto van hun oudste zoon geleend. Hij had haar ondersteund terwijl ze naar het bankje liepen. Afdalen naar het strand was een onhaalbare missie geweest. Maar ze hadden de golven gezien en het zout van de zee op hun lippen geproefd.

“Zouden we nog maar.... Stel je voor dat. Wat pasten we goed.”

Kort na de eeuwwisseling hadden ze elkaar ontmoet. Hij was destijds een hardwerkende jongeman en zij de dochter van nieuwe buren. Haar ogen leken hem te betoveren. Ze hadden levenslust en wilskracht uitgestraald. Hoewel hij dat nooit voor mogelijk had gehouden, had hij vanaf die eerste ontmoeting geweten dat hij met háár zijn leven wilde delen. Zij moest de moeder van zijn kinderen worden. En dat was gebeurd. Toen hun jongste zoon overleed aan de Spaanse Griep was zij degene die hem op de been hield. Toen ook hun enige dochter stierf gaf haar sterkte hem kracht.

“Alleen dankzij jou. Ik kan niet zonder.”

Ze had hem vaak gezegd: “Luister naar de verhalen van anderen. Er zijn genoeg mensen die hetzelfde moeten doormaken. Of die het slechter hebben dan wij. En hebben zij het goed getroffen? Mooi. Dan kunnen ze ons misschien inspireren om verder te gaan.” Hij was elke keer weer onder de indruk geweest als hij haar zag luisteren. Oprecht luisteren. Ze had nooit iemand veroordeeld. Nimmer had ze haar eigen mening belangrijker gevonden dan die van de ander. Ze had geluisterd zoals niemand dat kon.

“Vraag mensen naar hun verhalen,” had ze op haar sterfbed gezegd. “Volg mijn voorbeeld. Sluit je niet af. Maak contact. Die verhalen van anderen heb je nodig om door te kunnen. En ze zijn het altijd waard om gehoord te worden. Vraag mensen naar hun verhalen. En luister.”

Na haar overlijden, precies tien jaar na de bevrijding, had hij thuis geen rust meer kunnen vinden. Hij was op reis gegaan. Hij had lange wandelingen gemaakt door prachtige, ongerepte landschappen. Hij had contacten met anderen vermeden. Hij had niet gedaan wat zij hem opgedragen had. Hij had zich daar elke dag schuldig om gevoeld. Maar hij had simpelweg niet geweten hoe.

En nu was hij hier. Drie dagen geleden had hij zijn intrek genomen in een gloednieuw, modern hotel in Benidorm. Zijn energie was bijna op. Zijn geld ook. Vanmiddag was hij naar een antiekwinkel gegaan. Daar had hij met pijn in zijn hart de inktpot verkocht die nog van haar grootvader was geweest. Zo kon hij hier nog een paar dagen langer blijven. De pen die bij het inktstel hoorde, bewaarde hij in zijn borstzak. Voor zover hij wist had niemand er ooit mee geschreven. Haar grootvader was een bijgelovig man geweest en iemand had hem verteld dat deze pen magische krachten bezat. Uit respect voor haar grootvader had zijn vrouw hem nooit gebruikt.

Moeizaam kwam hij overeind. Voor het eerst na zijn terugkomst wierp hij een blik op het bureau. Daar lag een onbekend boek. Een dik, blanco boek. Een onbeschreven blad. Er stonden goudkleurige letters op de kaft. Die kon hij niet lezen.

Met zijn laatste krachten leende hij lijm en een potje inkt bij de receptie. Hij haalde haar foto uit het lijstje en plakte hem op de eerste pagina. Hij pakte de antieke kroontjespen waarmee nog nooit een letter geschreven was en doopte die in de inkt. Hij droeg de mensen die na hem in kamer 6 zouden slapen op in het boek hun verhalen te noteren. Ter nagedachtenis aan haar. Hij keek nog eenmaal in haar prachtige ogen. Ze leken te glimlachen. Ze leken hem te zeggen: dat heb je goed gedaan. Ze leken hem te vragen: "kom je snel?"

Die nacht droomde hij van zijn geliefde vrouw. Ze had een wit gewaad aan en stond op een wei vol kleurige bloemen. Ze strekte haar arm naar hem uit. “Kom, mijn allerliefste. Het is tijd voor jou om te gaan.” Hij legde zijn hand in de hare.

Nog één keer doop ik de pen in de inkt. Ik schrijf mijn naam in het geheimzinnige gastenboek. Dan sla ik het dicht en stap ik naar buiten. Ik ga het leven vieren met mijn gewaardeerde medeschrijvers. Daarna reis ik terug naar huis.

Mijn boek is voltooid.

<<vorige deel




Hans
Geboeid gelezen, knap.
09-08-2017 07:37
09-08-2017 07:37 • Reageer
Marion Wever
Wat een schitterend verhaal! In een woord wow... Helaas heb ik de uitdaging niet meer bij kunnen houden en lees nu dit pas. Geweldig. Je kunt zo je eigen boek beginnen.
04-08-2017 15:32
04-08-2017 15:32 • Reageer
Hans van Gemert
In één woord: schitterend!
22-07-2017 11:12
22-07-2017 11:12 • Reageer
Albert van den Berg
Heel mooi, met ontroering en plezier gelezen. Dank je.
20-07-2017 12:52
20-07-2017 12:52 • 1 reactie • Reageer
Alzheimerblog
Jij bedankt voor je fijne reacties :-)
20-07-2017 17:10
20-07-2017 17:10 • Reageer
Encaustichris
En met dit verhaal heb je mij in tranen..... Prachtig!
20-07-2017 12:29
20-07-2017 12:29 • 1 reactie • Reageer
Alzheimerblog
Als ik ooit nog eens fictie probeer, probeer ik mensen vrolijk te krijgen ;-) Dankjewel!
20-07-2017 17:10
20-07-2017 17:10 • Reageer
notifications_noneadd
27-02-2017 10:26
1 volger , 1 antwoord