Schrijvershotel #4: een onverwachte aankoop


Met een bord vol fruit en een vers croissantje slalom ik tussen de tafels door. De deuren naar het terras staan wijd open. Ha. Als ik daar ga zitten heb ik zicht op de zee. En buiten kun je fijner mensen kijken. Twee heren zijn op weg naar het strand voor een vroege duik. Ik zie een van hen trots naar zijn zwembroek wijzen. Kek kleurtje hoor!

Ik pak binnen nog wat sap en raak in gesprek met Ingeborg en Vincent. Ik had ze al eerder in de gang gezien. Hun kamer is ook op de begane grond. Handig, want Vincent zit in een rolstoel. Ze maken een verliefde indruk. Ik ben benieuwd naar hun verhaal maar wil geen impertinente vragen stellen. Bovendien had ik me voorgenomen om vanochtend de stad te verkennen. Tot nu toe heb ik alleen het strand en de hoogbouw langs de boulevard gezien. Wat heeft Benidorm nog meer te bieden?

Winkels. Veel winkels. En toeristen. En beton. Ik voel me ontheemd en dwaal wat rond. Misschien moet ik een boek schrijven over iemand die tegen wil en dank in een moderne toeristenplaats is beland. Ik herinner me hoe mijn grootouders hier in de jaren 60 wel eens kwamen. Toen was het vast nog niet zo massaal als nu. En misschien was dat kleine antiekwinkeltje er toen ook al. Ik kijk naar de etalage. Artikelen die op het oog niets met elkaar te maken hebben staan lukraak uitgestald op stoffige planken. Zou hier wel eens iemand komen? Zal ik? Ach, waarom ook niet.

Ik verlaat de winkel met een licht schuldgevoel. Akkoord, ik ben hier om een boek te schrijven. Maar was het nu werkelijk nodig om een kapitaal uit te geven aan een kroontjespen met toebehoren? Die kristallen inktpot is prachtig. Maar hoe kom ik hier aan inkt? Gelukkig heb ik balpennen bij me. Zo'n impulsieve aankoop is overigens niets voor mij. Ik kan me niet eens meer precies herinneren waarom ik besloot naar de prijs te vragen en hoe de pen überhaupt mijn aandacht trok. Alsof ík gekozen werd in plaats van andersom. Terug naar het hotel dan maar. Het zal de hitte zijn. Mijn kleren plakken aan mijn lijf en mijn hoofd voelt licht. 't Zou wel iets voor mij zijn om hier een zonnesteek op te lopen.

Mijn bed is keurig opgemaakt en het ruikt naar schone was. Dat viel me al eerder op: alles is hier schoon en fris. Nog geen stofje heb ik gezien. Ik zet de tas met mijn inkopen op het kleine bureau, ga onder de douche en open de kledingkast om iets luchtigers uit te kiezen. AU!

Ik wrijf over mijn zere voet. Waar kwam dat boek nu opeens vandaan? Het heeft een dikke, zwarte, verweerde kaft en er staan Spaanse woorden op. Misschien vergeten door een vorige gast.

Ach nee, dit boek had ik natuurlijk al eerder gezien. Ik heb er gisteravond nota bene uitvoerig in gebladerd. Op mijn terras. Met een kaars en druiven en water. En vanmorgen trof ik het na mijn strandwandeling midden op bed. Dan heeft het kamermeisje het zeker in de kast geborgen. Ik raap het van de grond en leg het op het bureau. Als ik het inktstel er nu naast zet lijkt het warempel of hier een echte schrijver huist. Toch wel een prachtige pen. En de inktpot...

Tot mijn verbazing zie ik dat die gevuld is met inkt. Hallucineer ik? Is de hitte me werkelijk naar het hoofd gestegen? Heeft een schrijver mijn kamer betreden toen ik onder de douche stond? Word ik voor de gek gehouden? Dien ik als inspiratie voor een humoristisch boek? Ik kijk om me heen. De deur naar het terras is gesloten en ook de kamerdeur is van buitenaf niet te openen. Toch voel ik me bekeken. Ik trek snel een jurkje aan en neem plaats achter het bureau. Dan doop ik de pen in de inkt.

Juli uitdaging. Doe je mee?

Het schrijvershotel in Benidorm heeft nog kamers vrij