Toch nog...


Het is nog erg vroeg wanneer onze deurbel onophoudelijk een irritant geluid laat horen. Mijn man slaapt erdoor heen, die is nog uitgeput van het feest voor zijn verjaardag en heeft de slaap op deze leeftijd hard nodig. Ik heb een knallende koppijn, waarschijnlijk een beetje teveel sterke dranken door elkaar gedronken, ben klaarwakker en slinger mijn benen over de rand van het bed, sla een sprei om mijn blote lijf en verlaat de slaapkamer.

'Haal die vinger toch eens van die rotbel,' mopper ik mompelend terwijl ik de trap afstuiter. Het belgeluid houdt aan. 'Moet ik hem er soms afhakken?'

Mijn irritatie zakt meteen tot nihil wanneer ik de deur open. Niet alleen omdat het indringende getring gestopt is, maar ook omdat een woest aantrekkelijke man voor me staat. Mijn buurman, hunk van het dorp. Mij ervan bewust dat ik slechts gekleed ben in een aftandse deken, bloos ik tot ver achter mijn oren.

'Hai Buurman, waar is de brand?'

'Goedemorgen, tomaatje,' zegt hij plagend: 'Ik denk hier in huis afgaande op je verhitte kleurtje.'

Ik grinnik dom, probeer naarstig een gevatte opmerking te vinden in mijn verwarde brein.

'Nee, serieus, wat is er aan de hand, is er iets met de kleine?'

'Ja, de crèche waar ze vandaag zou zijn, gaat staken voor extra loon voor de feestdagen. En mijn zuster, onze persoonlijk invalnanny, is van het dak gevallen en zit in het gips.  Nu mag jij oppassen vandaag.'

'Mag? En waar heb ik die eer aan te danken?' vraag ik in de veronderstelling dat ik nog kan weigeren.

'Ik dacht, als ludiek Sinterklaaspresentje,  van mij voor jou.'

'Hoezo?'

'Kom op, buurvrouw, ik weet dat je ernaar hunkert om voor oma te spelen. Dit is je kans.' Mijn buurman zet een stap opzij en zie ik de wandelwagen met zijn dochtertje erin. Ze ligt nog te slapen, dromerig kijk ik naar het moppie en merk ik nauwelijks dat haar vader op zijn fiets stapt en wegrijdt. Aan het eind van de straat draait hij zich nog even om en roept dat hij haar om zes uur vanavond weer op komt halen.

'Daar ben je mooi ingestonken.' Dochterlief staat in de gang. 'Ik begrijp trouwens niet waarom ze bij die crèche voor als ze ongesteld zijn, ze extra vergoedingen willen hebben.'

'Huh?'

'Ja, papa heeft me uitgelegd dat u met feest, de dagen van de menstruatie bedoelde.'

'Hoelang sta jij hier al?' vraag ik lichtelijk geërgerd.

'Nog maar net, maar u weet toch dat ik een supersonisch gehoor heb? Ik heb alles van het begin tot eind kunnen volgen.'

'Nou ja, nu kan ik mooi wel deze situatie voor de schrijfuitdaging gebruiken.'

'Dat dacht ik wel, maar dat mijn moeder zo stom zou zijn, dat had ik niet zien aankomen. Mam, let dan op de details! Er klopt niets van. Ten eerste, de buurman is van het verkeerde geslacht. Ten tweede, de aanvangstijd is veel te vroeg. Ten derde, een crèche is geen school. Ten vierde, het is slechts één kind, geen meerdere en tot slot, komt de buurman ook nog veel te laat zijn dochtertje weer ophalen.'

'Ik heb nog meer schrijfuitdagingen liggen,' zeg ik aarzelend.

'Die van de steekwoorden zeker?'

'Ja, die zitten er allemaal in.'

'Maar dat zijn megasimpele woorden, dat mag geen uitdaging genoemd worden, en bij de frutselfeestdagenuitdaging mag je maar 140 woorden gebruiken, maar veel succes ermee, ik ga me wassen en aankleden, er zal wel niet gestaakt worden op mijn stageplek.'

En weg is ze. Ik moet toegeven, mijn dochter heeft er goed over nagedacht. Maar goed dat ik voor vandaag geen bijzondere plannen gemaakt heb, in tegenstelling tot de rest van de dagen van deze week. Op de kalender staat alleen vermeld dat mijn man naar de tandarts moet, dat feestje moet hij maar in zijn eentje vieren. Nu al het andere vergeten en me voor één dagje gewoon even oma voelen.

Het buurtschatje slaapt nu nog, dat geeft mij de gelegenheid om mezelf even op te frissen en fatsoenlijke kleren aan te trekken. Even manlief uit bed trommelen voor ik de keuken induik om de ontbijttafel klaar te maken. Ik werp een vertederde blik in de wandelwagen, waar het vijftien maanden jonge wereldwonder knippert met haar oogjes en me een stralende lach schenkt. Mijn hart vult met blijdschap.

Het is half acht wanneer de bel voor de tweede keer vanochtend gaat.  Het is de overbuurvrouw met de mededeling dat er een staking op school is (hoe verrassend) en zij naar haar werk moet.

'Pas jij even op mijn koters vandaag? Jawel, hè, kunnen ze je mooi helpen met de voorbereidingen voor de feestdagen, zag dat er bij jullie nog niet eens een boom staat.' Voordat ik kan ook maar iets kan zeggen, heeft ze de kinderen al naar binnen geduwd en stapt in haar auto. Door het open raampje laat ze nog snel weten dat ze ze rond vier uur weer op zal halen en bedankt me vriendelijk voor de hulp.

Daar sta ik dan, blij met deze onverwachtse uitdaging. 


Dit verhaal van 840 woorden, past zes keer in de frutseluitdaging en ook in de steekwoordenuitdaging van Hans alsmede de decemberuitdaging van Trudy op Facebook.