Vakkundige improvisatie


'Kijk nou, dat lijken Buurman en Buurman wel.'

'Je vergist je, onze buurman aan de ene kant is net vertrokken naar de winkel en aan de andere kant woont alleen maar een buurvrouw.'

'Nee gekkie, die knutselkereltjes van dat programma.'

Ik kijk naar buiten en moet mijn man gelijk geven. De twee mannen staan omhoog te kijken, druk gebarend naar elkaar, in overleg hoe ze deze klus aan zullen pakken. Het dak van onze garage is door storm beschadigd. Flappen bitumen hangen los, er is een gigantische kier ontstaan tussen twee golfplaten, door een gat van bijna vier vierkante centimeter sijpelt regenwater naar binnen. Een opgerolde badkamermat hebben we vakkundig tussen de spleet gepropt. Een oud geplastificeerd tafelkleed beschermt het gereedschapsbord wat net onder het lek hangt.

Buurman en Buurman kijken bedenkelijk naar de lucht.

'Het regent, geloof ik.'

'Laten we het protocol volgen, om er zeker van te zijn.' Meteen haalt  hij een luciferdoosje uit zijn zak, schuift het open, neemt er eentje uit en strijkt ermee over het ruwe vlak. Het vlammetje dooft onmiddellijk. 'Yep, nat!' En de twee stappen in hun gele bestelbusje, daar zitten ze tenminste lekker droog.

Ik  check mijn buienradar. Ja, ze hebben gelijk.

Gelukkig duurt de bui niet lang. De buurmannen stappen uit, friemelen beide aan de sjorbanden waarmee een ladder op de autobus bevestigd is. Weer druk gebarend gaan ze in overleg, tot de langste buurman met een snoeischaar de banden doorknipt.

Ze rennen om het gebouw, aan de voorzijde plaatsen ze de ladder, bestijgen hem om de beurt en verplaatsen hem weer tot ze alle zijden van  de garage twee keer gehad hebben. Het is zo'n koddig gezicht dat ik me spontaan in mijn koffie verslik. Nog proestend en hoestend zie ik de mannen vragende blikken mijn kant op werpen. De twee kijken elkaar aan en gaan weer naarstig in overleg.

'U heeft zeker ook geen ladder?' Roept een van de mannen en op mijn heftig het hoofd heen en weer schudden stappen de twee in hun busje en rijden weer weg.

Gelukkig komen ze al snel weer terug, ditmaal met twee ladders, eentje die ze tegen de garagewand zetten en eentje die ze met beugels over het schuine dak klemmen. Verrassend handig gaan de klussers nu te werk. Eerst wordt er gesloopt, daarna gerepareerd. Een man zit op het dak, de andere klimt de ladder op en af.

'Zo, bijna klaar, nog even een reetje dichten, haal die tube  even op.'

'Welke?'

'Die ik vanmorgen nog in de gereedschapskist heb gedaan.'

'Okido.' En Buurman roetsjt weer de ladder af en op. '

'Nee sukkel, niet de tandpasta.'

'Er was geen andere.'

Met zijn vlakke hand slaat Buurman tegen zijn voorhoofd. 'Dan is het toch niet de Yoghurt geweest die mijn gebit zo stroef heeft gemaakt, heb ik weer mijn tanden gepoetst met houtrotvuller.'

Zoals ook altijd bij buurman en buurman lossen de twee het op met improvisatie en  wanneer ze elkaar uiteindelijk een high five geven, schreeuw ik opgelucht: ajeto.


In exact 500 woorden voor de schrijfuitdaging van Hans geschreven

Word lid en beloon de maker en jezelf!