Veren versa schubben?


Hoofdschuddend sla ik de ogen neer. Wat een gekrijs om niets. Echt, ik snap Dana nooit. Een hoop gedoe om niets.  De stoppen slaan finaal door bij dat rare mens.

O, wacht, zij stemde niet op nepgodin van de zee. Zij zag de minpuntjes. Zij heeft wel oog voor valsheid. Zij ziet hoe de schubben van haar staart verbleken bij mijn kleurrijke vederpracht.   

 Mijn oordeel stel ik bij.

Ja, ik kan dat wel. Mijn ongelijk toegeven.  Ik ben groots.   

Maar hoe wondermooi ik ook ben, mijn natuurlijke schoonheid delft vast het onderspit tegenover de fictie van woorden. Zij, Dana, gaat vast meer aan de slag met 140 woorden dan met de schoonheid van de foto's van nature.  Tenzij ik listig te werk ga, mij verschuil  naast Ingrid en wanneer nodig, krijsend  met mijn veren fier omhoog uit de kast kom.