×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors








Helemaal van slag


Met een sterk verhoogde hartslag, die tot hoog in zijn keel voelbaar was, stapte Ruud over de drempel van het warenhuis. Zijn temperatuur liep op, kleine, minuscule zweetdruppeltjes drongen door zijn poriën naar de vrijheid. Zo ging het nu al twee weken, de verschijnselen begonnen al op het moment dat hij thuis zijn jas aantrok. Zijn moeder had nog geïnformeerd of hij zich wel goed voelde, of hij niet ziek was.

Ruud had zijn hoofd geschud. Nee hij was niet ziek, hij voelde zich prima. Prima en ellendig tegelijk. Maar dat kon hij zijn moeder niet uitleggen, die begreep zoiets toch niet.

Al veertien dagen liep hij dezelfde weg, het was een routine geworden, bijna dwangmatig. De obstakels op de stoep werden volautomatisch genomen en omzeild, geluiden van het verkeer op straat drongen nauwelijks tot hem door. Hij kon zich niet voorstellen dat hij hier ooit niet had gelopen, wat hij anders zou moeten doen.

Met knikkende knieën stapte hij op de roltrap, en dan nog eentje. Op de tweede verdieping was de modeafdeling. Bij het rek met de spijkerbroeken bleef hij staan. Dit was het beste plekje, kijken zonder echt gezien te worden. Voor de vorm zocht hij wat tussen de verschillende modellen en maten. Als hij op de juiste plek stond kon hij precies tussen de twee pilaren doorkijken naar de balie.

Met een steek van jaloezie zag hij ze staan. De verkoopster en de verkoper. Allebei nog jong, van zijn leeftijd en altijd in een vrolijk en geanimeerd gesprek met elkaar. Tenminste, als er geen klanten waren die hen om hulp kwamen vragen. Ze hadden beslist iets met elkaar en het huilen stond Ruud zoals altijd nader dan het lachen. O, hoe had hij kunnen denken dat hij ook maar een heel klein beetje kans had? Maar toch, hij kon het niet loslaten. Hij moest hier staan kijken en hoop houden, hoe ongelukkig hij zich daarbij ook voelde. Een floers van tranen verhinderde het zicht en driftig veegde hij alle opkomende nattigheid met zijn mouw weg. Toen hij weer tussen de pilaren doorkeek was de balie leeg. Geërgerd schudde Ruud zijn hoofd. Ook dat nog. Ongeduldig schoof hij opnieuw enkele spijkerbroeken opzij.

De stem van de verkoper klonk onverwacht dichtbij. ‘Kan ik je helpen? Gaat het goed met je?’

Een nieuwe warme gloed trok over Ruuds gezicht en hij kon geen geluid uitbrengen.

‘Ik zie je elke dag hier staan,’ ging de verkoper verder, ‘je komt hier niet om iets te kopen, of wel?’

Nog steeds niet bij machte om iets te zeggen schudde Ruud zijn hoofd.

‘Dat dacht ik al. Ik heb nu pauze. Heb je zin om wat te gaan drinken?’

Verrast keek Ruud op en zag hoe de grote blauwe ogen van de verkoper hem wat onzeker aanstaarden. Hij zag ook het blosje en een nerveus trekje rond de lippen.

O, die lippen… Ruud knikte. ‘Heel graag’, wist hij zachtjes uit te brengen.

‘Fijn,’ de verkoper stak zijn hand uit. ‘Ron.’

Ruud en Ron, Ron en Ruud, die klank beviel hem wel, het had iets muzikaals. Ruud nam de hand aan. ‘Ruud.’

Even later liepen ze hand in hand het warenhuis uit.


(c) Hans van Gemert

Afbeelding: Pixabay

Schrijfuitdaging maart 2018

Meedoen kan tot en met 31 maart!

Enkele van mijn andere invullingen in de schrijfuitdaging van maart 2018

Haal deze tekst weg en vul hier je tekst in.

signup

Word lid en beloon de maker en jezelf!




expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts