Het afspraakje, eindelijk


Vrijdagavond. Vandaag zou het moeten gebeuren. Een afspraakje. Nee, dé afspraak. Weken lang had ik ernaar uitgekeken. Die afspraak met háár. Goede voorbereiding is het halve werk en daarom zat ik vanmorgen vroeg om negen uur al bij de kapper. Eigenlijk houd ik daar niet van. Kappers. De hele tijd dat gedwarrel om me heen, dat duwen en trekken aan mijn hoofd en de constante aanval op mijn trommelvliezen. Maar wat moet, dat moet. Ik had het er graag voor over.

Nadat ik de nodige haren én contanten bij de kapper had achtergelaten stond ik weer buiten. De haartjes negerend die een goed heenkomen hadden gezocht tussen de boord van mijn overhemd en mijn huid stapte ik door naar dat volgende adres op mijn lijstje. De kledingwinkel. Ik weet, ik val in herhalingen, maar daar houd ik eigenlijk ook niet van. Kledingwinkels. Verkopers die meer verstand hebben van het behalen van een stevige omzet dan van het goed adviseren van de klanten. Het steeds opnieuw passen van allerhande kledingstukken, waarbij de kartonnen labels en kunststof antidiefstalknoppen je danig in de weg zitten. Maar in dit geval zette ik me over mijn bezwaren heen. Ik paste, ik koos. En ik betaalde.

Na een dik uur stond ik weer buiten, een stuk armer maar zwaar beladen met diverse tassen. Ik klaagde niet, ik had het er voor over. Uiteraard.

Een succesvol bezoek aan de schoenwinkel bekroonde dit intensieve deel van de dag en met de nodige opluchting ging ik weer naar huis. Koffie, dat had ik wel verdiend. Daarna dook ik het bad in, en gebruikte de speciale badolie, die mijn velletje zo heerlijk zacht maakte en bovendien een zalig geurtje om mij liet hangen. Kortom, ik had aan alles gedacht. Ik was er helemaal klaar voor.

Nu restte nog slechts één ding. Afwachten tot het tijd was. We hadden afgesproken dat we om zeven uur op elkaar zouden wachten bij de kerk op het grote marktplein van de stad. Een herkenbaar punt, dat kon niet mis. Vanaf dat punt was het hooguit vijf minuten lopen naar het restaurant, waar ik voor kwart over zeven had gereserveerd. Dat gaf ons genoeg tijd, en daar houd ik wel van.

Om tien voor zeven stond ik bij de kerk. Beter te vroeg dan te laat. Onrustig wandelde ik van de ene kant naar de andere kant. Tussendoor keek ik op mijn horloge en was er zodoende verschillende malen getuige van dat de minutenwijzer één positie opschoof. Zeven uur. Niemand te zien. Het werd tien over zeven, kwart over zeven. Half acht. Niemand te zien. Op mijn telefoon waren geen mailtjes, sms-jes  of app-jes binnengekomen. Ik aarzelde. Zou ik bellen?  Toen ik dat deed werd er niet opgenomen. Ik liep nog maar eens op en neer. Kwart voor acht. In mijn geduld was inmiddels een flinke deuk geschoten. Ik keek naar de klok. Het was exact acht uur en precies op dat moment hoorde ik het belsignaal van mijn telefoon. Ik nam op.


(c) 2018 Hans van Gemert

Afbeelding: pixabay

Het telefoontje, eindelijk

Het gerelateerde verhaal

Schrijfuitdaging april 2018

Leuk als je ook meedoet!

signup

Word lid en beloon de maker en jezelf!