Max


Max is mijn blonde bouvier. Max is speciaal. Max.....is ánders. Max lijkt het syndroom van Down te hebben.  Een blonde Bouvier dus. We wilden er altijd al graag een en na twee gestroomde Bouviers wilde ik dit keer écht een blonde. In mijn naïviteit besloot ik te gaan bellen met fokkers om te kijken of er ergens een nestje beschikbaar was. Na de eerste fokker gesproken te hebben begreep ik dat je een blonde Bouvier niet kán fokken. Het is, plat gesproken, een foutje van moeder natuur. Een kleurfout dan wel te verstaan. Wachttijden waren niet te voorspellen omdat je maar af moest wachten of er wel een blondje tussen zat. Na wat zoeken op internet kwamen we in contact met een herplaats stichting . Zij vangen Bouviers op die, om wat voor reden dan ook, weg moeten bij de baasjes waar ze begonnen zijn. Dat sprak ons meteen aan. Een hond helpen die een ‘valse start’ heeft gemaakt leek ons een mooi doel. Ik schreef me in en al vrij snel was er contact. Ze wilden van alles van ons weten wat betrekking kon hebben op de hond die eventueel bij ons geplaatst zou worden. Sommige mensen vinden dit misschien te ver gaan maar het gaf ons juist een fijn gevoel. Ze gaan niet over één nacht ijs, dat was wel duidelijk. Na een tijdje werden we gebeld dat ze een reutje van zeven maanden oud hadden voor herplaatsing, Max. En laat dat reutje nu net een blonde Bouvier zijn. Mijn gevoel zei me dat dit geen toeval was. We maakten een afspraak om Max te bezoeken op zijn tussentijdse opvangadres. Het was liefde op het eerste gezicht van beide kanten en er werd stevig geknuffeld. Het geluid van een 'vallende' Max die zich liet vallen om te gaan  liggen klonk ons erg bekend in de oren. We gingen met voorzichtige blijdschap richting huis. Er was nog een ander koppel dat zich ook aangemeld had voor Max dus we wilden onszelf niet meteen gelukkig prijzen. De dag erna hoorden we dat de keus op ons was gevallen. Max leek ons echt aardig te vinden was de conclusie. Bovendien was het een gegeven dat we al eerder Bouviers hadden gehad én dat we aan het bos woonden wat meteen ook een goede reden was om voor ons te kiezen. Twee dagen later zou hij bij ons komen wonen. Ze kwamen hem zelf brengen om zeker te weten dat wat we verteld hadden ook echt klopte. Bij binnenkomst klom Max meteen op schoot bij onze oudste dochter. Hij was thuis.

Na een tijd viel het ons op dat Max anders was dan de twee Bouviers die we eerder hadden gehad. Hij was veel langzamer van begrip, anders qua bouw en had hele kleine oogjes die heel dicht bij elkaar stonden. Hij was ook erg afwezig en reageerde op alles met vertraging. We lieten hem. We wilde een lieve familiehond en die hadden we. Dat hij zijn eigenaardigheden had vonden we niet erg. Sinds die tijd hebben we hier in huis de uitspraak “Aan Max kan je heel veel liefde geven en je kan er heel veel liefde van krijgen maar verder kan hij niet zoveel”.

Max leefde pas echt op toen vier maanden later zijn kleine acht weken oude ‘broertje’ Rio, ook via de herplaatsing, bij ons kwam wonen. Ook weer een blonde. En weer kwam dat gevoel dat het geen toeval kon zijn dat ze alle twee bij ons terecht kwamen. Max zijn onrust nam vanaf dag één af. Hij straalde in zijn rol als grote broer en zijn kleine drukke broertje werd zijn beste vriend. Onafscheidelijk waren ze, zowel binnen als buiten. Ze sliepen samen, speelden samen, wasten elkaar de oren en knuffelden samen. Zo mooi om te zien dat twee honden die een foute start hadden samen één werden. Vertrouwen kregen van ons én elkaar. Toen Rio echter groter werd vielen ons de dingen die we eerder bij Max opgemerkt hadden nóg meer op. We grapten weleens dat Max misschien wel eens het Down Syndroom zou kunnen hebben. Na een tijdje ging dat gevoel steeds sterker spelen en dus werd er toch maar ge-googled.  Alles wat we tegenkwamen was van toepassing op Max. Hij loopt apart, is vreemd gebouwd, is erg traag van begrip, zijn perceptie van geluid is anders, hij heeft een heel klein hoofd in vergelijking met zijn lijf en hij oogt erg veel dikker dan zijn één kilo lichtere broer. Als je hem wil roepen dan kijkt hij altijd totaal de andere kant op. Je ziet dat hij iets hoort maar niet kan bepalen waar het vandaan komt en vervolgens in de war raakt. Hilarisch af en toe dat dan weer wel. We besloten toch maar om bij de eerstvolgende inentingen er met de dierenarts over te praten. De dierenarts was het met ons eens. Ondanks dat het zéér zeldzaam is zijn er honden met het syndroom van Down die door de ‘natuurlijke selectie’ komen en dus worden geboren. Max lijkt er daar één van te zijn.

 

 

Maar Max is zoveel meer dan die diagnose. Het leven met Max is nooit saai. Als we de bossen of de duinen in gaan met Max en Rio is het heel duidelijk te zien dat Max anders is. Hij is minder wendbaar en verstapt zich vaak.  Ook kan je bijvoorbeeld een bal weggooien voor Rio en die zal hem, zelfs al rolt hij vijftig meter weg, volgen en vinden. Max is zijn bal al kwijt als de bal een zachte stuiter naar links maakt terwijl hij naar rechts kijkt op dat moment. Zoeken doet Max niet. Hij accepteert meteen dat zijn bal weg is en gaat simpelweg liggen op de plek waar hij zojuist nog stond. Max kan thuis ook uren door de schutting naar de buren staren. Niets kan hem afleiden. Geen speeltje, geen aandacht. Mensen in onze omgeving vinden het soms ook vreemd dat hij anders is qua emotie. Hij is óf erg enthousiast óf erg afgeleid. Geen tussenweg. Maar hij kan ook kwispelen en blij zijn als je, na een toiletbezoek, weer terug de kamer inkomt. Alsof je weken weg geweest bent, zo blij.

Max is ook anders met andere honden. Hij wil heel graag spelen en stuiteren. Eén op één dan want als Rio erbij is is hij ontzettend beschermend. Hij blaft en valt uit om zijn broer te beschermen. We krijgen dat ook niet getemperd en moeten hier altijd voor waken. Twee keer per dag mogen ze een lange wandeling maken in het bos en lopen dan, waar dat kan, lekker los om energie kwijt te raken. Rio kan eindeloos rennen maar Max heeft daar domweg de energie niet voor. Hij zoekt altijd de plek met de meeste bladeren en gaat graven…eindeloos graven want van graven wordt hij blij, intens blij! Toen we Max en Rio na de vakantie bij de kennel op haalden vertelden ze dat ze iedere dag, als de honden na het eten naar binnen gingen, Max zijn gegraven gat dicht moesten gooien. Soms was het bijna een meter diep! Ik weet dan dat Max heeft genoten. Een ander ding waar hij écht van kan genieten is rollen in bladeren en modder en laten we eerlijk zijn….je hebt er dubbel plezier van als je blond bent natuurlijk! We gaan het bos in met een blonde Max maar komen het bos uit met een zwarte Max. We zouden ze niet willen missen, alle twee niet. Het enige wat mis is met onze Bouviers is dat ze maar een relatief kort leven hebben maar dat is dan ook het enige.

Max is ook een echte knuffelbeer en geloof me als ik zeg dat je geen psychiater nodig hebt als je Max om je heen hebt. Hij voelt je emoties feilloos aan en komt dan voor je zitten, kijkt je aan en legt zijn poten op je schoot. Geen vragen, geen kritiek. Alleen maar liefde. We vragen ons wel eens af wie er meer geluk heeft gehad….Max of wij. Stel je voor dat Max geplaatst was bij mensen die grootse plannen met hem hadden…wat zou hij dan ongelukkig zijn geweest. Maar stel je ook eens voor wat we allemaal gemist hadden als wij niet bij Max geplaatst waren….onze lieve, onnozele, grappige Max. 

In November staat er een item in het Me and my dog Magazine over Max.

Max heeft een eigen facebook pagina. www.facebook.com/DownWithMax