Gepubliceerd door Thierry P. Dinjens  · 20 maart om 18:00  ·
In het Leijpark troffen we een vrij grote libel aan: de Bruinrode heidelibel. Het is deze libel die meestal als er ergens een nieuwe vijver of poel is uitgegraven, als eerste een kijkje komt nemen. We noemen dit een pionierssoort. Het grote voordeel van nieuwe plassen is het feit dat er nog niet veel vegetatie in zit. Bladeren op het water en op de bodem komen meestal pas in de herfst en waterplanten hebben even de tijd nodig om zich in nieuwe poelen of vijvers te vestigen. Juist daar waar natuur nieuw ontwikkeld wordt, daar vinden we de Bruinrode heidelibel. In de modderige bodem jagen de larven op kleine beestjes zoals muggenlarven. Ook muggen leggen het liefst hun eitjes in stilstaand water. Zet in de zomer maar eens een emmertje water buiten en doe er verder niets meer aan. Binnen een paar weken zit de hele emmer vol met muggenlarven! Het is deze prooi waar de Bruinrode heidelibel op uit is.
Een jonge libel moet eerst 'uitkleuren'. Dit betekent dat een jonge libel nog niet de kleuren heeft van een volledig volwassen exemplaar. Dit maakt het soms moeilijk om een heidelibel (en het zijn er nogal wat) te onderscheiden van soortgenoten. Deze (zie foto) heeft zwarte poten met een gele streep en geen hangsnor (zwarte vlek die de ogen met elkaar verbindt) en dus is dit de Bruinrode heidelibel die, anders dan haar naam doet vermoeden op veel meer plaatsen dan de heide voorkomt.
De grootste groep libellen, waartoe de Bruinrode heidelibel behoort, duiden we aan met de naam glazenmakers. De herkomst hiervan ligt in het ambacht glazen maken. Vroeger, ver voor de komst van de auto in onze contreien, deden de mensen veel met de hand en te voet. Een kar was een luxe die niet iedereen zich kon permitteren. Een glazenmaker werd door klanten gebeld als er een ruit gesneuveld was. De telefoon was er reeds in 1881, in 1937 werd pas de eerste snelweg geïnstalleerd in ons land. De glazenmaker moest veelal te voet naar zijn klanten en hierbij droeg hij een raamwerk vol kleinere en grotere ruiten op zijn rug. Een zwaar karwei waarbij uiteraard de grootste voorzichtigheid geboden was.  Dubbel glas kennen we eigenlijk pas van na de Tweede Wereldoorlog; daarvoor was alles enkel glas en dit was veel breekbaarder.
De aanblik van een glazenmaker met een frame vol ruitjes op zijn rug heeft een vergelijking met de vleugels van de grote libellen, die op dergelijke frames lijken. Vandaar de naam: glazenmaker.        
We gaan de Bruinrode heidelibel ongetwijfeld nog vaak zien in het Leijpark. Gelukkig voor ons laten deze libellen zich goed benaderen en dus gemakkelijk fotograferen. Het zijn typische libellen van het voorjaar en het najaar. In de zomer mogen we andere, minder goed benaderbare libellen verwachten. Dus eerst maar eens deze zien te spotten. Bij de vijver, waar het water laag is en door wind of onderstroom niet stroomt, heeft u de meeste kans. En nu maar hopen dat er geen hoornaars (grote wespen die libellen eten) in de buurt zijn, want dan begint het gedonder in de glazen..

#leijpark013 #bruinrodeheidelibel 

Leijpark013 Bruinrode heidelibel