Sagen en legendes, hoofdstuk 3


Thijs legt het boek aan de kant.

Met een zucht kijkt hij dromerig door het raam naar de achterliggende heide.

" zou de schat er nog liggen??" Vraagt hij zich af.


Dan roept zijn vader hem voor t eten. Terwijl ze zitten te eten, fantaseren ze allemaal over de schat. " Papa, wat ga jij doen met t geld, als we hem vinden?"

" hmmmm, lekker veel ijsjes halen bij de ijswinkel in het dorp. En als het echt veel is, een studiefonds opzetten voor jullie."

En jij Koen?

"Ik ga een heleboel kleren kopen en met mijn beste vriendin op wereldreis".

"Nou, wacht daar maar even mee, of we moeten mee mogen, maar alleen gaan jullie nog niet ontdekkingsreiziger! " lacht Michel.


Na het eten, wassen ze met zijn 3 af om daarna tot aan bedtijd de avond te vullen met spelletjes spelen.

Als de jongens gedoucht en wel op bed liggen, en hun vader ze welterusten heeft gezegt, knippen de heren hun zaklantaarn aan.

"Koen", fluistert Thijs, " zullen we morgen beginnen met aanwijzingen zoeken?"

" kijken of we iets vinden zodat we op schattenjacht kunnen gaan."

Koen veert overeind. " denk je echt dat we de schat kunnen vinden dan?"

" weet ik niet, maar als we het niet proberen vinden we hem zeker niet" zegt Thijs vastbesloten.

Koen denkt even na, en antwoord dan:" goed, misschien weet die oude boer aan het einde van de Boslaan wel iets meer.

Weet je nog dat hij een paar weken terug ook zulke oude verhalen zat te vertellen op het dorpsplein?"

" Goed idee!"

En zo fantaseerde de jongens door tot ze te moe waren om te denken, en het langzaam stil werd in het kleine huis aan de rand van het bos.


De volgende morgen scheen de zon volop haar eerste zonnestralen door de gordijnen van hun kamer. De merels, roodborstjes en andere vogels zongen reeds hun hoogste lied. Een specht hamerde iets verder zijn ontbijt bij elkaar. Langzaam opende Thijs zijn ogen. Hij luisterde naar alle geluiden tot hem ineens het boek weer in zijn gedachten opdook.

Stilletjes kroop hij uit bed. Koen lag nog in diepe slaap. Vlug kleedde hij zich aan. Voorzichtig opende hij de deur en sloop naar beneden.

" goedemorgen vroege vogel" klonk de stem van zijn vader uit de keuken.

De geur van versgebakken brood drong Thijs zijn neusgaten in. Hij keek op de klok en zag dat het pas half 7 was.

Ondanks het vroege tijdstip was de geur van het brood genoeg om hem klaarwakker te maken.

"Vroege vogel" zegt Thijs, "en jij dan."

" Je weet dat ik altijd vroeg ben, je moeder is de uitslapen."

"Heb je een beetje geslapen ondanks de schatkist?"

"Best wel, maar ik moest er net bij t wakker worden meteen weer aan denken"

Michel loopt naar de boekenkast en pakt er een 2e boek uit.

" hierin staat de geschiedenis van de omgeving."

" en tevens enkele kaarten met uitleg over hoe de omgeving langzaamaan verandert is"

Thijs pakt t boek aan, bladert erdoor heen en bekijkt enkele prenten en kaarten.

" als koen eindelijk wakker is, gaan we dit eens goed doorlezen."

" Ik ben al wakker hoor" klinkt een slaperige stem achter hem. Thijs draait zich om en ziet zijn broertje staan in de deuropening.

Meteen wil hij van wal steken, maar daar steekt zijn vader een stokje voor.

"Laten we eerst gaan eten en Koen even wakker laten worden. Wie wil er het kapje?"

zegt hij terwijl het broodmes in het verse brood verdwijnt.

Na het ontbijt kleden de jongens zich snel aan en gaan aan de keukentafel de boeken doornemen. Op een kasboek schrijft Thijs alle interessante punten op. Locaties, namen en jaartallen krijgen een eigen plekje.

Met bewondering zit Michel zijn oudste zoon te bekijken. Zo gestructureerd heeft hij hem nog niet vaak zien werken. Met een trots gevoel staat hij op en gaat buiten aan de gang. De moestuin heeft na de regenbuien wel wat aandacht verdient.



Na de lunch trekken de jongens hun schoenen aan en wandelen richting het dorp.

De zon schijnt volop en met enkele euro's in hun knuisten geklemd, gaan ze richting dorpsplein. Na al dat zoeken naar aanwijzingen heeft Michel ze wat geld gegeven voor een ijsje. Schuin tegenover de waterpomp zit Angelo's IJswinkel.

Watertandend bekijken ze de bakken met echt zelfgemaakt schepijs.

" jullie zijn de jongens van Michel is het niet?"

"Klopt, mag ik een hoorntjes met chocolade en mango ijs? Zegt Thijs.

" tuurlijk! En jij?"

"Ik wil smurfenijs en vanille"

"Hebben jullie vakantie? Lekker bij je vader deze week?"

"Ja, de hele week. En we gaan schatzoeken" zegt Koen terwijl hij zijn ijsje aanneemt.

" schatzoeken? Dat klinkt spannend. Zeker de schat van de kleine heide?"

" wat weet u ervan?" vraagt Thijs.

" Alleen de verhalen van hier. Als ik jullie was, zou ik eens gaan praten met Boer Leo. Die woont aan het einde van de Boslaan. Hij weet veel van de omgeving en de verhalen van toen."


Een barse stem klonk achter de jongens hun rug." Wie hoorde ik mijn naam noemen?"

Met schrik draaien de jongens zich om. In de deuropening staat een oude boer. Onder de platte pet steken een paar donkere ogen en een grote neus. Daaronder een smalle mond en een grijze sik maakt het gezicht compleet.

Als Thijs van de achrik bekomen is, neemt hij het woord.

" Wij zijn Thijs en Koen en logeren bij onze vader. We willen graag van verhalen van u horen over vroeger. Ik heb van papa een boek gehad over Sagen en Legendes. En we willen de schat van de kleine heide zoeken."

Boer Leo' s gezicht ontdooit en met een glimlach kijkt hij de jongens aan. "Eerst een ijsje en dan zal ik jullie eens wat vertellen."


Met hun ijsjes gaan de 3 zitten op het bankje tegenover de waterpomp en Boer Leo steekt van wal.