Eikvaren en wandelen in Weris


Bij de snelstromende Ourthe in Barvaux sta ik met mijn eigen huis op wielen. Aan de overkant ‘Chez GrandPère’ is er nog volop licht. Mensen lijken een feest voor morgen voor te bereiden. Stoelen plaatsen, microfonen en luidsprekers installeren. Het felle licht glijdt snel voorbij over het Ourthewater. Alsof mijn motorhuis een boot wordt, meegesleurd op de onheilspellende maar verlokkende stroom. Drijvende waterranonkels, heen en weergaand, beleven de onvermoeibare energie van de rivier. Altijd weer dezelfde beweging, eindeloos, eeuwig, alleen en een.

Wéris in de winter

Achter de kerk van Weris, het menhirdorp, sta ik klaar voor mijn klassieke winterwandeling. Mijn kruiden/druidenwandeling zoals ik mijn studenten onbewust gemaild had. Resten rotsen van lang vervlogen tijden bekijken en resten van planten van vorig jaar. Witte menhirs, zwarte dolmens en duivelsbed en bruine plantenresten van sint janskruid, brandnetel, kaardenbol en valse salie. Resten, relicten waar we ons verstand en vooral ons gevoel op kunnen loslaten. Een plaats en plantjes die tot de verbeelding spreken en verwarring veroorzaken. Blaadjes van sint Janskruid met zwarte stippen, gaatjes waar ooit de duivel zijn tanden in heeft gezet. Valse salie, die de echte gezonde salie wil nabootsen om ons op een dwaalspoor te brengen. Nagelkruid, die in zijn natte, koude wortel de droge hitte van de tropische kruidnagel verbergt en oude appelbomen die zich tooien met het jonge lentegroen van de magische maretak. Eeuwig groen vinden we nu nog op de de natte conglomeraatrotsen in de menhirgroeve: mossen, eikvaren en steenbreekvaren geheimzinnig in de donkerte groeiend. Wat voor betekenis is er nog steeds verborgen in deze en andere onooglijke plantjes, die we nu letterlijk met de voeten treden?

Eikvaren of Polypodium vulgare

Eikvaren is zo’n plantje, dat ons al een deel van zijn medicinale geheimen verklapt heeft. De wortelstok heeft een goede galdrijvende werking en werkt daardoor licht laxerend. De Franse Dr. Leclerc geeft ons het volgende recept voor galpatienten met chronische constipatie: 100 gram verse wortels 10 minuten koken en 12 uur laten trekken in 1 liter water, aromatiseren met wat venkel-en engelwortelzaadjes, en hiervan nuchter een kopje per dag drinken. Vroeger werd de wortelstok vooral door de boeren tegen hoest en verkoudheid gebruikt. In dat opzicht heeft hij mogelijk een gelijkaardige werking als zoethout. In Frankrijk werd hij ook Réglisse sauvage, Wild zoethout genoemd, vooral ook omdat de wortels een zoete smaak hebben.

Een andere merkwaardige Franse naam voor de plant is ‘herbe de gagne’ (mijn vrije vertaling: winstwortel). De wortel, vooral als hij van de eik afkomstig is, als amulet gedragen, bracht geldelijk geluk (loterijwortel). En dat is nog niet alles! Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat de wortel ecdy-steroïden oa polypodine bevat. Bijzondere stoffen met hormonale, mogelijk anabole werking. Dus niet te verwonderen dat je de plant nu terug vind in wat dubieuze potentieverhogende middelen samen met Epimediumsoorten. Wie had dat ooit verwacht. Onze Eikvaren als aphrodisiacum.

Dodoens over Eikvaren of Boomvaren

Dit cruyt wordt gheheeten in Griecx Polypodion. In Latijn Filicula en Polypodium. In Hoochduytsch Engelsusz Baumfarn/ en Dropffwurtz. In Neerduytsch Boomvaren ende van sommighen Eyckenvaren. In Franchois Polypode.Voor een plant, die nu nauwelijks nog gebruikt word zijn de’ Cracht ende werckinghe’ zoals dat in de 16de eeuw zo mooi gezegd werd, bijzonder groot. Die wortel van Boomvaren verweckt tot camerganck ende iaecht af die swaere melancholieuse vochticheden ende die taeye fluymen ende es seer goet tseghen dat colica/ dat es weedom in den buyck/ verhertheyt ende verstoptheyt van der milte/ ende tot die vierdedaechse cortsen sonderlinghe als zy met Epithymum (Warkruid?) inghenomen wordt.

De voor mij meest merkwaardige toepassing van ‘Boomvaren’ bij Dodoens is het gebruik tegen neuspoliepen. Het ‘verteert ende doet sceyden dat overvloedich quaet vleesch dat in die gaten van den nuese wast Polypus gheheeten alsmense ghepoedert dicwils in die neuse doet’.Als je dan nagaat dat de naam van de plant en de naam van de kwaal, Polypodium en Polypus, bijna dezelfde zijn, mag ik mij toch wel wat verwonderen. Is het dan ook werkelijk goed tegen neuspoliepen? We hebben zo weer wat te onderzoeken.

De gewone eikvaren is een laagblijvende plant met ’s winters groen blijvende bladeren. De bladeren zijn dof donkergroen en enkel naar de top toe spits. Hij verkiest meestal beschaduwde,hellende stukjes om op te groeien, holle wegen, grachtranden, taluds, muren en eiken ... Wat een saaie botanische beschrijving van een ordinair wild plantje, maar wat een wereld van betekenis!

Meer over eikvaren. https://sites.google.com/site/kruidwis/planten-van-a-tot-z/polypodium-vulgare-eikvaren