Op weekendtrip met de kids? Ja, elke vrijdag ... naar de voedselbank.


Ooit genoot ze dagelijks van champagne en bezat ze meerdere woningen.

Nu gaat ze wekelijks naar de voedselbank door jarenlange vechtscheiding met een narcist.

Hoe ver kan destructie gaan?  


Armoede in Vlaanderen

Het kan iedereen overkomen, ook jou.

Dit is het verhaal van Marieke:


Ik ben een alleenstaande mama en woon in De Klinge.

Mijn verleden kan ik heel kort omschrijven:

Ik heb een diploma Hoger onderwijs.

Ik heb heel lang een voltijdse job gecombineerd met een zelfstandig bijberoep.

Later werd ik zelfstandige in hoofdberoep omdat mijn passie lag bij mijn bijberoep, ook al verdiende ik als kaderlid heel goed mijn boterham.

Ik heb mij in mijn hoge functie vaak geërgerd aan de luxe in de bedrijfswereld, een meeting waarin een fles champagne gekraakt werd, je een glaasje meedrinkt met een klant en de rest van de fles uitgekiept werd in de gootsteen.

Ik had vaak zin om die restjes mee te nemen en aan minderbedeelden te schenken, maar zoiets doe je niet in die branche.

Vaak dacht ik aan al die mensen en kindjes in Afrika die honger moesten lijden.

Ik heb altijd al een groot hart gehad. Heel lang geleden hielp ik een alleenstaande mama die geen eten had noch voor zichzelf, noch voor haar 4 kindjes.

Ik bracht haar met mijn wagen regelmatig naar het OCMW zodat zij een voedselpakket kon ophalen.

Ik kocht voor mezelf een nieuwe wasmachine en droogkast en schonk mijn oude gratis aan haar zodat ze de bergen was van haar kinderen niet meer in de wasserette moest doen.

Ik kocht in de winter sinaasappelen zodat haar kindjes een betere weerstand zouden hebben en niet ziek zouden worden. 

Tien jaar geleden nam ik een man zonder job en zonder huisvesting in mijn huis en hielp die.

Ik bezorgde hem een wagen en een vaste job.

Ik kreeg vrij snel een vaste relatie met hem die eindigde in de geboorte van mijn enige kind, iets waar ik jarenlang naar uitgekeken had.

Ik dacht dat ik met die man een ‘lot uit de loterij’ getrokken had, want in het begin was alles koek en ei tussen ons.

Tot bleek dat hij niet de ware Jacob was.

Hij werd uiteindelijk de gezinswoning uitgezet na jarenlang intra-familiaal geweld.

En ik… ik bleef achter met een invaliditeit van meer dan 66%.

Ik ben door deze man alles kwijtgeraakt, mijn goedgevulde spaarboeken, 2 eigen woningen, mijn financiële zekerheid…

Tot dit jaar maakte ik het vrij goed, doch zit nog steeds in een vechtscheiding en mijn ex is nog steeds heel rancuneus.

Door een gemene zet van hem ben ik compleet in de armoede beland, ik moet momenteel rondkomen met een gemiddeld inkomen van 1004 euro per maand waarvan ik maandelijks 600 euro huishuur en 218 euro energie moet betalen.

Voor medicijnen, voedsel en verzorging is er geen geld meer.

Tussen februari en juli 2016 lichtte ik 1 enkele vriend in die me hielp waar hij kon, de ene keer wat aardappelen, de andere keer wat brood, wat vlees, ….

Ik durfde dit verder aan niemand vertellen, ik schaamde mij voor mijn eigen buren.

In juli 2016 belandde ik compleet ondervoed 4 dagen in een klooster waar ik mocht eten zoveel ik wilde.

Daarna ging het snel.

De plaatselijke pastoor bezorgde mij mijn eerste voedselpakket.

Daarna kwam snel een 2e pakket van de welzijnsschakels, een groep hulpverleners waarvan ik nog nooit gehoord had.

Van hen kreeg ik ook een verzorgingspakket.

Net op tijd, want ik begon te snappen waarom in openbare gelegenheden er geen rollen wc-papier meer voor het grijpen liggen.

De volgende stap was het OCMW, het OCMW van Sint-Gillis-Waas waar ik voorheen niet naartoe durfde te stappen, want een personeelslid daar kent mij uit betere tijden.

Op dinsdag 4 oktober 2016 maakte ik voor de eerste keer kennis met de voedselbank.

Ik had al eens gegoogled wat het inhield en had gelezen:

“Mensen kunnen hier hun karretje vullen”, maar vroeg me af: “wat houdt dit juist in”?

Kan je daar rondrijden zoals in de supermarkt en meenemen wat je wil?

Of staan de zakken klaar?

Toen ik er aankwam wilde ik onmiddellijk rechtsomkeert maken.

Ik schaamde me dood, was bang er iemand tegen te komen die me kende.

Maar ik moest me kranig houden, zowel het O.C.M.W. als de welzijnsschakels hadden alle voorbereidingen gedaan en de nodige documenten geregeld.

En mijn kindje, die had recht op eten, zijn mama moest deze schaamte voorbijraken…

Eens binnen richtte ik me tot de verantwoordelijke.


Mijn ogen schoten vol tranen toen ik zei:

“Het is de eerste keer, ik weet nog niet hoe het werkt”.



De hulpverlener troostte met een vriendelijk woord.

Ik kreeg een briefje met mijn nummer op, nr. 18.

De voedselverdeling was nog maar 15 minuten bezig !!!

Hoe kon ik nummer 18 hebben in een kleine gemeenschap als De Klinge?

Dit is toch Gent, Brussel of Antwerpen niet?

Een andere alleenstaande mama ontfermde zich over mij en zei: “Toen ik hier de eerste maal toekwam weende ik ook en toen ik even later terug naar buiten ging lachte ik, als dat een troost voor jou kan zijn, … “.

Ik keek stomverbaasd in het rond.

Ik had verwacht dat mijn lotgenoten stuk voor stuk onverzorgd zouden zijn en er slonzig gekleed zouden bijlopen.

Dat ik er uit de toon zou vallen met mijn klasse die ik nog steeds meedraag.

Ik zag het omgekeerde:

Iedereen was netjes gekleed, proper verzorgd, de dames waren opgemaakt, de kindjes liepen er proper bij.

Ik snapte vrij snel hoe dat kon.

Want ik kreeg zelf opeens toegang tot betaalbare rekken met kinderkledij, wat voor mij de afgelopen maanden zelfs in de kringloopwinkels te duur geworden was.

Eens buiten schrok ik, zoveel voedsel mee naar huis waarvan de houdbaarheidsdatum vervallen is.

Voedsel dat ik vroeger in de supermarkt weigerde te kopen in snelverkoop.

Melk die 2 maanden over tijd is…

Hoe kan je daar nog een deftige maaltijd mee bereiden?

Intussen zijn we al een jaar verder.

Ik heb de uitdaging van mijn leven meegemaakt.

Ik ben altijd al heel creatief geweest in de keuken.

Niet alleen mijn eigen kind, maar ook mijn stiefkinderen die destijds in luxe en weelde leefden werden er door mij op gewezen dat voedsel niet mag verspild worden, dat er kindjes zijn in Afrika die geen eten hebben. Ik maakte vroeger steeds ovenschotels met de restjes van de voorbije week.

Ik heb een jaar heel inventief gekookt, bordjes mooi versierd, er het beste van gemaakt.

Gedaan alsof ik in een sterrenrestaurant werkte en de klanten iets lekkers moest serveren. 

De klanten waren ikzelf en mijn kind en we hebben ondanks alles nog recht op waardigheid.

Ooit raken we hier uit.

Ooit komt er een dag dat deze vrijwilligers iemand anders nieuw die wenend binnenkomt mogen helpen. 


Vandaag besef ik 1 ding heel goed: we zetten ons allemaal veel te weinig in voor de maatschappij, we leven in luxe, jachtig, we weten zelfs niet wie onze eigen buren zijn, want ik ben 1 van jouw buren, je loopt me elke dag voorbij en je weet het niet van mij.

En ik wist het in het verleden niet van jou.

Want het kan iedereen overkomen, ook jou!!!

Armoede zit spijtig genoeg veel dichter bij huis dan de beelden die we kennen uit Afrika.

Marieke

Nationaliteit: Belg 


Tekst: Mieke Van Liefde

Foto’s: Pixabay

Separator winkelwagentje: De Knutseljuf Ede


Noot:

Marieke is een pseudoniem.

‘De Klinge’ is niet het dorpje waar de vrouw in kwestie momenteel woont.

Zij wenst onbekend te blijven. 

De armoede van deze vrouw komt voort uit een vechtscheiding met een destructief man en blunders van justitie die niet de slachtoffers, maar de daders ondersteunen.   


Wil jij jouw verhaal delen of  gratis advies krijgen? 

Of wil je mij gewoon volgen?  

Klik hier:  Aanmelden