Wat is Valentijnsdag?


Valentijnsdag


Valentijnsdag is een dag waarop geliefden elkaar extra aandacht geven met cadeautjes, bloemen, of kaarten. Valentijnsdag wordt gevierd op 14 februari. Paus Gelasius I riep in 496 14 februari uit tot de dag van de Heilige Valentijn.

Commercie

In de Verenigde Staten is men, uit commercieel oogpunt, begonnen met het verleggen van de nadruk van anonieme liefde naar liefde. Valentijnsdag is in België en Nederland in korte tijd, sinds midden jaren 90, een groot commercieel succes geworden: cadeauwinkels, boekwinkels, lingeriewinkels en bloemenwinkels profiteren hiervan. Ook de Nederlandse posterijen deden hieraan mee, door een valentijnspostzegel uit te geven. In 2007 deed 35 procent van de Nederlanders iets aan Valentijnsdag, in 2011 was dat gedaald tot 29 procent en in 2012 tot 24 procent.

Historische achtergrond


Valentijnsdag valt samen met de feestdag van twee christelijke martelaren met de naam Valentinus. De gewoonten die met de dag in verband staan hebben echter niets van doen met het leven van deze heiligen. Er bestaan verschillende heilige martelaren met de naam Sint-Valentijn. Eén was priester in Rome, een ander was bisschop van Terni. Beiden werden in de 3e eeuw ter dood gebracht. Mogelijk gaat het hier om dezelfde persoon. Over Sint-Valentijn is geen enkel biografisch gegeven bekend.

In de 18e eeuw werd geopperd dat het Valentijnsfeest op 14 februari is ingesteld om de oude Lupercalia, een Romeins (en wellicht nog ouder) vruchtbaarheidsfeest, te vervangen. Lupercalia werd op 15 februari gevierd ter ere van Juno, de Romeinse beschermgodin van de vrouw en het huwelijk, en Pan, de god van de natuur.[2] Voor de Romeinen was dit destijds een belangrijk feest. Volgens het verhaal werden de namen van ongehuwde jonge vrouwen in een grote kom gegooid. Ongehuwde mannen mochten dan om de beurt een naam trekken. Tijdens het feest waren de twee jonge mensen die aan elkaar gekoppeld werden elkaars partner. In 496 verbood paus Gelasius dit heidense feest. Er is echter geen verband tussen de afschaffing van de Lupercalia en het ontstaan van de Valentijnsdag.

Legenden over Valentijn komen voor in de Legenda aurea, maar het Valentijnsfeest van de romantische liefde, zoals dat tegenwoordig gevierd wordt, dankt zijn ontstaan aan Geoffrey Chaucer, die in zijn gedicht Parliament of Fowls (1380-1382) deze versregels schreef:

For this was on seynt Volantynys day Whan euery bryd comyth there to chese his make

'Want dit was op Sint-Valentijnsdag Als elke vogel daar zijn maatje komt kiezen'

Legenden


Valentijnskaart uit 1909


Sint-Valentijn van Terni en zijn volgelingen

Volgens de versie van de Legenda aurea werd Sint-Valentijn om zijn geloof vervolgd en persoonlijk ondervraagd door de Romeinse keizer Claudius II. Claudius was onder de indruk van Valentijn en probeerde hem onder doodsbedreigingen over te halen tot het heidense geloof van de Romeinen. Valentijn weigerde en probeerde zelfs Claudius te bekeren tot het christendom, waarna hij veroordeeld werd tot de dood. Vlak voor zijn executie zou hij een wonder verricht hebben, door de blinde dochter van zijn cipier te helen.

Aangezien de Legenda aurea geen verband heeft met sentimentele liefde, is er in moderne tijden een portret van Valentijn gefabriceerd, dat hem weergeeft als een priester die weigerde een tot op heden onbekende wet van Claudius II, die het jonge mannen verbood te trouwen, uit te voeren. De keizer zou dit gedaan hebben om zijn leger te verbeteren, in de veronderstelling dat getrouwde mannen slechtere soldaten waren. De priester Valentijn voerde echter in het geheim de trouwplechtigheden uit. Toen Claudius hierachter kwam, liet hij Valentijn arresteren.

Een andere moderne verfraaiing van de gouden legende wordt verzorgd door History.com, die vele malen herhaald is, echter zonder enige historische basis. In de avond voor hij geëxecuteerd zou worden, schreef Valentijn zelf de eerste "valentijnskaart", geadresseerd aan de blinde dochter van de cipier Asterius, getekend "Van jouw Valentijn". Toen de dochter de brief ontving, kon ze weer zien en het briefje lezen.

Bron Wikipedia

signup

Word lid en beloon de maker en jezelf!

A little about me!
Hello, I'm Marianny De Los Angeles but everyone tells me Anny, I'm 21 years old, currently living in Venezuela. I like fun, walking, going to the movies, dancing, singing, eating and reading. Here you will show them my hobbies, interests, traditions, moments of my day to day. I hope, on the other hand, to learn from different cultures. Thank you for welcoming to this community! #iamnewhere  
Comment and receive 25 YP 25
Enigmas Of The Universe Can Never Be Unraveled.
#nonfiction After remaining unemployed for some time, I got a job with Punjab State Civil Supplies Corporation (PUNSUP) - a state government organization - albeit on contract basis. I served this organization for about five years. My first posting was in Ludhiana which also happens to be my birthplace. At the Ludhiana Office, I became friends with Pardeep, who was also a new recruit like me. Ram Mehar was a small tea vendor at some distance from the Office. I, along with Pardeep, would visit Ram Mehar's kiosk invariably during the lunch time to have a refreshing cup of ginger, tulsi and cinnamon tea. Ram Mehar knew that I liked less sugar, so he would prepare my tea separately. Soon he became chummy, often discussed his family problems with me. After six months, I was transferred back to the Head Office, Chandigarh where I was deputed in the Accounts & Audit Branch. One day, while taking a stroll in Sector 34 during lunch time, I was astonished to find Ram Mehar in the market. Surprisingly I asked, "Ram Mehar, what are you doing here?" "Sahib ji, it's nice to see you again after a while. Sahib ji, I'm planning to shift to Chandigarh. So I'm looking for a suitable shop." he said, joyously.   "Good, let me know if you need any help." I said, started returning to my office. Next day, Pardeep came from Ludhiana to the Head Office, for some official work. He met me, we had lunch together. After the lunch, I told him about my meeting with Ram Mehar. He looked at me with startled eyes and said, "You must be joking. Don't you know that Ram Mehar died of heart attack last month!" For some days, I remained in a stupefied state. After recovering a bit from the shock, I wrote a letter to my Guru ji, telling him about the  incident. H.H. Swami Chinmayananda ji wrote back, "Son, there is nothing unusual about the incident that you have mentioned. The countless enigmas of this universe can never be unraveled, however hard the material sciences may try. The ways of the Lord are inscrutable. Son, just look around yourself. Innumerable, inanimate lumps of dirt are laughing, crying, eating, procreating. Can't you see this biggest of all miracles!" ~ Sanjay Gargish ~