Geschreven door Thierry P. Dinjens 


Laten we het eens hebben over een verschijnsel dat we geregeld zien in het Leijpark en waar we geen hoge dunk van hebben. In het gras en struikgewas zien we spinnenwebben, maar niet die mooie fraaie ronde webben die we zo fraai in de herfst zien, soms nog vol druppels, al dan niet bevroren. Nee, deze webben lijken een ratjetoe met allerlei draden schijnbaar door elkaar lopend. Dit zijn de zogeheten wirwarwebben.
Hoe wanordelijk deze webben, als je ze zo mag noemen, ook lijken, er zit een vernuftige gedachte achter. Die hele wirwar van draden is eigenlijk een galg van spinrag, een ophangconstructie zo u wilt. Net als aan een galg hangt er aan het wirwarweb een draad, of beter: meerdere draden. Deze hangen tot op de grond en onderaan zit een klein druppeltje kleefstof. Een insect dat in het web terechtkomt en naar beneden kukelt zal daar vroeg of laat tegen een draad aanlopen. Deze draad plakt aan het insect vast en al wurmend om los te komen, schiet de raad ineens omhoog en trekt het insect mee. Zo komt het onfortuinlijke insect letter aan het web te hangen, zoals vroeger de misdadiger aan de galg hing. Nu hoeft de maker van het wirwarweb de prooi alleen nog maar binnen te hengelen.
Maar wie is die maker dan? Er zijn meerdere mogelijkheden, maar de vervaardiger van het wirwarweb dat we aantroffen in het Leijpark, is de Slanke kogelspin.
Kogelspinnen hebben een kogelvormig achterlijf en de Slanke kogelspin is hooguit 3 millimeter groot. Haar geringe grootte noopt haar ertoe kleine prooien te vangen en die zijn er genoeg; alleen al aan bladluizen kan zij haar buikje meer dan rond eten. En bladluizen komen voor op vrijwel alle planten die zachte bladeren hebben, dus dat zit wel goed.
Op een goede dag kunnen we in lage struiken wel honderden wirwarwebben vinden, zoveel kogelspinnetjes bestaan naast elkaar in het Leijpark. Dat kan omdat er zoveel voedsel voorradig is. Nu weten we niet zo heel veel van deze spin, maar wel dat zij behoort tot de zogeheten kaardespinnen. Een kaarde is een wolkam, een kam om ruwe wol mee te kammen. Op de achterpoten van de Slanke kogelspin zijn ook een soort kammen aanwezig waarmee de spin haar zijden draden kamt. Zo worden en blijven de draden mooi glad en kan zij haar wirwarwebben spinnen. Voor ons een zootje, voor haar een ingenieus systeem waarmee ze voorziet in haar levensbehoeften. In het Leijpark is niets wat het lijkt. De Slanke kogelspin is hier het zoveelste levende bewijs van!

Slanke kogelspin