Telefonofobie: Als-ie maar niet over gaat...


Wanneer je angst hebt voor telefoneren (telefonofobie), kan dat serieuze gevolgen voor de kwaliteit van je leven hebben. Familierelaties kunnen erdoor verstoord worden, vrienden haken af omdat ze niets van je horen, die leuke baan gaat aan je neus voorbij omdat je niet durfde te bellen en als je kind op school een ongelukje krijgt, is de kans groot dat jij dat veel te laat te horen krijgt, met alle gevolgen vandien.  Herkenbaar?  


Doe de check

Natuurlijk hebben we allemaal wel eens tegenzin om te bellen, maar daarmee kun je nog niet meteen van een fobie spreken. Daar komt echt wel wat meer bij om de hoek kijken.


Als je voorafgaand aan een telefoongesprek...

      • zenuwachtig of onrustig bent
      • uitstelgedrag vertoont
      • twijfelt of je wel gelegen belt
      • bezorgd bent of je wel het goede zult zeggen
      • eindeloos nadenkt over wat de ander zal gaan zeggen
      • bang bent dat je slecht nieuws zult krijgen

Als je tijdens een telefoongesprek....

      • je hart sneller voelt kloppen
      • hevig transpireert
      • moeite hebt je te concentreren
      • struikelt over je woorden
      • de helft niet zegt van wat je je had voorgenomen

Als je na afloop van een telefoongesprek...

      • extreem opgelucht bent
      • hoopt dat het bij dit ene telefoontje blijft
      • eindeloos blijft malen over wat er precies is gezegd

...dan kun je er gerust vanuit gaan dat je, net als ik, lijdt aan telefonofobie. Een angststoornis in het sociale spectrum waarin we, voor wat het waard is, volgens internet niet alleen staan.


Praten kan toch iedereen?

In onze samenleving, waarin de mobiele telefoon niet meer weg is te denken, komt telefonofobie bijzonder slecht van pas. Wij telefonofoben worden voortdurend blootgesteld aan een omgeving die juist telefonomanie lijkt te hebben: waar je ook kijkt, de wereld belt en kwettert er lustig op los.  Bellen en gebeld worden lijkt voor iedereen om ons heen de normaalste zaak van de wereld, en een deel lijkt er zelfs plezier aan te beleven. Over het algemeen krijgen we dan ook weinig begrip voor onze niet zo trendy fobie. Vaak kunnen we zelf niets eens uitleggen waarom we zo moeilijk doen over telefoneren, en het is goed beschouwd dus niet zo gek dat anderen het niet begrijpen.



Telefonofobie kan een van de tekenen zijn dat je moeite hebt met sociale interacties in het algemeen. Ben je vaak bang het verkeerde te zeggen in sociale situaties? Maak je je zorgen over hoe je overkomt op anderen? Heb je onzekerheden over jezelf in de breedste zin van het woord? Als je deze vragen met 'ja' kunt beantwoorden, zou dat wel eens een logische verklaring kunnen zijn voor je angst om aan de telefoon te spreken.

Minder begrijpelijk is het echter, wanneer je verder volkomen sociaal vaardig bent, moeiteloos een spontaan praatje met een wildvreemde maakt en jezelf prima duidelijk kunt maken in iedere andere situatie. Wat is er dan toch zo lastig aan praten in een telefoon?


De mens lijdt het meest onder het lijden dat hij vreest..

Uit verschillende onderzoeken waarvan ik op internet het resultaat las, blijkt dat telefonofobie een heel scala aan angsten teweeg brengt:


  • Angst om niet begrepen te worden
  • Angst om niet uit je woorden te komen
  • Angst om ongelegen te bellen
  • Angst om te 'bevriezen'
  • Angst om het antwoord niet te weten
  • Angst om het verkeerde te zeggen
  • Angst om verkeerd over te komen



Puttend uit eigen ervaring, kan ik er met gemak een aantal aan toevoegen:
    • Angst om de ander te vervelen
    • Angst om teveel bloot te geven
    • Angst om kostbare tijd te verliezen
    • Angst dat de ander mijn belstem net zo vervelend vindt als ikzelf
Angst is een onprettige sensatie. Wanneer wij mensen angst ervaren, willen we niets liever dan dat iemand deze zo snel mogelijk weer bij ons wegneemt. En daar zit hem naar mijn idee nu juist de knel...

Het belang van lichaamstaal


In fysieke contactsituaties kunnen we uit de lichaamstaal van de ander een schat aan informatie ophalen. De houding van onze gesprekspartner verraadt of we serieus worden genomen of juist niet, of we de ander interesseren of misschien juist vervelen. Ook geeft de uitstraling van de ander een goede indicatie over de mate waarin we openhartig kunnen zijn en hoeveel tijd we kunnen  nemen voor ons verhaal. En, niet onbelangrijk, of we aardig worden gevonden. Informatie die erg nuttig kan zijn wanneer je daar zelf niet zeker van bent.

Wie zich een beetje bekwaamt in het lezen van lichaamstaal, vindt daarin alle benodigde handvatten om een gesprek bij te sturen waar nodig. Zodat het contact voor beiden een prettige ervaring is en informatie vrij van ruis wordt uitgewisseld.

Wanneer we even stil zijn om verkregen informatie te verwerken, of om over een antwoord na te denken, kijkt onze gesprekspartner niet vreemd op en loopt niet weg.

 Telefoneren: communiceren zonder handvatten

Bellen is een vorm van communiceren waarbij het non-verbale aspect volledig ontbreekt. Het enige referentiekader is het - soms onbekende - stemgeluid van de ander en dat is voor iemand met telefoonangst toch echt te mager. Immers, de kans dat de stem aan de andere kant van de lijn je zodanig geruststelt dat al je angsten als sneeuw voor de zon verdwijnen, is uitermate klein. Onze gesprekspartner weet over het algemeen niets van onze fobie en houdt daar dus ook geen rekening mee. Zo kan een adempauze voor een telefonofoob voelen als een minutenlange stilte, terwijl onze gesprekspartner een korte stilte niet eens opmerkt en ons dus ook niet op ons gemak zal stellen.

Wanneer onze angst niet wordt weggenomen, worden we bevestigd in waar we al bang voor waren en zo voeden we natuurlijk onze eigen fobie.


Verandering begint bij je omgeving!

Op internet circuleren allerlei adviezen om van je telefoonangst af te komen. Van eenvoudige tips tot aanbiedingen voor cognitieve gedragstherapieën; allemaal zijn ze erop gericht ons van deze (a-)sociale fobie af te helpen. Oefen met vrienden! Schrijf op wat je wilt zeggen! Ga dwars door je angsten heen! Het moge duidelijk zijn, bang zijn om te bellen is 'not done'.

Als je telefonofobie dusdanige vormen aannneemt dat het je leven gaat beheersen, is het misschien tijd om er iets aan te doen. En waarom niet beginnen bij je omgeving?

Zet de eerste stap

Wees eens volkomen eerlijk en vertel je omgeving dat je echt liever mailt, appt of even langskomt. De kans is groot dat je wordt aangekeken alsof je van de maan komt, maar het scheelt je gegarandeerd de helft aan telefoontjes. Geen mens belt immers graag iemand op die daar helemaal geen zin in heeft.

Bedrijven, instanties en minder goede bekenden kun je voor zijn, door ze uit eigen initiatief te mailen of ze een berichtje te sturen via sociale media. Als je er meer energie in wilt steken, kun je zelfs een briefje in de bus gooien. Wanneer je daar dan niet je telefoonnummer, maar wél je mailadres op achterlaat, zul je ook door hen minder snel worden gebeld.

Voicemail kan een uitkomst bieden in sommige gevallen, maar over het algemeen  maakt het de ellende alleen maar groter. "Spreek je boodschap in na de piep en ik bel je zo spoedig mogelijk terug", is natuurlijk vragen om problemen. Voor je het weet staat je inbox vol met berichten van mensen die je dringend terug moet bellen, en wat dan? Zet je voicemail zo strategisch mogelijk in: spreek in dat je telefonisch meestal slecht bereikbaar bent, maar dat je regelmatig je mail en whatsapp checkt.



Steek uit je nek met je gebrek

Hoewel ik de eerste ben om toe te geven dat telefonofobie erg onpraktisch kan zijn, heb ik in de loop der jaren geleerd mijn aandoening te koesteren. Het feit dat ik hemel en aarde beweeg om onder iets alledaags als telefoneren uit te komen, heeft mij bij sommigen de status van excentriekeling opgeleverd. Ik vind dat niet erg, sterker nog, het geeft mij de ruimte die ik nodig heb om te doen wat ik leuk vind. Er zijn maar weinig mensen die mij nog bellen en ik vind het heerlijk! Bovendien heeft het een natuurlijk filter gecreëerd; mijn fobie heeft velen weggejaagd en alleen diegenen die echt iets voor mij betekenen zijn overgebleven.

In plaats van bellen doe ik het zoveel mogelijk schrijvend af. Maar ook ik moet af en toe een telefoontje plegen, als het ècht niet anders kan. Zo ook gisteren, toen ik een instantie moest bellen om een afspraak te maken. Tegen de middag had ik voldoende moed verzameld het telefoongesprek aan te gaan. Natuurlijk was de persoon die ik wilde spreken niet aanwezig en jahoor, daar kwam het: "Mag hij u terugbellen?" Zodra ik mijn hartslag onder controle had, antwoordde ik dat dat niet nodig was en dat ik vandaag zou terugbellen. Of ik dat ook daadwerkelijk doe, kan ik nu nog niet inschatten. Misschien stuur ik wel een mailtje...

Tot schrijfs!

Sandy


Een link naar mijn andere Yoors blogs vind je hier

More